Grammatica
Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
De term grammatica komt oorspronkelijk uit van het Griekse woord: γράμματον, wat letter betekent. Het is binnen de theoretische taalkunde de benaming voor de studie, beschrijving en verklaring voor alles wat met de systematiek van een natuurlijke taal of kunsttaal te maken heeft. Dus de structuur van de woorden en de zinnen van een taal wordt gedefinieerd aan de hand van regels. Er wordt onderscheid gemaakt tussen de descriptieve grammatica, de prescriptieve grammatica en de lerende grammatica. Die laatste wordt gebruikt om mensen de taal als tweede taal aan te leren.
Daarnaast is een grammatica een beschrijving van de systematiek van een specifieke taal. Dit kan een volledig formeel-wiskundige beschrijving zijn, een in de taal zelf (zie ook autologie) of andere taal opgeschreven beschrijving, of een combinatie hiervan. Ook een (studie)werk waarin de grammatica van een taal wordt beschreven wordt zelf een grammatica genoemd.
Inhoud |
[bewerken] De grammatica van natuurlijke talen
Bij de beschrijving van de grammaticale structuur van natuurlijke talen wordt er traditioneel een onderscheid gemaakt tussen syntaxis (zinsbouw) en morfologie (woordbouw).
Syntaxis is het meest uitgebreide deelgebeid, waar traditioneel twee vormen van zinsontleding naast elkaar worden gebruikt: taalkundige ontleding ofwel woordontleding en redekundige ontleding ofwel zinsontleding.
Daarnaast wordt ook de fonologie vaak als een onderdeel van de grammatica beschouwd. In feite vormt deze laatste discipline een grensgebied tussen enerzijds de syntaxis en anderzijds de fonetiek.
[bewerken] Taalkundige benoeming
Woorden kunnen aan de hand van hun functie en combineerbaarheid worden gegroepeerd in woordsoorten. Het op deze wijze benoemen van woorden noemt men taalkundig benoemen, soms ook (minder duidelijk) 'taalkundig ontleden', of 'woordbenoemen':
- zelfstandige naamwoorden of substantieven
- bijvoeglijke naamwoorden of adjectieven
- bijwoorden of adverbia
- voornaamwoorden
- werkwoorden
- voegwoorden
- lidwoorden
- voor- en achterzetsels
- telwoorden
- tussenwerpsels
[bewerken] Redekundige ontleding
Los daarvan kunnen zinsdelen worden benoemd naar hun functie binnen de zin. Dit noemt men redekundig ontleden of 'zinsontleden':
- onderwerp
- gezegde (naamwoordelijk of werkwoordelijk)
- persoonsvorm
- lijdend voorwerp
- meewerkend voorwerp
- belanghebbend voorwerp
- bezittend voorwerp
- voorzetselvoorwerp
- handelend voorwerp
- ondervindend voorwerp
- bepaling van gesteldheid
- bijwoordelijke bepaling
- bijvoeglijke bepaling
[bewerken] Soorten zinnen
Niet alleen woorden, maar ook deelzinnen kunnen een functie binnen de (complete) zin vervullen; zie deelzinnen (hoofd- en bijzinnen).
[bewerken] Metatalen
Behalve bij de studie van "gewone" talen worden de begrippen grammatica, syntaxis en semantiek ook gebruikt voor formele en computertalen. Om de grammatica van een taal (zowel natuurlijke als computertalen) formeel te beschrijven zijn metatalen ontwikkeld. Een voorbeeld hiervan is de Backus-Naur Form (BNF). In de taalkunde is ook hier het werk van Chomsky baanbrekend geweest.
[bewerken] Zie ook
- Categoriale grammatica
- Cognitieve grammatica
- Constructiegrammatica
- Context-vrije grammatica
- Dependentiegrammatica
- Emergente grammatica
- Esperantogrammatica
- Fraseologie
- Functionalistische taalkunde
- Generatieve grammatica
- Nederlandse grammatica
- Semantiek
- Systemisch-Functionele Grammatica
- Zinsbouw