Johannes Cele
| Johan Cele | ||||
| Afbeelding gewenst | ||||
| Algemene informatie | ||||
| Volledige naam | Johannes Cele | |||
| Geboren | ca. 1350?, Zwolle | |||
| Overleden | 9 mei 1417, Zwolle | |||
| Nationaliteit | Nederlander | |||
| Beroep | Rector | |||
| Bekend van | Gymnasium | |||
| Overige informatie | ||||
| Religie | Moderne Devotie | |||
| Zie ook | Geert Grote | |||
|
||||
Johannes (Johan) Cele (Zwolle, ca.1350 - aldaar, 9 mei 1417) was rector van de Latijnse school te Zwolle van 1377 tot 1415 en kerkmusicus in de Sint-Michaëlkerk. Cele was een sleutelfiguur in de beweging van de Moderne Devotie en heeft veel bijgedragen tot de verspreiding van ideeën tot hervorming van kerk, onderwijs en samenleving.
Inhoud |
[bewerken] Opleiding
Johan Cele was een telg uit de Zwolse families Sobben en ten Weerde. Hij werd reeds op jonge leeftijd onderwezen in het Latijn op de school waar hij later zelf rector van zou worden. Deze school was in zijn leerlingentijd nog een parochieschool. Na de Latijnse school ging hij naar de kapittelschool te Deventer en vervolgens naar Praag en waarschijnlijk ook naar Parijs, waar hij magister artium werd: een universitaire graad in diverse disciplines.
[bewerken] Geloof
Cele was nauw bevriend met diaken Geert Grote uit Deventer. Hij liet vaak boeken voor Grote kopiëren en ze maakten samen een reis naar Parijs om boeken te kopen. Op de terugweg hadden ze een ontmoeting met de mysticus Jan van Ruusbroec in Brussel die diepe indruk op hen maakte. Geert Grote weerhield Johan Cele van zijn voornemen om kloosterling te worden. Hij kon volgens Grote méér voor de vernieuwing van het geloof betekenen door in het onderwijs te blijven, bovendien bestonden er in de kloosters van de IJsselstreek op dat moment nog veel misstanden. Cele werd in vele opzichten, zelfs qua uiterlijk, gelijk aan de moderne devoten, maar heeft geen geloften afgelegd in een klooster of huis van de Broeders van het Gemene Leven. Bij de aanschaf van onroerend goed en andere zakelijke transacties was Cele de devoten steeds behulpzaam. Aan het bespionneren van een tegenstander van Geert Grote werkte hij echter niet mee. Johan Cele had een zeer actief gebedsleven en een groot Godsvertrouwen. Zijn leerlingen onderrichte hij in de Heilige Schrift en de werken van de kerkvaders. Hij liet hen aan de hand daarvan een rapiarium van aanleggen; een persoonlijke verzameling van wijsheden en citaten. Thomas a Kempis’ Navolging van Christus is er een voorbeeld van. Cele was er zich van bewust dat talloze van zijn oud-leerlingen leidinggevende posities gingen bekleden in de kerk, de kloosters en de stedelijke samenleving, en dat daardoor de idealen van de Moderne Devotie met veel meer impact verspreid zouden worden dan wanneer hij zelf aan zijn verlangen naar een religieus leven had toegegeven. Johannes Busch, een van zijn oudleerlingen, beschreef het leven van Johan Cele in de Kroniek van Windesheim. Thomas a Kempis deed hetzelfde in zijn Kroniek van de Agnietenberg. Cele is gestorven op 9 mei 1417 en onder grote belangstelling begraven in het klooster Windesheim.
[bewerken] Muziek
Cele bespeelde het orgel van de Grote Kerk van Zwolle en dirigeerde het koor, bestaande uit leerlingen van de school. Omdat hij de voorkeur gaf aan het zuivere unisono Gregoriaans liet hij alleen in de kerstnacht meerstemmig zingen.
[bewerken] Onderwijsvernieuwing
Toen Cele in 1377 afgestudeerd was en terugkeerde naar Zwolle, werd hij benoemd als rector scholarum van de Latijnse school. De school werd door Cele in leeftijdsgroepen verdeeld, en hij voerde overgangsexamens in. De school had op zijn hoogtepunt onder Cele 800 à 1.000leerlingen, en dat op een stadsbevolking van nog geen 5.000 zielen. Leerlingen uit de hoogste klassen gaven les aan jongere, en twee magisters uit Parijs werden aangesteld als docenten. Onder Cele had de school twee kopklassen, destijds een zeldzaamheid, want meestal ging men na de derde klas naar de universiteit.
