Romantiek (stroming)
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De romantiek was een stroming in de Westerse cultuur die zich aan het einde van de 18e eeuw en het begin van de 19e eeuw sterk deed gelden in de kunst en het intellectuele leven van met name Duitsland, Frankrijk en het Verenigd Koninkrijk.
In de romantiek werd, in reactie op de Verlichting, de subjectieve ervaring als uitgangspunt genomen. Hierdoor kwamen introspectie, intuïtie, emotie, spontaniteit en verbeelding centraal te staan.
De naam romantiek is ontleend aan de middeleeuwse romances - verhalen waarin feilbare mensen de droom van volmaaktheid najagen. Aanvankelijk had het woord niet de misprijzende connotatie die tegenwoordig aan een woord als sentimenteel kleeft.
Beroemde romantici zijn Johann Gottlieb Fichte, Caspar David Friedrich, John Keats, Johann Gottfried von Herder, Arthur Schopenhauer, Samuel Taylor Coleridge, Jean-Jacques Rousseau, William Wordsworth, William Turner, Friedrich Wilhelm Schelling, Guido Gezelle en Percy Bysshe Shelley.
Inhoud |
[bewerken] Kenmerken
[bewerken] Het begin en het einde
De tijdstroom Romantiek begon aan zijn bloei in 1795. In tegenstelling tot andere tijdstromen heeft deze tijdstroom geen eigen stijl waarin de kunst zich uit. Deze stroming is eerder een geestesstroming. Iedereen kon meedoen: boeren, burgers, werklieden, maar ook vrouwen. De stroming duurde tot ongeveer 1848.
[bewerken] Emotionaliteit
Tijdens de romantiek werd de overwaardering van de rationele zijde van de mens aangevallen. Romantici keerden zich tegen de koele onverschillige objectiviteit van rationalistische denkers en de wetenschap. Daartegenover stelde men het gevoel, de fantasie, de verbeelding, de intuïtie, het onderbewuste, het onverklaarbare en het raadselachtige. Deze intense emotionaliteit en verlangen naar het onverklaarbare en de fantasie leidde helaas ook tot minder positieve gevolgen. Een van deze gevolgen was dat een grote hoeveelheid zelfmoorden (wat ook de Zwarte Romantiek genaamd word) gepleegd werd. De Romantiek werd er veel verlangen naar escapisme, het verlangen om te vertrekken naar het onbekende, en veel jonge mensen liepen van huis weg om naar de horizon te zoeken.
[bewerken] Geschiedenis
Romantici geloofden niet in de vooruitgang, maar waren eerder bezorgd voor de toekomst en nostalgisch naar het verleden. De romantische opvatting dat de wereld zich niet ontwikkelt volgens een goddelijk heilsplan waarvan de uitkomst vaststaat, maar een door individuen beïnvloed verhaal met een onbekend einde is, leidde tot het concept De Geschiedenis. Geschiedschrijving was hiermee meer dan het noteren van gebeurtenissen. Er moest een verhaal worden ontdekt....
[bewerken] Kunst
Was de kunstenaar voorheen nog een al dan niet gerespecteerd ambachtsman, tijdens de romantiek wordt hem, dankzij de toegang die alleen hij tot zijn subjectieve ervaringen heeft, een bijzondere status toegekend. Het gevoel en de verbeelding worden zeer belangrijk geacht. Bij dichters en kunstenaars zijn deze vermogens sterk ontwikkeld. Daarmee staan de kunst en de kunstenaar op eenzame hoogte. Hierdoor kon de mythe van de geniale kunstenaar ontstaan. In de meest extreme gevallen leidde dit tot een persoonlijkheidscultus zoals bij Goethe en Byron het geval was. Oorspronkelijke en originele kunst kreeg de meeste waardering. Binnen de kunst zelf was er niet heel veel veranderd. De oude stijlen bleven bewaard en geconserveerd, maar de thema's van de werken veranderden naar het verlangende en fantaserende van de Romantiek. Een van de plaatsen waar veel naar verwezen wordt in de kunsten is het oosten, en dan met name de Turkse en moderne Griekse cultuur.
[bewerken] Natuur
De romanticus had een zekere afkeer van de (zich ontwikkelende) industrie, de techniek en de steden. Plekken die nog niet door de menselijke ratio waren bezoedeld kregen de eretitel natuur. In de Romantiek nam de verheerlijking van de natuur bijna religieuze vormen aan. De aantrekkingskracht van het mysterieuze, de duisternis en de mystiek van leven en dood werd groter. Hierdoor ontstond het idee dat bomen als sparren, cipressen en treurige boomsoorten als wilgen symbolisch de droefheid uitbeeldden. Naast de taxus, het symbool van de onvergankelijkheid, zijn op begraafplaatsen uit deze tijd veel van deze bomen te vinden.
