Boudewijn Büch

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Boudewijn Büch
Boudewijn Büch in 1994
Boudewijn Büch in 1994
Algemene informatie
Volledige naam Boudewijn Maria Ignatius Büch
Geboren Den Haag, 14 december 1948
Overleden Amsterdam, 23 november 2002
Nationaliteit Nederlands
Beroep Auteur, dichter, televisiepresentator

Boudewijn Maria Ignatius Büch (Den Haag, 14 december 1948Amsterdam, 23 november 2002) was een Nederlandse dichter, schrijver en televisiepresentator.

De kleine blonde dood (1985) was zonder twijfel Büchs succesvolste werk. Sinds 1985 zijn er van het boek meer dan dertig drukken verschenen. De roman werd in 1993 verfilmd door Jean van de Velde. Als televisiepresentator maakte Büch diverse programma's over literatuur, en reisprogramma's onder de titel De Wereld Van Boudewijn Büch.

Boudewijn Büch overleed op 23 november 2002 op 53-jarige leeftijd in zijn huis in Amsterdam aan een hartstilstand.

Inhoud

Levensloop [bewerken]

Jeugd [bewerken]

Boudewijn Büch werd geboren in Den Haag in de Bethlehemkliniek en groeide op in Wassenaar in een katholiek gezin met vijf broers. Zijn ouders scheidden in 1963. Zowel Boudewijn als zijn broers herinnerden zich hun vader later als een tirannieke persoonlijkheid; het huwelijk van zijn ouders was volgens Boudewijn nooit zeer gelukkig geweest.[1] Büchs moeder was van Italiaans-joodse afkomst; zijn vader was eveneens van joodse afkomst - het echtpaar was na het einde van de Tweede Wereldoorlog de assimilatie door middel van bekering tot het katholicisme toegedaan. Ondanks de gezinsproblemen, die door de oorlogstrauma's van zijn vader veroorzaakt waren, had Boudewijn als klein kind altijd een innige band met zijn vader.[2]

Büchs schoolopleiding verliep niet voorspoedig. Hij bracht enige jaren door op het gymnasium (Bonaventura College in Leiden) en op de hbs maar eindigde zijn schoolcarrière met een mulo-diploma. Vanwege zijn dramatische ontwikkelingen vertrouwden zijn ouders de jonge Boudewijn toe aan de Wassenaarse leraar Nederlands en latere televisiepersoonlijkheid Sipke van der Land. Die leerde Boudewijn in een strenge leerschool de kunst van het schrijven.

Romantisch-decadente nietsnut [bewerken]

Ondertussen was zijn aanleg voor het dichterschap opgevallen. Hij vond contact met diverse mentoren in het circuit van kunstenaars en academici in Leiden, en werd aan het begin van de jaren zeventig door steeds meer mensen beschouwd als een erudiet wonderkind. Hij verwierf die status door zijn grote weetgierigheid, een flinke dosis bluf en in sommige gevallen door bewust in te spelen op homo-erotische gevoelens bij zijn bewonderaars, die vaak toonaangevende posities in het Nederlandse cultuurleven bekleedden. Büch mat zich het imago van romantisch-decadente nietsnut aan. Koketteren met een homoseksuele of pedofiele geaardheid was daarvan kennelijk een onderdeel; de serieuze liefdesrelaties die hij tijdens zijn leven had waren echter zonder uitzondering heteroseksueel.

Dichter, romancier en publicist [bewerken]

Vanaf omstreeks 1973 begon Büch serieus werk te maken van een loopbaan als dichter. Hij legde contact met Harry G.M. Prick, dankzij wiens bemiddeling in 1976 zijn debuutbundel Nogal droevige liedjes voor de kleine Gijs uitkwam. Mede dankzij de geestdriftige aanbevelingen van uitgever Martin Ros werd Büch al snel als een literaire sensatie beschouwd. De hype ging vergezeld van de fantasiecarrière die hij in de loop der jaren voor zichzelf had bedacht en waarmee zijn vrienden al langer bekend waren: hij zou zijn doctoraal in zowel Duits als filosofie hebben behaald en was bovendien psychofarmacahistoricus — een zeldzame wetenschap waarvan hij in alle bescheidenheid moest toegeven dat hij er 's werelds belangrijkste expert in was.

