Korps Mariniers

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Korps Mariniers
Embleem Korps Mariniers
Embleem Korps Mariniers
Oprichting 10 december 1665
Land Vlag van Nederland Nederland
Onderdeel van Koninklijke Marine
Specialisatie Marine-infanterie
Aantal circa 2300 man[1]
Garnizoen/Hoofdkwartier Den Helder
Motto Qua patet orbis
De Tocht naar Chatham, de eerste actie van het Korps Mariniers in 1667
Militairen van het Korps Mariniers beveiligen direct de omgeving nadat ze door een transporthelikopter zijn gedropt.
Mariniers in een RIB

Het Korps Mariniers, opgericht 10 december 1665, is een onderdeel van de Koninklijke Marine en een van de oudste militaire onderdelen van de huidige Nederlandse krijgsmacht. Het Korps Mariniers bestaat uit infanteristen die dienstdoen op oorlogsschepen en ingezet kunnen worden op de grens van land en water. Het korps wordt sinds de jaren negentig van de vorige eeuw in toenemende mate ingezet bij landinwaartse operaties in het kader van crisisbeheersing. Amfibische operaties zijn echter de specialiteit van het korps.

Geschiedenis[bewerken]

Algemeen[bewerken]

In de klassieke oudheid was de zeeoorlog vaak een voortzetting van de landoorlog, met dien verstande dat krijgshandelingen ter zee werden verricht door dezelfde soldaten als te land. Schepen probeerden elkaar te enteren, waarna soldaten het vijandelijke schip overmeesterden.

Omdat in de oudheid schepen in de Middellandse Zee meestal roeischepen (zoals de Trireem) waren, waren de bemanningen zowel roeier als soldaat. Later kwam er een functiescheiding tussen roeiers en soldaten. In sommige gevallen werden slaven of gevangenen gebruikt om galeien te roeien. Ook na de constructie van de ramsteven, waardoor het mogelijk werd andere schepen door rammen tot zinken te brengen, bleef het enteren van belang.

Met de komst van scheepsgeschut in de late middeleeuwen veranderde de zeeoorlog van karakter en verdwenen de soldaten van de schepen.

Nederland[bewerken]

In de 17e eeuw ging de Republiek er toe over enkele infanterieregimenten onder gezag van de vloot te stellen. De infanteristen kregen de taak landingen op vijandelijk grondgebied uit te voeren.

In 1627 werden op initiatief van luitenant-admiraal Filips van Dorp 1000 soldaten over schepen verdeeld, om vijandelijke schepen te kunnen enteren.[bron?] Na de Vrede van Münster in 1648 verdwenen deze soldaten echter weer van de vloot.

Nadat een verzoek tot oprichting van een regiment zee-infanteristen in 1663 was afgewezen, werd in 1665 alsnog een regiment soldaten aan de marine toegewezen. Dit gebeurde op initiatief van raadpensionaris Johan de Witt en luitenant-admiraal Michiel de Ruyter. De eerste commandant was Willem Joseph van Ghent naar wie de Van Ghentkazerne in Rotterdam is vernoemd. Thans wordt 10 december 1665 gezien als oprichtingsdatum van het Korps Mariniers.

Van oudsher lag het voornaamste werkterrein van het Korps Mariniers buiten het moederland: aanvankelijk vooral op de vloot; later ook in de koloniën. Dit komt tot op heden tot uiting in de wapenspreuk: Qua patet orbis (Zo wijd de wereld strekt).

De Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog bevonden zich eenheden in Nederland, Nederlands-Indië, de Nederlandse Antillen en Suriname. Vooral bij de verdediging van de Maasbruggen in Rotterdam hebben mariniers een imponerende rol gespeeld.
Verdeeld in detachementen over de vloot, namen mariniers in 1942 deel aan de Slag in de Javazee, terwijl zij op Java als bataljon waren ingedeeld bij de 3e divisie. In pogingen de Japanners te weerstaan onderscheidden zij zich onder andere in de gevechten bij Kertosono. Om te kunnen deelnemen aan de acties tegen Japan in Azië, werd in 1944 in de Verenigde Staten een mariniersbrigade naar Amerikaans model opgericht. Van deze Mariniersbrigade werden er in maart 1944 ongeveer 100 Mariniers teruggestuurd naar Engeland en tijdelijk gedetacheerd bij de Prinses Irene Brigade, die onderbemand was. Deze eenheid ging op 6 augustus 1944 in Normandië aan land en nam deel aan de bevrijding van Zuid-Nederland. In juni 1945 werd de detachering opgeheven.[2]

Ontwikkelingen na de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Van 1946 tot 1950 was het Korps Mariniers actief in Nederlands-Indië met de mariniersbrigade, een eenheid die in zijn grootste omvang circa 5.000 man telde. Van november 1950 tot juli 1954 actief in Korea en vanaf november 1950 tot november 1962 was het korps ook actief in Nederlands Nieuw-Guinea, maar na de overdracht van Nieuw-Guinea aan Indonesië leek er geen bestaansrecht voor het korps meer te zijn.