[bewerken] Liefde en vriendschap
Vriendschap was volgens de romantische levenshouding de belangrijkste vorm van loyaliteit die een mens kende. Vrienden kiest men immers op grond van hun aard. In samenspraak met gelijkgestemde vrienden kan de eigen grillige identiteit nog beter worden onderzocht. Ook de romantische liefde kenmerkt zich door een grote aandacht voor de karakters van de beide gelieven. Voorheen werd partnerkeuze vooral bepaald door maatschappelijke overwegingen. Deze vrijheid leidde ook voor de vrijheid om een ander af te wijzen. Veel mensen namen deze afwijzing verkeerd, ze konden het niet verwerken, en kwijnden weg.
[bewerken] Decadentie
De romanticus probeert zijn subjectieve gevoelswereld zo authentiek mogelijk tot uiting te brengen in de objectieve wereld. Dit houdt, volgens de Kantiaanse vaststelling dat het subjectieve en het objectieve van onvergelijkbare aard zijn, een onmogelijkheid in. Het erkennen van deze onmogelijkheid om authentiek te leven heeft onder romantici geleid tot afwijzing van het maatschappelijk leven in de vorm van ironie, verbittering, hedonisme of decadentie.
[bewerken] Het eigene
Waar de verlichting er van uitging dat verschillen tussen individuen en volken geleidelijk zouden verdwijnen, benadrukte en waardeerde de romantiek het eigene en onderscheidende van individuen en groepen. Elk volk heeft een unieke cultuur en is bijzonder. Elke samenleving, elke natie kent zijn eigen karakteristieke cultuuruitingen die samenhangen met haar verleden. Een volk is daarmee een samenhangende gemeenschap, en moet dan ook autonoom zijn en blijven. Regionale gebruiken worden gekoesterd, bestaande culturen moeten behouden blijven. Hierin ligt een zeker nationalisme besloten.
[bewerken] Keuzes van de romanticus
Aangezien de romantiek is ontstaan in reactie op de verlichting, kan men de romanticus karakteriseren aan de hand van de tegenstellingen tussen romantiek en verlichting. De romanticus is geneigd te kiezen voor:
- Voelen (romantiek) boven denken (verlichting).
- Het subjectieve (romantiek) boven het objectieve (verlichting).
- Synthese en holisme (romantiek) boven analyse (verlichting).
- Het ambigue en ironische (romantiek) boven ondubbelzinnigheid en helderheid (verlichting).
- Kunst (romantiek) boven wetenschap (verlichting).
- Creativiteit in de kunst boven nabootsing.
- Het spirituele boven materialisme.
- Zin boven nut.
- Kwaliteit boven kwantiteit.
- Een organische natuurbeschouwing boven een mechanische natuurbeschouwing.
- De mens die deel van de natuur uitmaakt boven de mens die boven de natuur staat en haar probeert te gebruiken.
[bewerken] De erfenis van de romantiek
Diverse onder invloed van de romantiek tot bloei gekomen verschijnselen zijn nog lang invloedrijk gebleven. Sommige cultuurbeschouwers menen zelfs dat we, vanwege onze grote waardering voor het individuele gevoelsleven, nog steeds in het tijdperk van de romantiek leven. Op verschillende momenten en op uiteenlopende manieren komt de romantische denkwijze opnieuw naar voren, bijvoorbeeld in:
- De milieubeweging. Hoewel een deel van de milieubeweging zich op de verlichting baseert, baseert een ander deel van de milieubeweging zich nadrukkelijk op de romantiek.
- De hippiebeweging van de jaren ’60. Hippies verwierpen op een romantische wijze de gevestigde orde. Zij propageerden een natuurlijke manier van leven, keerden zich af van het materiële, en hadden een hang naar mystiek.
- Nationalisme en de visie op de Europese integratie. De romanticus wenst de eigen culturele identiteit en de organisch samenhangende gemeenschap te beschermen. Hij zal dus over het algemeen geen voorstander zijn van globalisering en verdere Europese integratie.
- Het postmodernisme. Romantiek en postmodernisme vragen bijvoorbeeld beide aandacht voor het bijzondere en het verlangen te ontkomen aan de dwingende invoeging in de regelmaat.
- De kunst. Sinds de Romantiek is originaliteit een vereiste van de kunst geworden. Breken met kunstregels, het creëren van nieuwe genres is er het uitvloeisel van.
[bewerken] Romantici (literatuur)
[bewerken] Nederland
Over Nederland zeggen literaire historici veelal dat er weinig Romantiek van betekenis is geweest. Wat er toch was, zou vooral nabootsing zijn van het buitenland. Desondanks zijn er wel auteurs die, al dan niet gedeeltelijk, met de romantiek zijn verbonden.
