Koe (rund)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Een koe in een weiland
De koeien van boer Kruiswijk mogen naar de wei na de winter op stal te hebben gestaan (1959)
Charolais in Frankrijk
Koeien in de omgeving van Junne bij Ommen
Koeien op stal, etend
De melkkoe Christina wordt op de boerderij van dhr. Dijkstra te Oldehove onder grote belangstelling gehuldigd voor haar record van 100.000 liter melk (1964).
Een kudde melkvee
Exterieur van een melkkoe

Een koe is een vrouwelijk rund en als moederdier een belangrijke producent van melk. Een melkkoe geeft in een lactatieperiode tussen de 7 en 40 liter melk per dag: gemiddeld 25 liter melk per dag. Een koe wordt gemiddeld 315 dagen per jaar gemolken. Dit komt neer op een gemiddelde productie van 7875 liter melk per koe per jaar. Sommige koeien produceren tijdens hun leven wel 100.000 liter melk. De statistiek, regelgeving en voorlichting in deze sector wordt bijgehouden door het Productschap Zuivel.

Een koe kan een leeftijd van 20 jaar bereiken. Tegenwoordig wordt de gemiddelde melkkoe echter maar vijf à zes jaar oud. Wanneer de melkproductie dreigt te dalen of de koeien niet optimaal vruchtbaar zijn, worden ze vaak afgevoerd naar het slachthuis. De dieren worden dan vervangen door een vaars (jonge koe) met vaak een beter genetisch potentieel.

Anno 2010 wordt door de melkveehouderijsector in samenwerking met de fokkerijorganisaties getracht duurzamer met de koeien om te gaan, zodat die een hogere productieve leeftijd bereiken.[1]

Spijsvertering[bewerken]

Een koe behoort tot de herbivoren. Zij trekt het gras met de tong van de grond en maalt het tussen de onderste tanden en de kaken. De koe is een herkauwer en slikt het gras bijna zonder kauwen in. Een koe heeft vier magen. Als de pens (eerste maag) vol is, komt het gras terug in de mond waarop het fijngekauwd wordt. Hierna wordt het weer ingeslikt. In de pens wordt het voedsel door micro-organismen gefermenteerd. De tweede maag, de netmaag, zorgt ervoor dat het gefermenteerde voedsel doorstroomt naar de boekmaag. In deze derde maag wordt het vocht uit het verteerde voedsel gehaald. Als laatste volgt de vierde maag, de lebmaag. Deze maag lijkt het meest op de maag zoals bij niet herkauwende zoogdieren. Hier wordt het voedsel verteerd door spijsverteringssappen en doorgegeven naar de dunne darm. In de darm gaat de vertering verder en worden de vrijgekomen voedingsstoffen via de darmwand in het bloed opgenomen. Via het bloed worden de voedingsstoffen getransporteerd naar de plaats waar ze nodig zijn. Onverteerde voedselresten worden via de anus als feces (mest) uit het lichaam verwijderd.

Van kalf tot koe[bewerken]

Het jong van een koe wordt een kalf genoemd. Een eenjarig dier wordt een pink genoemd. Een pink wordt gedekt of geïnsemineerd op een leeftijd van ongeveer vijftien maanden. Een koe heeft een gemiddelde draagtijd van 281 dagen. Als een pink uiervorming krijgt wordt het een klamvaars genoemd. Na het afkalven heeft een pink een leeftijd van ongeveer 24 maanden en wordt dan een melkvaars genoemd. Na ongeveer drie weken kan de vaars opnieuw gedekt of geïnsemineerd worden als de vaars tochtig wordt. Deze tochtigheid herhaalt zich elke drie weken totdat de vaars drachtig is. Als een koe voor de tweede keer gekalfd heeft word het een schotter genoemd, na de derde keer een 3e kalfs koe, na de vierde een 4e kalfs koe, etc.

Melkproductie[bewerken]

Goede Nederlandse melkkoeien gaven rond 1900 zo'n 2500 liter melk.[2] In 1950 gaf een gemiddelde koe 3980 liter melk per jaar. In 2006 is dat toegenomen tot 7800 liter melk, terwijl sommige koeien nu zelfs 12000 liter per jaar geven. Deze verhoging van de melkproductie is tot stand gekomen door selectief fokken en door het bijvoeren van krachtvoer.

De melk wordt gevormd in de melkblaasjes van de uier. Melkvormende cellen halen de nodige bestanddelen uit het bloed. Er moet circa 300 tot 400 liter bloed passeren om 1 liter melk te maken. Druppels melk verlaten de melkklieren pas wanneer de druk in de melkboezem te groot wordt. Wanneer op de juiste manier op de tepels (op de uier) van een koe geduwd wordt, komt er melk uit. Vanouds ging dat met de hand, maar op moderne boerderijen met veel koeien is dat niet meer haalbaar. Daar wordt dan ook machinaal gemolken met een melkmachine. Een soort klauw met vier tepelhouders (rubberen zuignappen) wordt aan de tepels van de koe gehangen. Dit wordt mogelijk gemaakt met behulp van een vacuümpomp. Door een zogenaamde pulsator wordt de onderdruk ritmisch gevarieerd om het zuigen van een kalf na te bootsen.

In principe moet een koe twee keer per dag worden gemolken, in ieder geval de eerste tien maanden nadat een kalfje geboren is. Vandaar dat het door de veehouder vanuit financieel oogpunt gewenst is dat een koe ieder jaar een kalf krijgt. Een pasgeboren kalf wordt meestal meteen bij de moeder weggehaald om besmettingen met ziektes te voorkomen. De eerste drie dagen krijgt het, om het afweersysteem op te bouwen, de moedermelk (biest) met een nepspeen te drinken. Bij zoogkoeien gaat het niet om de melk maar om het vlees. Melkkoeien geven meer melk dan een kalf op kan drinken; van de overige melk worden zuivelproducten gemaakt.

Een gedeelte van de vrouwelijke kalveren blijft op het bedrijf en wordt opgefokt tot melkkoe. De jonge stieren gaan naar een kalveropfokbedrijf en blijven daar tot twee jaar als vleeskalf om afgemest te worden.

Mijlpalen[bewerken]

Een melkkoe kan verschillende belangrijke mijlpalen halen in haar leven. Dit kan op het gebied zijn van melk, show en exterieur.

Melkproductie[bewerken]

Op het gebied van melkproductie zijn er twee mijlpalen:

  • Honderdduizend liter melk. Dit is normaal gesproken de eerste mijlpaal die gehaald wordt, vaak op een leeftijd tussen de 12 en 16 jaar. Doordat de doorsnee koe meer melk is gaan geven wordt deze mijlpaal tegenwoordig steeds vaker gehaald. Eerder werd er een feest gegeven als het werd gehaald, tegenwoordig krijgt men alleen nog maar een certificaat van het stamboek.
  • Tienduizend kilogram vet en eiwit. Deze mijlpaal is veel moeilijker te halen. Wanneer een koe in haar hele leven meer dan 10.000 kg vet en eiwit heeft gegeven, wordt die koe gehuldigd, vaak samengaand met een feestje. Deze koeien hebben dan ongeveer tussen de 125.000 en 150.000 liter melk gegeven.

Show[bewerken]

Bij show is winnaar worden het belangrijkste. Bij een show worden de koeien per groep ingedeeld. Bij roodbont zijn dat roodbont vaarzen, roodbont midden en roodbont oud. Per groep worden kleinere groepen ingedeeld die gelijktijdig in de (show)ring gaan. De winnaar van een groepje krijgt de status 1A of 1B en mag verder naar de finale. Hieruit wordt een kampioen en een reservekampioen gekozen. Alle kampioenen en reservekampioenen gaan strijden voor de titel algemeen kampioen. Hoe groter de show, hoe groter de mijlpaal.

Er zijn diverse grote shows in Nederland; HHH show, NRM (tweejaarlijks), de CRV KoeExpo. Op Europees niveau is er nog een EK.

Exterieur[bewerken]

Een koe kan beoordeeld worden op lichaamsbouw, dit noemt men keuring op exterieur. Een keurmeester waardeert het dier door het geven van punten voor verschillende onderdelen. Een vaars kan in totaal tussen de 71 en 89 punten behalen. Een score VG89 houdt in dat de vaars bijna perfect is op exterieurgebied. Op oudere leeftijd kan zij opnieuw gekeurd worden en de status excellent verkrijgen als het aantal punten tussen EX90 en EX99 ligt. Hoger dan EX95 is in Nederland nog nooit gegeven. De gemiddelde exterieur beoordeling bedraagt in Nederland 82.3 punten.

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Oudere koeien voor een duurzame houderij, F-focus, augustus 2008
  2. Zie ook De melkkampioenen in het virtuele land.nl. Bezien 30 oktober 2011.