Middelnederlands

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Middelnederlands (Dietsch/ Vlaams/Brabands)
Gesproken in De Nederlanden
Sprekers
Taalfamilie

Indo-Europees

Dialecten
Alfabet Latijns
Taalcodes
ISO 639-1 -
ISO 639-2 dum
ISO 639-3 dum
Portaal  Portaalicoon   Taal
Nederlands
Jacob van Maerlant, Der naturen bloeme, de eerste encyclopedie in de volkstaal (ca. 1270).
Fol. 28r van het Gruuthuse-handschrift, met rechtsonder het lied 'Egidius waer bestu bleven', met notenschrift.
Gedicht van de middeleeuwse mystica Hadwijch.

Het Middelnederlands is een voorloper van de moderne Nederlandse taal. Het werd tussen 1200 en 1500 in het huidige Nederlandse taalgebied gesproken. Middelnederlands was de opvolger van het Oudnederlands. Het Noord-Middelnederlands wordt ook wel Diets genoemd, vooral door niet-taalkundigen. Verder bestaan ook Vlaams en Brabants in deze talengroep.

Onderscheid met Oudnederlands[bewerken]

Het Middelnederlands onderscheidt zich onder meer van het Oudnederlands door het afzwakken van de klinkers in de richting van een sjwa, ook wel klinkerreductie genoemd. Zo veranderde vogala bijvoorbeeld in vogele (in modern Nederlands: vogels).

Hoewel er in het Middelnederlands veel meer is overgeleverd (in de vorm van handschriften en de vroegste gedrukte boeken) dan van Oudnederlands en dit de begrenzing in de tijd bepaalt, is het onderscheid dus mede taalkundig van aard.[1] In het zogeheten Corpus Gysseling (1977-1987) zijn naast de Middelnederlandse teksten tot 1301 ook alle Oudnederlandse teksten opgenomen.

Geen eenheidstaal[bewerken]

Linguïstisch gezien is Middelnederlands niet meer dan een algemene naam voor een aantal (niet altijd even nauw verwante) talen of dialecten die in de Late middeleeuwen in het huidige Nederlandse taalgebied werden gesproken en geschreven. Er was toen nog geen standaardtaal, maar alle Middelnederlandse dialecten waren vermoedelijk in meer of mindere mate wederzijds verstaanbaar (want minder uit elkaar gegroeid dan de huidige).

Grammatica[bewerken]

De grammaticale opbouw van Middelnederlandse teksten verschilt grondig van die van het moderne Nederlands. Waar naamvallen in de moderne taal beperkt blijven tot enkele uitzonderingsgevallen en versteende uitdrukkingen, zijn ze in het Middelnederlands nog volop aanwezig. De taal kent vier verschillende naamvallen: de nominatief, de genitief, de datief en de accusatief. In de loop van de tijd is er een evolutie naar minder naamvallen (deflexie) merkbaar. Het naamvalgebruik heeft als gevolg dat er geen strikte woordvolgorde in een zin nodig is, wat voor iemand die Nederlands kent vaak vreemd kan aandoen. Vooral in rijmteksten wordt vaak de woordvolgorde aangepast. Als tweede valt ook de tweeledige ontkenning op. Een ontkenning bestaat uit twee delen, vaak 'niet' en 'ne'. Echte strikte regels bestonden er nog niet, dus uitzonderingen zijn volop waarneembaar.

