Lector

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Voor de liturgische betekenis van het woord, zie lector (liturgie).

De term lector of lectrice (meervoud: lectores/lectrices) heeft een niet-formele betekenis die direct verband houdt met de Latijnse stam (legere = lezen, dus de lector is 'degene die leest'). Het gaat dan om de persoon die een lezing houdt.

Het is ook een specifieke titel in verschillende landen en godsdiensten.

Lector in Nederland[bewerken]

Wetenschappelijk onderwijs[bewerken]

Een lector was in Nederland een docent aan een universiteit met een ambtelijke rang net onder die van hoogleraar. Een lector had vrijwel dezelfde bevoegdheden als een hoogleraar, met name het ius promovendi. Met ingang van 1 januari 1980 werden alle lectoren, die daartegen geen bezwaar maakten, collectief benoemd tot hoogleraar. Enkelen maakten wel bezwaar en bleven lector. Met het verdwijnen van de rang van lector kwamen er twee hoogleraarsrangen, A en B, inmiddels vervangen door categorieën 1 en 2.

Hoger beroepsonderwijs[bewerken]

In het hoger beroepsonderwijs (hbo) echter, is rond 2001/2002 in Nederland de functie lector (afkorting: lec.) geïntroduceerd. Een en ander is in een stroomversnelling gekomen door de invoering van de bachelor-masterstructuur (BaMA-stelsel), waarbij sommige hogescholen samenwerkingsverbanden aangaan met universiteiten of een eigen master-opleiding opzetten.

Een lector op een hogeschool vervult hierbij een soortgelijke functie als een hoogleraar aan een universiteit. Veelal heeft hij of zij een eigen leeropdracht c.q. leerstoel: lectoraat. Daar is meestal ook een kenniskring aan verbonden, dat wil zeggen docenten uit de hogeschool die onderzoek en ontwikkeling doen in aanvulling op hun onderwijstaken. Rob Oudkerk omschreef de rol van lector in een interview naar aanleiding van zijn eigen positie als lector leefstijlverandering bij jongeren aan de Haagse Hogeschool als "een soort praktijkprofessor. Een hoogleraar doet wetenschappelijk onderzoek, verhoogt het kennisniveau van studenten en collega's, beïnvloedt het maatschappelijk debat. Een lector toetst daarnaast of alles wel effectief is wat bedacht wordt".[1]

De Nederlandse HBO-lectoren zijn verenigd in het Forum Praktijkgericht Onderzoek, voorzitter is prof. dr. Mia Duijnstee.

Lector in België[bewerken]

In België is een lector iemand die als lesgever aangesteld is aan een hogeschool in de opleiding professionele bachelor. Het is een ambt in het hoger onderwijs van de eerste graad (OP, Onderwijzend Personeel). Naast lesgeven kunnen ook maatschappelijke dienstverlening en projectmatig wetenschappelijk onderzoek tot het takenpakket van de lector behoren.

In de spreektaal vallen de ambten praktijklector, hoofdpraktijklector, lector en hoofdlector onder de verzamelnaam 'lector'. Voor praktijklector en hoofdpraktijklector is minimaal de graad van bachelor vereist, voor de twee overige minimaal de graad van master. Lectoren kunnen lesopdrachten krijgen in het academische richtingen aan een hogeschool, hoewel het gebruikelijker is om lesgevers dan te benoemen tot de ambten in het hoger onderwijs van de tweede graad (AAP, Assisterend Academisch Personeel), nl. praktijkassistent en assistent die dezelfde minimale vereisten en verloning hebben als lector. In tegenstelling tot een assistent krijgt een lector met voltijdse aanstelling geen tijd voor promotieonderzoek, maar kan dan weer wel een volledige carrière in hetzelfde ambt uitbouwen.

Lector in het christendom[bewerken]

Overige betekenissen[bewerken]

  • In Polen wordt de term lector gebruikt voor de (meestal mannelijke) persoon die Poolse vertalingen declameert.
  • Nasynchronisatie middels een lector (voorlezer) is de standaardmethode voor televisie en DVD's.
  • Volgens Van Dale is een lector ook iemand die manuscripten naleest bij een uitgeverij.

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties