Legermuseum (Delft)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Het museum

Het Legermuseum was een museum gericht op de geschiedenis van de Nederlandse krijgsmacht, met name de landstrijdkrachten. Het was van 1986 tot januari 2013 gevestigd aan de Korte Geer te Delft.

De collectie[bewerken]

De oorsprong van de collectie is de grote privéverzameling van generaal F.A. Hoefer (1850-1938). Hij kocht Kasteel Doorwerth bij Arnhem om daar de collectie onder te brengen en voor het publiek toegankelijk te maken. Op 5 augustus 1913 opende Prins Hendrik het museum en noemde dit het 'Nederlandsch Artillerie Museum'. Het museum werd door de Minister van Oorlog ondergebracht in de Stichting Het Nederlandsch Legermuseum, waarvan Hoefer tot zijn dood voorzitter bleef. In 1973 kreeg de Stichting het predicaat Koninklijk.

De locatie[bewerken]

Leiden[bewerken]

Legermuseum in Leiden, 1949-1986

In 1940 nam het Ministerie van Defensie de huur van het Pesthuis in Leiden over van het Ministerie van Justitie. Kort na het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog werd besloten om de collectie van het Legermuseum van Kasteel Doorwerth daarheen te verhuizen. De Tweede Wereldoorlog vertraagde de noodzakelijke restauratie. Het nieuwe museum werd in 1949 geopend; de officiële opening was zelfs pas in 1956.

Gevelsteen (zijde Oude Delft)

Delft[bewerken]

In 1959 kreeg de Stichting ook de beschikking over het Armamentarium in Delft. Het was een voormalig artilleriemagazijn van de Staten van Holland en West-Friesland. Het oudste deel dateert uit de periode 1601-1602. Er zijn uitbreidingen toegevoegd in 1660 en rond 1692. In 1802, nadat de Vereenigde Oostindische Compagnie failliet gegaan was, werd een VOC-pakhuis bij het Armamentarium gevoegd. In 1959 is er een grote voorraad munitie en geschut uit de Tweede Wereldoorlog verworven, die in eerste instantie gebruikt werd als studiemateriaal.

De collectie werd aan de Stichting overgedragen, die daarmee twee locaties had, in Leiden en in Delft. Er werd besloten het Armamentarium in Delft te restaureren en renoveren, hetgeen acht jaar duurde, en daar de gehele collectie onder te brengen. In 1986 verrichtte de minister van Defensie in aanwezigheid van prins Bernhard alvast de opening van de historische expositie in het drie verdiepingen tellende gebouw uit 1692, en in 1989 opent koningin Beatrix het hele museum. Het gebouwencomplex was in gebruik als Koninklijk Militair Historisch Museum. Het is eigendom van de Staat (Rijksgebouwendienst).

Het instituut wilde de bezoeker een grondige impressie bieden van met name de Nederlandse krijgsgeschiedenis. Het Legermuseum trok jaarlijks ongeveer 61.000 bezoekers.[1] Sinds het vertrek van het museum van deze locatie, in 2013, wordt nagedacht over een nieuwe culturele invulling van het Armamentarium.[2] In 2014, het gebouw was in het tijdelijk gebruik door de TU Delft.

Soesterberg[bewerken]

Het museum, in 2013 vertrokken uit Delft, zal in 2014 worden geopend op de voormalige vliegbasis Soesterberg als het Nationaal Militair Museum. Het nieuwe museum wordt een samenvoeging van het Legermuseum in Delft en het Militaire Luchtvaart Museum in Soesterberg. Bij het nieuwe museum komt een groot buitenterrein voor exposities en evenementen.

De depots voor het nieuwe militaire museum zijn woensdag 13 mei 2009 al in gebruik gesteld door plv. secretaris-generaal van Defensie Jeroen Sikkel.

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. Delft Marketing/ Kerncijfers 2006 (gemeente Delft)
  2. Website Stichting Armamentarium Delft