René Pijnen
| René Pijnen | ||||
| René Pijnen tijdens de Zesdaagse van Amsterdam van 1969 | ||||
| Persoonlijke informatie | ||||
| Volledige naam | Marinus Augustinus Josephus Pijnen | |||
| Geboortedatum | René | |||
| Geboorteplaats | ||||
| Sportieve informatie | ||||
| Huidige ploeg | gestopt | |||
| Discipline | Baan, Weg | |||
| Ploegen | ||||
| 1969 - 1970 1971 - 1973 1974 - 1977 1978 - 1980 1981 - 1982 1983 - 1986 1987 |
Willem II-Gazelle Bic TI-Raleigh Gazelle-Campagnolo Gazelle Gazelle-Vredestein Gazelle |
|||
| Beste prestaties (top-20) | ||||
| Ronde van Spanje | 20e (1970) 4 etappezeges |
|||
|
||||
Marinus Augustinus Josephus (René) Pijnen (Woensdrecht, 3 september 1946) is een voormalig Nederlands wielrenner, die vooral uitblonk in het baanwielrennen.
Tot op, voor wielrenners, hoge leeftijd bleef Pijnen actief in het rijden van zesdaagsen. René Pijnen ging van start in 233 zesdaagsen en won er 72, 42 maal eindigde hij op de tweede en 41 maal op de derde plaats. Zijn eerste zesdaagse reed hij in februari 1969 en zijn laatste in december 1987. Hij was dus bijna 19 jaar actief in de Zesdaagsewereld.
Na de breuk met zijn eerste vaste koppelgenoot Leo Duyndam ontbrak het René Pijnen aan een vaste Nederlandse koppelgenoot van gelijkwaardig niveau. Pijnen werd evenwel bekend als een renner die door zijn koersinzicht en zijn uithoudingsvermogen met iedereen kon winnen en werd op uitnodiging van de Zesdaagseorganisaties vaak gekoppeld aan (publiekstrekkende) wegrenners en lokale favorieten die hij hoog in het eindklassement moest kunnen laten eindigen.
In totaal won hij een Zesdaagse met 28 verschillende partners uit een recordtotaal van 79 partners. Daaronder waren ook typische wegrenners als Gerrie Knetemann, Jan Raas, Giuseppe Saronni en Roger De Vlaeminck. Naar het aantal starts en overwinningen genomen waren zijn belangrijkste koppelgenoten: Günther Haritz, (7 overwinningen uit 23 starts), Leo Duyndam (9 overwinningen uit 21 starts), Gert Frank (6 overwinningen uit 16 starts), Francesco Moser (9 overwinningen uit 14 starts) en Patrick Sercu (8 overwinningen uit 14 starts).
René Pijnen won Zesdaagsen in Antwerpen, Berlijn, Bremen (record van 7x), Dortmund, Gent, Grenoble, Groningen, Frankfurt, Herning, Kopenhagen, Keulen, Londen, Maastricht (record van 6x), Madrid, Milaan, München, Münster, Parijs, Rotterdam (record van 10x) en Zürich.
Daarnaast is hij mederecordwinnaar Europees kampioenschap koppelkoers (6x) in een tijd waarin er nog geen wereldkampioenschappen koppelkoers verreden werden.
Pijnen debuteerde als nieuweling in 1963. Van de 98 wegwedstrijden die hij in deze categorie reed won hij er 40. Als amateur behaalde hij 49 overwinningen en werd 3e bij het wereldkampioenschap op de weg in 1967 in Heerlen. Ook als prof behaalde hij overwinningen op de weg en kon een specialist genoemd worden in prologen en korte tijdritten. Een herkenbare eigenschap van typische baanrenners die op de weg rijden; het (telkens) kilometerslang kunnen aanhouden van een bijna sprintsnelheid. Door zijn nagenoeg allroundtalent kon René Pijnen echter in vrijwel alle soorten wedstrijdenzeer goed uit de voeten, met uitzondering van het echte hooggebergte - waarbij Pijnen weleens 'door het ijs kon zakken', en bleef tot 1977 naast het winterbaanseizoen een volledig, internationaal programma op de weg rijden. Zo ongeveer na dit jaar werden wegwedstrijden, waaronder langzaamaan voornamelijk criteriums, koersen achter de derny en kermiskoersen, steeds meer een vorm van training voor het winterbaanseizoen.
Pijnen bleek een zeer getalenteerd renner, die op de weg, als nog jonge coureur, net onder de wereldtop bleef, en zich op de baan ontwikkelde tot Zesdaagserenner van absolute wereldklasse. Opmerkelijke bijkomstigheid van zijn lange profcarrière is dat hij letterlijk zij aan zij heeft gekoerst met enerzijds Jacques Anquetil en anderzijds Miguel Indurain (respectievelijk in een gezamenlijke achtervolging op de kopgroep in Parijs-Tours 1969, en in de Zesdaagse van Madrid 1986).