Büch schreef ontelbare columns, recensies en artikelen, gaf lezingen en liet bij diverse uitgeverijen een stroom aan literair werk verschijnen. Hieronder viel een reeks romans met een deels autobiografische, deels fictieve inslag, waarin steeds dezelfde thema's terugkeerden (waaronder depressie en psychiaterbezoek, de problematische relatie met de ouders, het maatschappelijke klimaat in de jaren vijftig en het muzikale fandom, in het bijzonder ten opzichte van de Rolling Stones). Het werd Büch wel kwalijk genomen dat hij in zijn romans de waarheid geweld aandeed, waarop hij zich verweerde door te stellen dat het literatuur was.

Op financieel gebied wist hij geen overzicht te bewaren. Büch leefde op te grote voet en zijn schulden liepen zo hoog op dat hij in 1978 in staat van faillissement werd gesteld. Zijn financiële zaken stonden vanaf dat moment onder toezicht van een curator. Als gevolg van diens lankmoedigheid en Büchs zorgeloosheid liepen de schulden alleen maar op. Pas aan het einde van de jaren tachtig waren Büchs inkomsten toereikend om zijn uitgavenpatroon te dekken.

Presentator [bewerken]

Boudewijn Büch in 1985

Büchs werkzaamheden voor televisie begonnen in 1982 met het VARA-kunstprogramma De Verbeelding, waarvoor hij een boekenrubriek verzorgde. Zijn vlotte c.q. oppervlakkige aanpak sprak aan en hij kreeg vanaf 1984 een eigen programma: Büch's Boeken, vanaf 1985 verbreed tot Büch. Door zijn optreden op televisie raakte zijn carrière in een stroomversnelling, al werd hij door literaire kringen inmiddels afgewezen: Büch was geen serieus te nemen dichter meer maar een mediapersoonlijkheid die kennelijk tot alles bereid was, als het maar geld opbracht. Büch nam op zijn beurt eveneens afstand van de literaire wereld. Zijn gedichten verschenen nog slechts in bibliofiele minioplages en hij bracht zijn tijd bij voorkeur buiten Nederland door. De reisprogramma's die hij vanaf juli 1988 onder de titel De wereld van Boudewijn Büch maakte, stelden hem daartoe in staat.

Büchs stokpaardjes kwamen in zijn televisie-uitzendingen veelvuldig aan bod. Hij had grote belangstelling voor eilanden, de dodo, rockmuziek (met name Mick Jagger) en bovenal voor Goethe. Voor zijn reisprogramma's reisde hij veelal naar afgelegen eilanden. Ter plaatse schafte hij wat boeken aan over de betreffende locatie en een dag later legde hij aan zijn cameraman, en de kijkers, uit wat hij daarin had gelezen. Ook bezocht hij regelmatig bibliotheken en musea waar hij gesprekken voerde met de medewerkers. Kenmerkend voor de reisprogramma's was Büchs fanatieke, aanstekelijke interesse voor de vele historische en culturele onderwerpen die erin behandeld werden.

Theater [bewerken]

Halverwege de jaren '90 begon Büch ook door Nederland te toeren waar hij diverse theaters aandoet. Zijn laatste tournee zou hij niet voltooien: voor het einde ervan kwam hij te overlijden.

Programma's [bewerken]

  • Büch denkt hardop (1995-1996)
  • Verschrikkelijk gemeen (1996-1997)
  • Een avondje televisie (1997-1998), opname vanuit Diligentia uitgezonden via de VARA in 1999
  • Hoe word ik schrijver? Een cursus (1998-1999)
  • Op reis theatertoer (2001)
  • Boudewijn Büch op reis - een diavoorstelling zonder dia’s (2002)

Kluizenaar [bewerken]

In 2001 besloot de VARA geen nieuwe programma's meer bij Büch te bestellen en ook andere opdrachtgevers zaten steeds minder om zijn bijdragen verlegen. Büch zelf had al veel eerder laten merken dat zijn werk hem steeds minder interesseerde. Zijn laatste televisieoptredens waren wekelijkse bijdragen aan het programma Barend en Van Dorp. Verder bracht hij zijn tijd bij voorkeur door in zijn herenhuis (nummer 149) aan de Amsterdamse Keizersgracht, dat hij tot een drie verdiepingen tellende bibliotheek in empirestijl had omgetoverd. Zijn collectie boeken, waaronder zeer zeldzame exemplaren, besloeg inmiddels rond de 100.000 banden.

Op 20 november 2002 was Büch voor het laatst te gast bij de 500e aflevering van Barend en Van Dorp. Op 22 november trad hij nog op in Theater de Luifel in Heemstede. Op 23 november 2002 werd Büch dood aangetroffen in zijn bed. Hij was overleden aan een hartstilstand. Büch ligt begraven op begraafplaats Westerveld. Van zijn laatste boek, de roman Het geheim van Eberwein (een vervolg op De kleine blonde dood), was in de zomer van 2002 het manuscript naar de directeur van de Arbeiderspers, Lex Jansen gestuurd[3]. Boudewijn Büch is bijna 54 jaar geworden.

