De kleine blonde dood (film)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De kleine blonde dood
Regie Jean van de Velde
Producent Rob Houwer
Marja Venema
Scenario Boudewijn Büch (boek)
Jean van de Velde
Rob Houwer
Hoofdrollen Antonie Kamerling
Olivier Tuinier
Loes Wouterson
Muziek Jurre Haanstra
Roy Kuschel
Toots Thielemans
Montage Victorine Habets
Distributie Concorde Film
Première 11 maart 1993
Genre Drama
Speelduur 95 minuten
Taal Nederlands
Land Vlag van Nederland Nederland
(en) IMDb-profiel
Portaal  Portaalicoon   Film

De kleine blonde dood is een Nederlandse film uit 1993 van Jean van de Velde met in de hoofdrollen Anthonie Kamerling en Olivier Tuinier.

Het scenario van Jean van de Velde en Rob Houwer is gebaseerd op het gelijknamige boek van Boudewijn Büch uit 1985. De film was een succes in de bioscopen. Er kwamen 358.383 bezoekers in de bioscoop en de film bracht 1.935.929 euro op.[1] De kleine blonde dood won in 1993 een Gouden Kalf voor beste lange speelfilm en hoofdrolspeler Antonie Kamerling werd genomineerd voor een Gouden Kalf als beste acteur.

Verhaal[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Valentijn is dichter. Zijn slechte jeugdervaringen veroorzaakt door zijn tirannieke vader hebben hem onverschillig en egoïstisch gemaakt. Hij leidt een heftig en wild leven waarbij hij maling aan de wereld heeft. Op een nacht heeft hij in een telefooncel seks met Mieke, zijn kleuterjuf van vroeger. Het is een 'one night stand' met grote gevolgen, Mieke raakt zwanger. Tot ongeloof en verrassing van Valentijn, besluit ze het kind, dat ze Mickey noemt, te houden.

Voor Valentijn verandert er aanvankelijk niets. Hij blijft egoïstisch en gaat door met zijn oude leven. Zijn zoontje bezoekt hij alleen als het jochie jarig is. Dan ziet Valentijn dat Mieke Mickey slaat. Voor Valentijn is het alsof de wereld vergaat. Hij neemt zijn kind mee naar huis en probeert een goede vader te zijn. Gevolg is wel dat hij zijn levenswijze moet aanpassen aan Mickey.

Maar Mieke ziet Mickey nog altijd als haar kind. Ze wil hem terug maar Valentijn is vastbesloten om zijn zoon uit de handen van zijn voormalige vriendin te houden. Mieke spant een rechtszaak aan en de juridische strijd om Mickey begint. Allebei doen er ze alles aan om Mickey te houden, waarbij Valentijn hoop heeft dat hij het sterkst staat om zijn zoon te kunnen houden. De band tussen Valentijn en Mickey wordt namelijk steeds sterker. Op een dag wil Mieke haar zoontje mee naar huis nemen om er een gezellig dagje van te maken. Geheel onverwacht valt Mickey echter van de trap, waarna hij in het ziekenhuis belandt. Als blijkt dat Mickey in een coma is geraakt, besluit Valentijn hem uit zijn lijden te verlossen.

Leeswaarschuwing: Eindigt hier.

Rolverdeling[bewerken]

Acteur Personage
Hoofdrollen
Kamerling, Antonie Antonie Kamerling Valentijn Boecke
Tuinier, Olivier Olivier Tuinier Micky
Wouterson, Loes Loes Wouterson Mieke
Bijrollen
Linnebank, Gees Gees Linnebank Vader Boecke
Snoijink, Liz Liz Snoijink Moeder Boecke
Hensel, Yoran Yoran Hensel Jonge Valentijn
Bussemaker, Reinout Reinout Bussemaker Harold
Damme, Ellen ten Ellen ten Damme Dede
Franssen, Porgy Porgy Franssen Arts in ziekenhuis
Kamperveen, Helen Helen Kamperveen Lucy de Jong
Ree, Willemijn van der Willemijn van der Ree Verpleegster
Elzevier, Ingeborg Ingeborg Elzevier Gynaecoloog
Teves, Pamela Pamela Teves Juffrouw van Dalen
Ooms, Johan Johan Ooms Uitgever
Lennep, Gerard van Gerard van Lennep Uitgever
Paans, Maartje Maartje Paans Elleke
Leendertse, Hans Hans Leendertse Politieagent

