Papyrus van Ani

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Deze afbeelding toont een van de 37 stukken uit de papyrus van Ani. Dit is het bekendste onderdeel van Ani's dodenboek met het wegen van het hart. Als Ani deze twee proeven weet te doorstaan kan hij verenigd worden met Osiris en het eeuwige leven verkrijgen. In de papyrus zien we Ani steeds vergezeld door zijn vrouw Toutou.

Het Papyrus van Ani is een papyrusrol geschreven in cursieve hiërogliefen en geïllustreerd met miniaturen. Het werk dateert uit de 19e dynastie van het Nieuwe Rijk uit het Oude Egypte (ca. 1250 v.Chr).

Dodenboek[bewerken]

De papyrus is een Egyptisch dodenboek dat aan Ani, de schrijver, na zijn dood werd meegegeven op zijn reis naar de onderwereld. Dit om hem tijdens deze gevaarlijke reis te begeleiden. Het dodenboek bevat verklaringen en bezweringen die hem moesten helpen de beproevingen te doorstaan alvorens zich het eeuwige leven in de onderwereld te kunnen verwerven. Het geloof dat deze tekeningen en teksten zouden helpen komen voort uit de oude Egyptische opvatting, dat wat geschreven staat waar is.

Aankoop door het British Museum[bewerken]

Het papyrus van Ani heeft een lengte van 23,5 meter. Het boek werd in het jaar 1888 in Egypte aangekocht door de Britse egyptoloog E.A. Wallis Budge voor de collectie van het British Museum. In 1888 verscheepte Budge het dodenboek van Ani naar Engeland. Om het te verschepen liet Budge de papyrusrol in 37 stukken van ongeveer gelijke grootte snijden. Aangezien hij nog niet over de benodigde technologie beschikte om de papyrus in Londen weer in elkaar te zetten, raakte het werk hierdoor behoorlijk beschadigd.

Literatuur[bewerken]