Discussie over fantasie en werkelijkheid [bewerken]

Over Büch is vooral na zijn dood veel geschreven omtrent het waarheidsgehalte van zijn boeken en de feiten in zijn leven. Büch heeft in interviews dingen verteld die later niet waar bleken te zijn. De belangrijkste hiervan zijn:

  • Vanaf 1970 vertelde Büch aan vrienden dat hij een zoontje had. Het ging in werkelijkheid om Boudewijn Iskander Pronk - het kind van een bevriend echtpaar met wie hij nu en dan uitstapjes maakte. Toen het kennelijk steeds moeilijker voor hem werd om dit fantasieverhaal vol te houden, deelde hij mee dat het kind was overleden. Hij verwerkte het thema onder andere in zijn prozadebuut De blauwe salon (1981), in de dichtbundel Dood kind (1982) en in de roman De kleine blonde dood (1985). In 2004 betitelde Boudewijn Iskander Pronk Büchs verhalen over dit onderwerp als "Ziek. Absurd. Bizar." [4]
  • Büch beweerde dat zijn vader een gevluchte, in het toenmalige Duitse Danzig geboren, Poolse of Duitse jood was die als piloot bij de RAF zijn eigen geboortestad moest bombarderen. Volgens dit verhaal werd in het gezin Büch alleen Duits gesproken, en pleegde zijn door zijn oorlogservaringen getraumatiseerde vader zelfmoord naar aanleiding van berichten dat de Drie van Breda zouden worden vrijgelaten. In werkelijkheid was Büchs vader een Haagse gemeenteambtenaar die in 1975 stierf aan een hartaanval.
  • Na de dood van zijn vader verspreidde Büch het gerucht dat hij miljoenen had geërfd. In de extreemste variant van het verhaal wilde hij daarvan dertig miljoen schenken aan de Rote Armee Fraktion. Ook deed hij toezeggingen van miljoenen voor projecten die met literatuur te maken hadden. Potentiële ontvangers van Büchs giften namen zijn verhalen serieus genoeg om te beginnen met de oprichting van een Beheerstichting Erfenis Boudewijn Büch. Uiteindelijk gaf Büch echter niet thuis. In werkelijkheid bedroeg zijn erfdeel ongeveer 750 gulden.
  • Volgens Büch was hij in zijn jeugd een jaar lang gedwongen opgenomen geweest in een jeugdpsychiatrische inrichting, te midden van 'echte debielen'. Tevens zou hij in het ziekenhuis hebben gelegen wegens 'een vreemd soort keelkanker'. De psychiatrische inrichting was in werkelijkheid de vakantiekolonie De Lindenlust in Boxtel. Veel stadskinderen uit heel Nederland brachten in de jaren '50 en '60 een periode in een dergelijke instelling door om wat gezonde buitenlucht op te doen. Ook de aanleiding tot de ziekenhuisopname was een stuk onschuldiger dan keelkanker.
  • Büchs briefhoofd in de jaren zeventig bevatte fantasierijke neptitels. Hij noemde zich Drs. drs. Boudewijn Maria Ignatius Büch M.L.S. ISDD, c.m. - psychofarmacohistoricus. Volgens Büch sloeg de dubbele doctorandustitel op voltooide studies Duits en filosofie; M.L.S. betekende Member of the Linnaean Society; een 'psychofarmacohistoricus' was volgens Büch gespecialiseerd in de geschiedenis van het drugsgebruik. Büch heeft echter nooit een academische studie voltooid.
  • Büch heeft een omvangrijke geschiedenis van niet terugbetaalde leningen en andere financiële oneffenheden die begeleid werden door fantasierijke uitvluchten.

Umlaut [bewerken]

Over de correcte schrijfwijze van de naam Büch/Buch bestaat onduidelijkheid. Boudewijn Büch volgde het voorbeeld van zijn vader en schreef zijn achternaam met een umlaut, zoals het eveneens op zijn geboortekaartje stond. Sommige andere familieleden, zoals zijn broers Menno en Patrick Buch, gebruiken dit teken daarentegen niet.

Planetoïde [bewerken]

Büch leeft ook voort in het heelal. Tijdens de 8e Internationale Boudewijn Büch Dag op 13 december 2009 in Amsterdam is bekendgemaakt dat een planetoïde naar hem is vernoemd. De vernoeming is gepubliceerd door Tom Gehrels, Amerikaans astronoom van Nederlandse afkomst. Hij deed dat op voordracht van de wetenschapsjournalist Carl Koppeschaar. De Internationale Astronomische Unie (IAU) heeft de vernoeming bekrachtigd.