Belangrijkste overwinningen en prestaties [bewerken]
1967
- Bronzen medaille Wereldkampioenschap amateurs
1968
- Olympisch kampioen 100 km ploegentijdrit (met Fedor den Hertog, Jan Krekels en Joop Zoetemelk)
- 5e plaats Olympische wegrit
1970
- 1 Zesdaagse
- 8 dagen in de leiderstrui Ronde van Spanje
1971
- 3 etappes Ronde van Spanje en 8 dagen in de leiderstrui
- 1 Zesdaagse
1972
- 1e etappe GP Fourmies
- Eindklassement GP Fourmies
- 1 etappe Ronde van Spanje
- 3 Zesdaagses
1973
- Europees kampioen koppelkoers (baan), Elite (met Leo Duyndam (Ned))
- 3 Zesdaagses
- 2e plaats Wereldkampioenschap individuele achtervolging San Sebastian
1974
- Europees kampioen koppelkoers (baan), Elite (met Patrick Sercu (Bel))
- 5 Zesdaagses
- 3e plaats Wereldkampioenschap individuele achtervolging Montreal
1975
- 5 Zesdaagses
1976
- Europees kampioen koppelkoers (baan), Elite (met Günter Haritz (Dui))
- 2 Zesdaagses
1977
- 5 Zesdaagses
1978
- Europees kampioen Derny (baan), Elite
- 5 Zesdaagses
1979
- 8 Zesdaagses
1980
- Europees kampioen koppelkoers (baan), Elite (met Michel Vaarten (Bel))
- 5 Zesdaagses
1981
- 4 Zesdaagses
1982
- Europees kampioen koppelkoers (baan), Elite (met Patrick Sercu (Bel))
- 6 Zesdaagses
1983
- 7 Zesdaagses
1984
- 6 Zesdaagses
1985
- Europees kampioen koppelkoers (baan), Elite (met Gert Frank (Den))
- 3 Zesdaagses
1986
- 2 Zesdaagses
1987
- 1 Zesdaagse
Tourdeelnames [bewerken]
Ondanks de korte klasseringen in de eerste weken van zijn twee Tour-deelnames in 1969 en 1970 heeft Pijnen herhaaldelijk in interviews gesteld dat hij, mede door het buitengewone talent wat hij reeds had getoond in zijn amateurtijd, te vroeg in zijn carrière werd opgesteld voor deze wedstrijd. Met name de wandeletappes, de zeer beperkte verdiensten destijds in de Tour de France voor de deelnemers, de lange verplaatsingen tussen finishplaats en nieuwe startplaats stonden hem tegen. In 1969 moest hij de Tour verlaten na een opstootje met een Spaanse renner die hem ten val had gebracht, en in 1970 kwam hij na een valpartij bewust buiten tijd aan. Hierbij moet voor ogen worden gehouden dat de Tour de France nog niet de uitstraling in de media had in Nederland die ze met name sinds de grote successen van de TI-Raleigh wielerpoeg en de (integrale) verslaggeving via televsie heeft. Aanprekende prestaties in deze etappewedstrijd lieten zich ook niet snel vertalen in beter betaalde contracten voor een professioneel wielrenner, destijds waren de Zesdaagses lucratiever. Sterker nog, prestaties op de weg werden in de regel verzilverd in deelnames in profcriteriums enerzijds en Zesdaagses anderzijds. Pijnen liet bij zijn overstap naar de Bic en de ploegen die daarop volgden in zijn contract opnemen dat hij geen Tour de France hoefde te rijden; alhoewel hij bij de toen nog in opbouw zijnde TI-Raleigh ploeg, als eerste kopman van die ploeg, trachtte alsnog een aansprekende overwinning op de weg te behalen om dit in munt om te zetten in het Zesdaagseseizoen.
Resultaten in voornaamste wedstrijden op de weg [bewerken]
|
|
| Olympisch kampioen | |
|---|---|
|
1960: Trapè, Bailetti, Cogliati, Fornoni · 1964: Zoet, Dolman, Karstens, Pieterse · 1968: Zoetemelk, den Hertog, Krekels, Pijnen · 1972: Jardi, Komnatov, Likhatsjov, Sjoekov · 1976: Tsjoekanov, Tsjaplygin, Kaminsky, Pikkuus · 1980: Kasjirin, Logvin, Sjelpakov, Jarkin · 1984: Bartalini, Giovannetti, Poli, Vandelli · 1988: Ampler, Kummer, Landsmann, Schur · 1992: Dittert, Meyer, Peschel, Rich |
|