Scenario[bewerken]

Producent Rob Houwer was direct gegrepen door het boek De kleine blonde dood uit 1985. Nog geen week na het verschijnen kocht hij de filmrechten van auteur Boudewijn Büch, deze wilde het filmscenario echter niet schrijven en had ook geen belangstelling voor eventuele bewerkingen van zijn boek door anderen. Houwer legde het boek voor aan diverse scenaristen, maar een bruikbaar scenario bleef uit. Totdat Jean van de Velde met kerst 1988 het verzoek kreeg het scenario te schrijven. Van de Velde las het boek en hoewel hij het geen briljant geschreven boek vond, was hij wel onder de indruk van direct weergegeven emoties. Hij schreef een brief aan Houwer waarin hij beschreef waar het boek volgens hem inhield. Houwer was enthousiast en Van de Velde begon aan het scenario. Het enige commentaar van Büch was dat hij niets met de bewerking te maken wilde hebben, alleen dat de vader uit het boek geen NSB'er mocht worden. Van de Velde wijzigde het verhaal wel. Zo worden alle jeugdherinneringen niet als flashback weergegeven, maar vat hij die samen in de eerste acht minuten van de film. De rest van de film speelt in het heden. Voor Van de Velde was het belangrijker om de aandacht te vestigen op de ontwikkeling van Valentijn van nietsnut tot vader.

Achtergrond[bewerken]

Jean van de Velde richt zich in de film meer op de ontwikkeling van Valentijn, een dichter die leeft zonder God of gebod en binnen een dag een echte vader moet worden. Voor die ontwikkeling is wel van belang om te laten zien hoe Valentijn aanvankelijk zo kon ontsporen. Van de Velde concentreert die jeugdherinneringen in de eerste acht minuten van de film. De vader van Valentijn is door zijn ervaringen in Tweede Wereldoorlog beschadigd geraakt en diens waanzin overschaduwt het gezin. De band tussen Valentijn en zijn vader is verstoord en heeft als gevolg dat hij zelf geen vader wil worden. Om het verhaal niet te ingewikkeld te maken, heeft Van de Velde de homoseksualiteit van het hoofdpersonage uit het boek weggelaten. De scenarist/regisseur was bang dat het verwarrend zou werken als dit thema ook in de film zou worden opgenomen. Van de Velde koos bewust voor het thema 'vader en zoon', eerst Valentijn en zijn vader en het gebrek aan genegenheid tussen hen en vervolgens Valentijn en Mickey en de keuze voor het vaderschap. Als Valentijn ziet dat zijn zoon wordt mishandeld, verandert hij van een snuivend seksbeest in een vader die zijn zoon alle liefde wil geven. Het is vervolgens dan des te schrijnender dat Mickey zo ongelukkig komt te overlijden. In de Filmkrant van maart 1993 zegt Van de Velde dat het verlies van een kind het ergste is wat een mens kan overkomen. Hij wilde de onhandigheid van Valentijn als een vader in beeld brengen en tegelijk laten zien hoe hij van zijn kind houdt en goed wil maken wat hijzelf als kind tekort kwam. De euthanasie van Mickey vormt het trieste dieptepunt, een ouder die zelf een einde maakt aan het leven van zijn kind.