Planetoïde Boudewijnbuch verplaatst zich op een afstand van 274 miljoen tot 446 miljoen kilometer van de zon in de ruimte tussen de planeten Mars en Jupiter (in de zogenoemde planetoïdengordel). De diameter is ongeveer 4 kilometer. De ruimterots heeft een omlooptijd van 3,73 jaar.

Bibliografie (onvolledig) [bewerken]

(Boudewijn Büch heeft talloze boekjes laten uitgeven in geringe oplagen)

  • Anabasis. Een reisverhaal, (1967)
  • Nogal droevige liedjes voor de kleine Gijs (1976) ISBN 9029508272 (geb.), ISBN 9029508280 (ing.)
  • De taal als blauw (gedichten, 1977) ISBN 9029508264
  • De sonnetten (gedichten, 1978) ISBN 9029508256
  • Die Wahlverwandschaften (1979)
  • Nohant (1979)
  • Blue Angel (1979)
  • Eilanden (1981) ISBN 9060197526
  • De blauwe salon (1981) ISBN 9029508388
  • Zingbaar water (1981)
  • Een kleine blonde dood (1982) ISBN 9070532115
  • Dood kind. Lamenti (1982) ISBN 902950840X (Tweede, vermeerderde druk: Dood kind en andere lamenti 1987, ISBN 9029508841)
  • Literair omreizen. Een idioticon (1983) ISBN 9070532131
  • Bibliotheken (1984) ISBN 9029508434
  • Signeren (1984)
  • Weerzien (1984) ISBN 9029508469
  • Weerzien met Wassenaar, een reisverhaal, gevolgd door Duitsland in Wassenaar, een verhaal (1984)
  • De kleine blonde dood (1985) ISBN 9029508485; (herziene, uitgebreide editie 1995) 9029507837 (geb.)
  • Het androgyn in ska en andere gedichten (1985) ISBN 9029508507
  • De boekhandel (1985) ISBN 9071302016 (geb.), 9071302024 (ing.)
  • Drank- en drukzucht (1985)
  • Herr Lonesome Gottlieb im Wiener Wald. Chansons de Tristesse (1985)
  • De krant (1985)
  • Een decembervertelling (1985)
  • Eerstejaars (1985) ISBN 9071302032
  • Godlinzense gedichten (1986)
  • Lotte. Een Wertheriade (1986)
  • Links! (1986) ISBN 9029508566 (geb.), 902950854X (ing.)
  • Het zoenoffer (1986)
  • Het Dolhuis (1987) ISBN 9029508574 (geb.), 9029508582 (ing.)
  • Blauw, een reisverhaal (1987)
  • Everywhere I look I see your eyes (1987)
  • Rimbaud en Chypre (1987)
  • Le musée de la poésie (1988)
  • Brieven aan Mick Jagger (1988)
  • Boekenpest (1988)
  • 'Onder dit schrijven vallen my de oogen toe'. Willem Bilderdijk in Haarlem (1988) ISBN 9090022716
  • De verliefde schrijver (1988)
  • Boekenwoordenboek (1989) ISBN 9029508922
  • Reiskoorts. Ervaringen van twee gedreven reizigers, met Peter van Zonneveld (1989) ISBN 9064100233
  • De rekening (1989) ISBN 902950630X (geb.), 9029506377 (ing.)
  • Das Tollhaus (1989), in het Duits vertaald door Helmut Mennicken en Marie Thérèse Schins-Machleidt ISBN 3499182491
  • Blackwood Street. Twee sonnetten (1990)
  • Goethe en geen einde (1990) ISBN 9029506342
  • De hel (1990) ISBN 9025402999
  • Plinius pinguïn. Een kinderroman, met illustraties van Pauline Drost (1990) ISBN 9025468527
  • Agendanotities (1991)
  • Openbaar boekbezit (1991)
  • Een reis naar Tikania. Een reisbericht aangevuld met brieven, documenten en andere, verloren gewaande geschriften (1991)
  • Rock 'n' Roll. Een persoonlijke geschiedschrijving (1991) ISBN 9029508493
  • Tuktoyaktuk (1992)
  • Eenzaam; Eilanden, tweede deel (1e druk 1992) ISBN 9025402623; (2e herziene en vermeerderde druk 1992) ISBN 9025404057
  • Het ijspaleis; Eilanden, derde deel (1993) ISBN 9025404766
  • Het bedrog (1993) ISBN 9025400248
  • Blauwzee; Eilanden, vierde deel (1994) ISBN 9025405525
  • Anabasis (reisverslag, 1994, herziene editie)
  • Grafreizen (1994)
  • Leeg en kaal; Eilanden, vijfde deel (1995)
  • Verzamelde gedichten (gedichten, 1995) ISBN 9025405037
  • Geestgrond (1995) ISBN 9029507829 (geb.), 9029507845 (ing.)
  • De Bocht van Berkhey (1996) ISBN 9029507764
  • Voorgoed verliefd (1997) (heruitgave van Brieven aan Mick Jagger 1988)
  • Een boekenkast op reis (1999) ISBN 9029503424
  • De kiezen van de Keizer (2000) ISBN 9074605087
  • Pers no. 14. Een Leidse private press en zijn voorlopers. Catalogus bij een tentoonstelling in de Leidse Universiteitsbibliotheek, met bijdragen van Boudewijn Büch e.a. (2000)
  • Een heel huis vol (2001) ISBN 907342416X
  • De hele wereld in een vitrinekast (2001) ISBN 9029504099
  • Geluk (2001)
  • De Goethe-industrie (2002) ISBN 9789029503532
  • Steeds verder weg. De verzamelaar op reis, deel I (2002) ISBN 9029504293
  • Brugge. De rest van de wereld is nu even bijzaak (2003)
  • Het geheim van Eberwein (2003) ISBN 9029504374
  • Terug naar Oppidum. Drie romans over de jeugd van Winkler Brockhaus. Het dolhuis. Geestgrond. De bocht van Berkhey (2003) ISBN 9789029581080
  • Zingende botten. Over gedichten, dood en souvenirs (2003) ISBN 9074336833, met drie essays van andere schrijvers opgenomen in de cassette: Vier visies op de dood, boekenweekessay ISBN 9074336876
  • In gedichten (2004) ISBN 9029504498
  • De Bril van Buddy Holly (2006) ISBN 9029563281

