Vliegerkruis

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vliegerkruis en baton


Het Vliegerkruis is een Nederlandse oorlogsonderscheiding, ingevoerd in 1941, dat aan Nederlandse militairen wordt uitgereikt die zich door initiatief, moed en volharding tegenover de vijand dan wel in verband met vijandelijke actie, hebben onderscheiden en deze daden hebben bedreven gedurende een of meer vluchten in een luchtvaartuig. De onderscheiding werd ook aan geallieerde vliegers, wier verrichtingen in de lucht van uitnemend belang waren voor Nederland, uitgereikt.

Er werden tot 2007 735 vliegerkruisen uitgereikt, laatstelijk nog aan een F16-vlieger, majoor-vlieger M. Duivesteijn, voor de "uitzonderlijke moed en volharding" die hij toonde tijdens een vlucht boven voormalig Joegoslavië in het kader van de operatie Allied Force in 1999. Onder de dragers was "soldaat van Oranje" Erik Hazelhoff Roelfzema, ook prins Bernhard der Nederlanden droeg het Vliegerkruis.

De totstandkoming van het Vliegerkruis[bewerken]

Op 23 augustus 1941 stelde de in ballingschap in Londen verblijvende ministers in een rapport dat het de "uitdrukkelijke wens" van koningin Wilhelmina was om een Vliegerkruis in te stellen. De Commissie Militaire Onderscheidingen stelde daarop voor een Gouden en een Zilveren Vliegerkruis in te stellen. Ook Prins Bernhard heeft een voorstel geformuleerd waarin hij een Nederlandse versie van het Britse Distinguished Flying Cross en het Air Force Cross voorstelde in de vorm van een gouden en zilveren onderscheiding voor "daden tegenover de vijand" en voor "daden in verband met vijandelijke acties. Tot teleurstelling van de Prins der Nederlanden waren de ministers vervuld met een "kruideniersmentaliteit" [1] en koos men vanwege de kosten voor een enkele zilveren onderscheiding. Het Koninklijk Besluit van 28 augustus 1941 waarin een Vliegerkruis in één graad werd ingesteld voegde de twee voorgestelde verleningsgronden tezamen en sprak van "daden van initiatief, moed en volharding, bedreven gedurende een vlucht in tijd van oorlog, al dan niet in onmiddellijke aanraking met den vijand."

In 1944 werd dat in het Koninklijk Besluit van 26 mei "die zich door initiatief, moed en volharding tegenover de vijand dan wel in verband met vijandelijke actie, hebben onderscheiden en deze daden hebben bedreven gedurende een of meer vluchten in een luchtvaartuig". De toekenningsgronden werden in 1944 dus verruimd.

De eerste verleningen vonden op 3 oktober 1941 in een Koninklijk Besluit plaats. Luitenant-vlieger in kort verband T.F.A. Buijs en J.B.H. Bruinier werden al voor het kruis klaar was onderscheiden. In de daaropvolgende jaren werden 31 mannen voor de tweede maal met een Vliegerkruis onderscheiden en alleen G. Cooke kreeg het Vliegerkruis driemaal.

Het Vliegerkruis werd twaalfmaal vervangen door een andere, hogere onderscheiding voor hetzelfde wapenfeit waarbij de vliegers Burgerhout, Brugging, Deibel en Rijnders een Militaire Willems-Orde verwierven. Negenenzestig maal werd het Vliegerkruis postuum verleend waarbij aangetekend moet worden dat drie van de postuum gedecoreerden toch nog in leven bleken te zijn. Achtentachtig vreemdelingen van negen nationaliteiten werden met het Nederlandse Vliegerkruis vereerd.

De vliegerkruisen werden tot 1953 verleend, daarbij waren ook vier Vliegerkruisen voor inzet tijdens de Politionele Acties in Nederlands-Indië. De oorlog in Korea en de strijd om Nieuw-Guinea leverden geen Vliegerkruisen op maar vluchten boven Joegoslavië wèl. Er werden, inclusief de tweede toekenningen en de derde toekenning aan G. Cooke 697 mannen en één vrouw, Ida Laura Veldhuyzen van Zanten, met het Vliegerkruis gedecoreerd.

De vormgeving van het Vliegerkruis[bewerken]

Het zilveren kruis lijkt op het Nederlandse Bronzen Kruis en volgt de Nederlandse traditie maar het lint met de diagonale strepen is een kopie van dat van het in 1918 ingestelde Britse Distinguished Flying Cross. Bij herhaalde toekenning draagt men geen gesp maar een zilveren Arabisch cijfer "2" of "3" op het lint. Dit gespje is nooit officieel vastgesteld.

Het is een vierarmig kruis met in het midden een gekroond medaillon. Op de rand van dit medaillon is te lezen "INITIATIEF MOED VOLHARDING". Op het medaillon en over de armen van het kruis is een naar links vliegende albatros afgebeeld. Boven de romp van de albatros staat de datum "1941". De keerzijde is vlak en draagt een inscriptie en in de eerste twee oplagen een stempel van de Engelse makers, de juweliersfirma's Mrss. Gaunt en Mrss. Spink&Son. De door de Rijksmunt in Utrecht vervaardigde Vliegerkruisen dragen een ingeslagen mercuriusstaf op de zijkant van de linker kruisarm.

In de eerste oorlogsjaren droegen militairen die in een dagorder eervol waren vermeld ook wel het daarbij behorende zilveren kroontje op hun lint en baton.

Diegene, die het Vliegerkruis voor een tweede maal krijgt toegekend, draagt een goudkleurig Arabisch cijfer "2" op het lint. Bij verdere toekenning kan het cijfer "2" worden verhoogd tot "3". Ook de Kroon voor Eervol Vermelden werd op het baton aangebracht.

Het lint is wit met oranje van rechtsboven naar linksbeneden in een hoek van 45 graden lopende strepen. Het kruis wordt ook als miniatuur gedragen.

Op het lint van het Vliegerkruis kon ook de gouden Kroon voor Eervol Vermelden gedragen worden. Toen op 20 maart 1944 de Bronzen Leeuw werd ingesteld, en de kroon verviel, werden alle 18 Vliegerkruizen met Eervolle Vermelding hierdoor vervangen. Opvallend is dat men in de oorlog bij gebrek aan materiaal Engelse kronen, de kroon van Sint-James, gebruikte uit Engelse voorraden.

Het vliegerkruis in de 20e eeuw[bewerken]

Het vliegerkruis werd tijdens de 20e eeuw 733 keer verleend aan personen van verschillende nationaliteiten, het merendeel aan Nederlanders maar ook aan Amerikanen, Australiërs, Britten, Canadezen en zeven Polen. Ida Laura Veldhuyzen van Zanten was de enige vrouw die het vliegerkruis ontving.

Het vliegerkruis in de 21e eeuw[bewerken]

Op 23 januari 2002 ontvingen majoor-vlieger M. Duivesteijn (geb. 28 december 1965) en de Amerikaanse vlieger W.L Thomas in de Haagse Ridderzaal uit handen van minister van Defensie Frank de Grave het Vliegerkruis. Het was voor het eerst sinds 48 jaar dat de onderscheiding weer werd uitgereikt. Duivesteijn en Thomas kregen de onderscheiding voor hun moedige optreden tijdens de operatie Allied Force. De luchtmachten van de NAVO vielen in 1999 doelen in Servië aan. De beide vliegers maakten deel uit van het Nederlands-Belgische F-16-detachement dat gedurende de operatie "Allied Force" opereerde vanaf de NAVO vliegbasis Amendola in Italië. In de nacht van 7 op 8 juni 1999 vloog Majoor Duivesteijn één van de laatste missies van Allied Force. Tijdens een aanval op een vliegbasis in de buurt van Belgrado werd hij beschoten door de Servische luchtdoelartillerie en er werden grond-luchtraketten op zijn vliegtuig afgevuurd. Thomas trok door het afvuren van warmte afgevende fakkels (en: flares) en stroken met speciale radarreflecterende zilverfolie (en: chaffs) een deel van het vijandelijke vuur naar zich toe. Duivesteijn was daardoor in staat om zichzelf en zijn vliegtuig te redden. Ondanks de beschietingen lukte het de beide vliegers daarna toch om drie Servische MIG 29's op de grond te vernietigen.

Benoemingen[bewerken]

Zie de Lijst van personen onderscheiden met het Vliegerkruis.

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Henny Meijer en Rob Vis, "Het Vliegerkruis - Voor initiatief, moed en volharding" 1997

Externe links[bewerken]

Portal.svg Portaal Ridderorden
Bronnen, noten en/of referenties
  1. De prins geciteerd door Henny Meijer