Dialectgroepen[bewerken]

In het Middelnederlands kan men vijf hoofdgroepen aanwijzen:

  1. Brabants was de taal van het gebied waar nu de moderne Nederlandse provincies Noord-Brabant en de Belgische provincies Vlaams-Brabant, Antwerpen, evenals het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, de oostelijke gebieden van het huidige Oost-Vlaanderen, de noordelijke delen van Waals-Brabant en het zuiden van Gelderland;
  2. Hollands werd voornamelijk gesproken in de huidige provincies Noord- en Zuid-Holland en delen van Utrecht;
  3. Limburgs werd gesproken in het moderne Nederlands (ten zuiden van Venlo) en Belgisch Limburg;
  4. Oostmiddelnederlands werd gesproken in het gebied van de moderne provincies Gelderland (behalve het rivierengebied), Overijssel, Drenthe en delen van Groningen. De Oostmiddelnederlandse dialecten vormden de meest westelijke Nedersaksische dialecten.
  5. Vlaams (soms onderverdeeld in West-Vlaams en Oost-Vlaams) werd gesproken in de moderne regio van West- en Oost-Vlaanderen, alsmede in Zeeuws-Vlaanderen en Frans-Vlaanderen.

De Limburgse en Oostmiddelnederlandse dialecten hebben ten dele mede de eigenschappen van respectievelijk Middelhoogduits en Middelnederduits, omdat de regio's waar deze dialecten werden gesproken toen vielen in het Duitse taalgebied in engere zin, zoals op historisch-linguïstische kaarten kan worden gezien. Het Oostmiddelnederlands en het Limburgs waren toen nauwer verwant aan de aangrenzende dialecten die ten oosten van de latere landsgrens werden gesproken dan aan het Middelnederfrankisch (ofwel Vlaams, Brabants en Hollands). Juist vanwege die taalkundige overlap is door de Duitse filoloog Ahrend Mihm de term Rheinmaasländisch geintroduceerd voor de Middelnederlandse literatuur in het overgangsgebied van Limburg tot aan de Rijn. In de ruimste zin zijn eerder alle Middelnederlandse dialecten, met uitzondering van de Limburgse, ook wel als Nederduits beschouwd.

In deze periode, voor het ontstaan van de standaardtalen, was er binnen het dialectcontinuüm hoe dan ook nog geen eenduidige taalgrens tussen de huidige standaardtalen Nederlands en Duits. Met de ontwikkeling van de Nederlandse standaardtaal begon een volgende fase: het Nieuwnederlands.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • M. Mooijaart & M. Van Der Wal, Nederlands van Middeleeuwen tot Gouden Eeuw, 2008, ISBN13 9789460040085
  • W.J.J. Pijnenburg e.a., Vroegmiddelnederlands Woordenboek 2001
  • J. Verdam & E. Verwijs, Middelnederlandsch Woordenboek
  • J. Verdam, met medewerking van C.H. Ebbinge Wubben, Middelnederlandsch handwoordenboek (1932; en sedertdien vele onveranderde herdrukken).
  • F.A. Stoett, Middelnederlandsche Spraakkunst Syntaxis, 3e druk 1923.
  • A. van Loey, Middelnederlandse spraakkunst I Vormleer, 9e druk 1980; II Klankleer, 8e druk 1980.
  • J.M. van der Horst, Kleine Middelnederlandse Syntaxis, (1981) 4e druk 1994.
  • A. Berteloot, Bijdrage tot een klankatlas van het dertiende-eeuwse Middelnederlands, 1984.
  • M.A. Mooijaart, Atlas van Vroegmiddelnederlandse taalvarianten, 1992.
  • A.M. Duinhoven, Middelnederlandse syntaxis, synchroon en diachroon I, De naamwoordgroep, 1988; II: De werkwoordgroep, 1997.
  • M.C. van den Toorn e.a. (eds.), Geschiedenis van de Nederlandse taal, 1997.
  • Middelnederlandsch woordenboek; Corpus Gysseling; Ca. 285 literaire teksten uit de periode 1250-1500 ISBN13 9789075566901

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Zie onder meer A. Quak en J.M. van der Horst, Inleiding Oudnederlands (Leuven, 2002) en M.C. van den Toorn et al., Geschiedenis van de Nederlandse taal (Amsterdam, 1997).
Wikisource Bronnen die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Hoofdportaal:Middelnederlands op Wikisource
Icoontje WikiWoordenboek Zoek Middelnederlands op in het WikiWoordenboek.