Veilingcatalogus van zijn bibliotheek [bewerken]

  • (en) Bibliotheca didina et pinguina. The library of Boudewijn Büch. Bubb Kuyper, Haarlem, 2004-2005. [Veilingcatalogus in 3 delen]
    • Deel 1: Natural history, medicine, sciences, travel, exploration, colonization.
    • Deel 2: Books about books, fine and applied arts, philosophy, literature.
    • Deel 3: History and travel, music varia and addenda.

Literatuur [bewerken]

  • Frans Mouws, Boudewijn Büch, een overzicht van zijn werk. Soesterberg, 2003.
  • Frans Mouws, Weg uit Wassenaar. Soesterberg, 2003.
  • Rudie Kagie, Boudewijn Büch. Verslag van een mystificatie. Amsterdam, 2004.
  • Menno Voskuil, Het jasje van Boudewijn. Woubrugge, 2004.
  • Harry G.M. Prick, Een andere Boudewijn Büch. Soesterberg, 2005.
  • Bert Sliggers, Herkomst: Boudewijn Büch. Amsterdam, 2005.
  • Menno Voskuil, Pakhuis Büch. Over de fascinaties van Boudewijn Büch. Amsterdam, 2006.
  • Frans Mouws, De bibliotheek van Boudewijn Büch. Soesterberg, 2008.
  • Eva Rovers, 'Droom der tandeloze oude stumperds', in: Goede papieren 6 (2012) nr. 3, p. 33-37.
  • Peter van Zonneveld: 'Boudewijn Maria Ignatius Büch'. In: Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden, 2011-2012, pag. 25-32.

Op 30 juni 2011 maakte de Werkgroep Boudewijn Büch Biografie bekend dat men Eva Rovers bereid heeft gevonden de biografie van Boudewijn Büch te schrijven. De levensbeschrijving moet in 2016 verschijnen.

Film met Büch [bewerken]

  • Het verschijnsel B, een film van Eline Flipse (NOS, 1982). Boudewijn Büch op bezoek bij boekenverzamelaars, DVD, lengte 44'56.

Boudewijn Büch dvd collectie (ca. 500 min. per serie) [bewerken]

  • De fascinaties van Boudewijn Büch, Serie 1: de dodo, eilanden, schrijvers (2004)
  • De fascinaties van Boudewijn Büch, Serie 2: Goethe, oorlog, bibliotheken/natuurhistorie (2004)
  • De fascinaties van Boudewijn Büch, Serie 3: dieren, ontdekkingsreizen, de dood (2005)


Wikiquote Op Wikiquote staan citaten van Boudewijn Büch.

Voetnoten

Externe links