- Willem Bilderdijk
- Multatuli
- Anthony Christiaan Winand Staring
- François Haverschmidt (Piet Paaltjens)
- Jacob van Lennep
[bewerken] Duitsland
- Novalis
- Joseph von Eichendorff
- E.T.A. Hoffmann, vooral bekend om zijn Schwarze Romantik
[bewerken] Engeland
In de Engelse literatuur kent de periode van de romantiek hoogtepunten in het werk van dichters als William Wordsworth en Samuel Taylor Coleridge, wiens boek Lyrical Ballads uit 1798 het begin van de periode markeert. Hun inzichten werden mede geïnspireerd door de Franse revolutie en vormden een verzet tegen de voorafgaande verstarde classicistische ideeën. De dichter en schilder William Blake is een aansprekend voorbeeld van de romantische idee en gevoelens. Ook de schilders Turner en Constable worden met de romantiek geassocieerd. De dichters Byron, Shelley, Mary Shelley en John Keats zijn vertegenwoordigers van een volgende fase in de korte periode. De historicus Thomas Carlyle en de schilderschool van de Pre-raffaëllieten markeren de overgang van de romantiek naar het Victoriaanse tijdperk.
[bewerken] Frankrijk
In Frankrijk is de romantiek voortgevloeid uit het rousseauisme en de preromantici die de gevoelens lieten prevaleren over de rede. Het gaat hier over een meer algemene culturele beweging die zich vertaalt in de wil van het individu om zich af te zetten tegen het regime en om zijn vrijheid te bevestigen.
De Franse poëzie in de preromantische periode is, zeker vergeleken met andere periodes in de Franse literatuurgeschiedenis, vrij pover. Weinig dichters durven het aan om van het pad van het neoclassicisme af te wijken en vernieuwingen volledig door te trekken. Het blijft aan het einde van de 18e en het begin van de 19e eeuw beperkt tot enkele schuchtere pogingen tot veranderingen in vorm (o. a. in het metrum) en in onderwerp (een steeds groter wordend aandeel van het gevoel in de poëzie).
In de periode 1800-1820 werden uiteindelijk de definitieve keuzes gemaakt wat betreft de onderwerpen die de komende romantische generatie zouden domineren. Men merkt al bij de eerste romantische schrijvers wat de overheersende onderwerpen zijn: het belang van het individu, de ontembare gevoelens, de natuur, etc.
De literaire romantische werken onder het Eerste Franse Keizerrijk zijn vooral romans, geschreven door tegenstanders van het regime die tegen de orde ingaan. Deze romans dragen vaak een voornaam als titel: Corinne (1807) van Madame de Staël, Adolphe van Benjamin Constant, René van François René de Chateaubriand, Oberman van Senancour. Deze romans vertellen het verhaal van een uniek individu. Senancour laat in zijn roman Oberman al de ervaringen van het individu als een belangrijk thema naar voren komen.
Men kan in deze werken al de zoektocht van het individu naar een zin van het bestaan opmerken. Deze zoektocht geeft aanleiding tot een existentiële crisis, die door Chateaubriand als mal du siècle wordt omschreven.
Men kan in de Franse romantiek twee grote periodes onderscheiden, die elk een verschillende personage hebben gecreëerd.
- In de eerste periode (tot 1830) prevaleert vooral het individualisme. Het hoofdpersonage is aristocratisch en ontwikkelt een afkeer van het leven, terwijl hij een voorliefde heeft voor het 'elders'. Hij wil vooral alleen zijn en worstelt met gecompliceerde liefdesperikelen. Hij heeft vele idealen, maar wordt niet begrepen en wordt ook gehinderd om effectief te handelen. Het beste voorbeeld van dit soort romantisch held is René uit het gelijknamige boek van Chateaubriand.
- Na 1830 krijgt de romantiek een socialer karakter, waarbij het hoofdpersonage zich inzet in de strijd voor vrijheid. De romantische held gaat deze keer wel over tot acties, aangespoord door zijn passies. Van deze held is Lorenzo (uit Lorenzaccio van Alfred de Musset) het belangrijkste voorbeeld.
Belangrijke Franse romantische schrijvers zijn: Étienne Pivert de Senancour, Mme de Staël, Benjamin Constant, François René de Chateaubriand, Alphonse de Lamartine, Alfred de Musset, Alfred de Vigny, Théophile Gautier, Charles Augustin Sainte-Beuve, Victor Hugo, George Sand, Prosper Mérimée, Alexandre Dumas, Stendhal, Honoré de Balzac, Charles Nodier, Gérard de Nerval.
[bewerken] Zie ook
[bewerken] Literatuur
- Clay, Jean Romanticism ISBN 071482223
- Tempel, Benno en De Leeuw, Ronald: Het Romantiek Boek ISBN 9040089426
- De Leeuw, Ronald, Reynaerts, Jenny en Tempel, Benno Meesters van de Romantiek ISBN 9040090955
- Mathijsen, Marita: Nederlandse literatuur in de romantiek 1820-1880 ISBN 9077503072
- Tollebeek, Jo: Romantiek en historische cultuur ISBN 9065540539
| Voor meer mediabestanden zie de categorie Romantic paintings van Wikimedia Commons. |