Toeval

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie het artikel Dit artikel gaat over het begrip toeval dat onder andere in de statistiek en filosofie voorkomt. Voor de toeval, zoals die bijvoorbeeld bij epilepsie voorkomt, zie insult.

Het toeval kan worden gezien als het voorkomen van gebeurtenissen waarvoor geen doeloorzaak te vinden is, of die ontstaan door een stochastisch proces.

Toeval is een vorm van het ruimere begrip onbepaalde oorzaak, waaronder wordt verstaan iedere gebeurtenis die onbedoeld, ongericht of ongestructureerd het plaatsvinden van een andere gebeurtenis bepaalt.

Kansrekening, statistiek en wiskunde[bewerken]

In de kansrekening en statistiek speelt toeval een belangrijke rol. Toeval wordt gebruikt als model voor (nog) onvoorspelbaar gedrag van systemen en gebeurtenissen. Daarnaast gebruiken wiskundige modellen toeval voor gebeurtenissen en systemen waar het gedrag wel degelijk bekend is, maar waarvan het model nodeloos ingewikkeld is.

Filosofie en theologie[bewerken]

De theorie dat toeval niet bestaat, met andere woorden, dat alle gebeurtenissen van tevoren volledig bepaald en dus volledig voorspelbaar zijn (het determinisme, het beroemdst geformuleerd door Laplace) heeft lange tijd de grootste schare volgelingen gekend in zowel de filosofie als de natuurkunde. In de theologie is er voortdurend strijd tussen de stelling dat God alles heeft voorbestemd (predestinatie) en de stelling dat God de mens een vrije wil heeft gegeven om te kunnen kiezen tussen goed en kwaad.

Natuurkunde[bewerken]

De 'ontdekking' van de kwantummechanica (door onder andere Max Planck en Niels Bohr) heeft daar echter verandering in gebracht. Een van de stellingen daarvan is dat bepaalde eigenschappen van een deeltje niet met zekerheid vast te stellen zijn en dat wat wordt waargenomen beïnvloed wordt door de waarneming zelf. Het gedrag van een individueel elementair deeltje wordt slecht in termen van waarschijnlijkheid beschreven. Hieruit leiden veel tegenstanders van determinisme af dat het voor de waarnemer in deze zin onmogelijk is om een volledige voorspelling te doen en dat het volledig voorspelbare universum (volgens de moderne fysica) voor de mens niet bestaat.

Biologie[bewerken]

In de biologie wordt gebruikgemaakt van toeval in het kader van de evolutietheorie. Een van de uitgangspunten van die theorie is dat de variatie in eigenschappen van individuen in een populatie toevallig van aard is. Doordat individuen die het best aangepast zijn aan de lokale omgeving de beste kans hebben zich voort te planten, zal door natuurlijke selectie veranderen in de loop van de tijd de eigenschappen van de populatie. Een andere toepassing van toeval in de evolutietheorie is het concept van genetische drift.

Psychologie[bewerken]

De psycholoog Jung viel het op dat er soms 'toevallige' reeksen gebeurtenissen voorvielen die toch een of andere verborgen relatie met elkaar leken te hebben. Hij noemde dit verschijnsel synchroniciteit.

Zie ook[bewerken]

Zoek dit woord op in WikiWoordenboek