Gekielde skink
| Gekielde skink IUCN-status: Niet geëvalueerd (2008) |
|||||||||||||||
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Taxonomische indeling | |||||||||||||||
|
|||||||||||||||
| Soort | |||||||||||||||
| Gnypetoscincus queenslandiae (De Vis, 1890) |
|||||||||||||||
| Gekielde skink op |
|||||||||||||||
|
|||||||||||||||
De gekielde skink (Gnypetoscincus queenslandiae) is een hagedis uit de familie skinken (Scincidae).
[bewerken] Naamgeving
De oude geslachtsnaam is Tropidophorus, en de soort werd ontdekt door de ornitoloog en bioloog Charles Walter de Vis (1829 - 1915). De uit Engeland afkomstige De Vis heeft een Nederlands aandoende naam maar werd geboren als Devis en veranderde zijn naam.
[bewerken] Beschrijving
De gekielde skink is te herkennen aan de gekielde, V- vormige schubben; schubben met een opstaand middendeel die zeer grof aanvoelen in tegenstelling tot de meeste skinken die juist een erg gladde schubbenhuid hebben. De lengte is ongeveer 20 centimeter waarvan twee derde staart. De kleur is donkerbruin tot zwart met over het hele lijf rijen zeer kleine vlekjes die bruin tot roestbruin zijn, soms zijn enkele witte vlekken op de kop aanwezig.
[bewerken] Algemeen
De gekielde skink komt voor in noordelijk Queensland, een provincie in Australië. Het is een kruipende hagedis die zich erg traag voortbeweegt op de bodem en nooit klimt. De gekielde skink leeft onder rottende boomstammen of in de strooisellaag van vochtige regenwouden met een dichte vegetatie en een zanderige bodem, soms wordt een holletje gegraven om te schuilen. Het voedsel bestaat uit kleine ongewervelden zoals insecten en slakken.
Bronnen, noten en/of referenties
|