Acteurs[bewerken]

De keuze voor Antonie Kamerling voor de rol van Valentijn was in 1993 een verrassing. Kamerling was tot dan toe voornamelijk bekend door zijn rol van Peter Kelder in de soapserie Goede Tijden, Slechte Tijden. Met De kleine blonde dood brak Kamerling door als filmacteur. Het was een van zijn beste rollen, waarin hij zijn ervaringen, opgedaan tijdens zijn vroegtijdig onderbroken studie rechten, kon gebruiken. Olivier Tuinier daarentegen was bijna de logische keuze voor de rol van de zevenjarige Mickey. Tuinier had al een acteerpresentatie van formaat neergezet met zijn hoofdrol in de film Het zakmes.

Waar of niet waar?[bewerken]

De roman De kleine blonde dood was het meest succesvolle boek van schrijver/dichter Boudewijn Büch. De auteur verwerkte naar eigen zeggen een belangrijk deel van zijn eigen leven in de roman. Büch vertelde namelijk dat hij een kind had verwekt dat jong was gestorven was. Na de dood van Büch bleek dat de auteur veel zaken uit zijn leven had verzonnen en/of aangedikt. In het boek Boudewijn Büch. Verslag van een mystificatie uit 2004 deed verslaggever Rudie Kagie verslag van een onderzoek naar deze verzinsels. Volgens Kagie was Büch in zijn eigen verhalen gaan geloven. Een van Büchs mystificaties was zijn jong gestorven zoon. Vanaf circa 1970 vertelde hij aan vrienden dat hij een zoontje had. In werkelijkheid maakte Büch in die tijd uitstapjes met het zoontje van een bevriend echtpaar, Boudewijn Iskander Pronk. Later begon het verhaal Büch te benauwen, zeker toen sommige vrienden naar het kind informeerden. Om te voorkomen dat zijn fantasieverhaal werd doorgeprikt, vertelde hij dat het kind op jonge leeftijd was overleden. Büch begon zelf in die nieuwe leugen te geloven en verwerkte de dood van zijn kind in zijn debuutroman De blauwe salon uit 1981 en in de gedichtenbundel Dood kind uit 1982. Het hoogtepunt was echter De kleine blonde dood, waarin hij uitgebreid de dood van zijn verzonnen kind beschrijft. Volgens Kagie leed Büch aan pseudologia phantastica, een ziekelijke vorm van liegen. Mensen die aan deze aandoening lijden, gaan op den duur in hun eigen leugens geloven.

Muziek/gedichten[bewerken]

In het boek speelt de muziek van de Rolling Stones een grote rol. Schrijver Boudewijn Büch was gefascineerd door de zanger van de Stones, Mick Jagger. Voor de film was het gebruik van Stonesmuziek te kostbaar dus zijn in plaats daarvan Harry Muskee & Band en Q 65 te horen. Het hoofdpersonage Valentijn danst in een disco bijvoorbeeld op een housemixversie van The Life I Live van Q 65. Andere muziek is van The Shoes, The Chaplin Band en Toots Thielemans. Componist van de filmmuziek is Jurre Haanstra. Ook komen er fragmenten in de film voor waarin Valentijn gedichten voordraagt van Jules Deelder, zoals Blues on Tuesday uit 1969, hetgeen Büch zelf ook deed.

Prijzen en nominaties[bewerken]

  • Gouden Kalf 1993 voor beste lange speelfilm Antonie Kamerling
  • Nominatie voor een Gouden Kalf 1993 voor beste acteur, Antonie Kamerling
  • Rembrandt Awards-Veronica Blad Publieksprijs voor film en video- (10 maart 1994)
  • Rembrandt voor beste Nederlandse film.

Zie ook[bewerken]

Bronnen[bewerken]

  • Mark Duursma, "Jean van de Velde. Emoties zijn niet het domein van een selecte groep", (De Filmkrant Maart 1993, nr 132)
  • Rudie Kagie, "Boudewijn Büch. Verslag van een mystificatie", 2004
  • Henk van Gelder "Holland Hollywood", 1995
  • Rommy Albers, Jan Baeke, Rob Zeeman, "Film in Nederland", 2004

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. bezoekersstatistieken Nederlandse Film Producenten