Rector Cele handhaafde een strenge discipline, maar had veel genegenheid voor zijn leerlingen en deed er alles aan om arm en rijk toe te kunnen laten. Luie leerlingen werden weggestuurd, maar arme studenten die zich inzetten gaf hij gratis les. Ook regelde hij onderdak bij burgers, fraters of in eigen huizen, de latere clerkenhuyzen.
De school viel onder de verantwoordelijkheid van het kapittel van Deventer. Cele vervulde in dienst van deze organisatie de functies van schoolmeester en kerkorganist/dirigent van het jongenskoor. In 1415 werd de stad Zwolle door Frederik van Blankenheim, de landsheer en bisschop van Utrecht onder interdict gesteld na een hooglopend conflict over de vrouwenkloosters van de Moderne Devotie. Door Celes dubbelfunctie in de kerkmuziek en op school werd ook zijn positie als rector onhoudbaar. De school werd onder het bevoegd gezag van Zwolle gebracht en hijzelf vervangen door twee andere rectoren. De school kreeg in de 15e eeuw een imposant nieuw gebouw naast de Grote Kerk. Zonder de kopklassen en het charisma van Cele was de bloeitijd van de Zwolse school echter definitief voorbij.
[bewerken] Erfenis
De roem van Celes geleerdheid verspreidde zich snel en de Latijnse school van Zwolle kreeg een goede naam in heel Europa, waardoor studenten uit allerlei landen er naartoe trokken. Johan Cele geldt door zijn succesvolle onderwijsvernieuwing als grondlegger van het onderwijstype dat sinds de 19e eeuw gymnasium heet. Uit taalkundig en inhoudelijk onderzoek is gebleken dat de aan Cele toegeschreven Middelnederlandse sermoenen (preken) niet van hem kunnen zijn. Geschriften of afbeelingen van Cele zijn niet bewaard gebleven, wel anekdotes, gebeden en favoriete uitspraken opgetekend door Busch en Thomas a Kempis.
In Zwolle is het Gymnasium Celeanum genoemd naar Johan Cele. Ook is er is een huiswerkinstituut Johan Cele en het Celecentrum van de muziekschool. Van het woonhuis van Cele naast de voormalige huizen voor de Broeders van het Gemene Leven is het zognoemde Celepoortje in de Papenstraat nog te bezichtigen. Sinds 2005 zoekt de stad naar een geschikte plaats voor een standbeeld van Johan Cele.
[bewerken] Trivia
’s Ochtends vroeg haastte Cele zich op weg naar de kerk, viel ongelukkig en verloor daardoor een paar voortanden. Hij liet dit vaak zien op school.
Een oudleerling was zo nijdig dat hij niet zo goed terecht was gekomen als de anderen, dat hij Cele wilde vermoorden. Maar toen Cele hem in Arnhem ontmoette, nodigde hij hem zo hartelijk te eten uit dat hij in tranen van de aanslag af zag.
Tijdens de uitvaart van Cele vertelde een oude monnik dat zijn ziel tot hem gesproken had. Die ging rechtstreeks, zonder vagevuur, naar de hemel omdat hij zo’n godvruchtig leven had geleid.
[bewerken] Externe link
Bronnen, noten en/of referenties:
- JOHANNES BUSCH , Des Augustinerpropstes Johannes Busch Chronicon Windeshemense und Liber de reformatione monasteriorum, Grube, K. (ed.), Halle 1886.
- DIJK, R.TH.M. VAN, „Jan Cele en de preken die hij niet schreef.” in: Een zuivere, eenvoudige, standvastige geest.... de Moderne Devotie te Zwolle, Zwolle 1984.
- DIJK, R.TH.M. VAN, „Jan Cele in het licht van zijn relaties. Portret van een opmerkelijk devoot te Zwolle”, Zwols historisch jaarboek 1985, 1-13.
- HOFMAN, R., „Joan Cele (1343-1417) en de bloei van de Latijnse school te Zwolle” in: Middeleeuwse magister. Feestbundel aangeboden aan Árpád P. Orbán bij zijn emeritaat (Middeleeuwse Studies en Bronnen 117), M. en E. Rose (eds.), Hilversum 2009, 187-200.
- WORMGOOR, I., Uit vrije wil en voor zijn zielenheil: kerkelijke instellingen in Zwolle en hun functioneren binnen de stedelijke samenleving tot 1580, Groningen 2007.