Door het lidmaatschap van de NAVO, met daarin de nadruk op de beveiliging van de zeevaart op de Atlantische Oceaan, werd zelfs in de jaren 60 gedacht het korps op te heffen. Door de oprichting van een "koudweer" getrainde compagnie in het begin van de jaren 70 [3], kreeg het korps echter een nieuwe bestemming. Samen met troepen van NAVO-bondgenoten werden mariniers voortaan ingezet op de "flanken" van de NAVO. De "koudweer" getrainde compagnie werd onderdeel van de Britse 3e mariniersbrigade. Aansluitend werd ook de 1e Amfibische Gevechtsgroep (AGGP) [4] getraind voor optreden in Noorwegen en werd de 2e AGGP een onderdeel van de ACE Mobile Force [5] (tegenwoordig Rapid Reaction Force).

Huidige situatie[bewerken]

Het Korps Mariniers is een snel inzetbare lichte infanterie-eenheid gespecialiseerd in amfibische operaties. Bij inzet worden zij geacht voor langere tijd achtereen, onder alle klimatologische en geografische omstandigheden inzetbaar te zijn. Ter voorbereiding hierop wordt in de trainingscyclus o.a. berg-, koudweer-, woestijn- en jungletraining opgenomen. Het Korps Mariniers is niet toegankelijk voor vrouwen.

(Re)Organisatie[bewerken]

Het Nederlandse Korps Mariniers bestaat uit ongeveer 2.300 man.[1] T.b.v. ondersteunende taken als administratie, bevoorrading en medische verzorging is ook vlootpersoneel werkzaam. Een hoofdtaak van het Korps Mariniers is deelname aan internationale NATO en UN vredesoperaties. Binnen 48 uur moeten zij overal ter wereld kunnen worden ingezet. Bij de komende en reeds doorgevoerde reorganisaties probeert men zich hier strikt aan te houden.

De huidige organisatiestructuur is als volgt.

Marine Combat Groups (MCG’s). Twee MCG's vormen de basis voor marinierseenheden die op ieder moment direct zijn in te zetten. Het zijn lichte infanterie eenheden met geïntegreerde vuursteun en logistieke ondersteuning. Uit de MCG’s kunnen kleinere eenheden worden gevormd die zelfstandig verschillende taken kunnen uitvoeren, b.v. verlenen van humanitaire noodhulp of offensieve acties. De taken kunnen op en vanuit zee worden uitgevoerd in nauwe samenwerking met de vlooteenheden.

Taken MCG: Een MCG kan zelfstandig worden ingezet maar ook opereren als onderdeel binnen het Engels-Nederlandse samenwerkingsverband UK/NL LF (Landing Force) voor

  • Amfibische operaties – vanaf schepen voor uitvoering van b.v. evacuaties of een aanval vanuit zee
  • Maritieme beveiligingsoperaties – voor beveiliging van koopvaardijschepen tegen piraten
  • Stabilisatie- en crisisbeheersingsoperaties – De twee MCG’s kunnen elkaar versterken omdat alle subeenheden een standaard training- en certificering doorlopen. Tevens zijn zij door aanvullende opleiding en training in staat om maritieme speciale operaties uit te voeren samen met de Netherlands Maritime Special Operations Forces (NLMARSOF).

Netherlands Maritime Special Operations Forces (NLMARSOF) zijn eenheden van het Korps Mariniers die als Special Forces b.v. samen met het KCT zijn ingezet in Afghanistan waar gewone eenheden niet kwamen. Ook beschermen ze het Nederlands grondgebied door samenwerking met het Ministerie van Justitie in gecombineerde antiterreureenheden.

In NLMARSOF werden de vroegere Unit Interventie Mariniers (UIM) en de Maritime Special Operations Company samengevoegd. Hierdoor zijn anti-terreur specialisten samengebracht met kikvorsmannen (gespecialiseerd in verkenningsoperaties in waterrijk gebied) en mountainleaders (gespecialiseerd in extreem terrein als hooggebergte en arctische gebieden).

Taken NLMARSOF:

  • Uitvoeren van (maritieme) Special Forces-operaties. Dit kan zijn het opleiden/trainen van buitenlandse eenheden tot uitvoeren van een gerichte aanval op een doel, al dan niet op en vanuit zee
  • Verlenen van steun aan het Ministerie van Justitie door speciaal getrainde mariniers om terreurdreiging het hoofd te bieden of om terroristische acties te voorkomen/bestrijden
  • Uitvoeren van advanced force operations voor amfibisch optreden

Surface Assault and Training Group (SATG). Om snel ingrijpen mogelijk te maken en te ondersteunen levert de SATG snelle, wendbare vaartuigen ter ondersteuning van inzet van marinierseenheden. B.v. voor het landen van de Raiding Squadrons van een Marine Combat Group of ter ondersteuning van de squadrons van de NLMARSOF.

Taken SATG: De SATG is uitgerust om in het hoge deel van het geweldsspectrum onder alle klimatologische omstandigheden te kunnen werken. Afhankelijk van de taken die de SATG moet uitvoeren, wordt een samengestelde amfibische taakeenheid gevormd die zelfstandig opereert vanuit een Amphibious Forward Operating Base of vanaf schepen. De verschillende landingsvaartuigen van de SATG kunnen ook worden ingezet als extra wapensysteem voor de schepen om de veiligheid op zee te vergroten. Zo kan b.v. piraterij op zee en in kustgebieden worden verstoord.

Seabased Support Group (SSG). Bevoorrading van eenheden kan vanuit zee worden geregeld door de Seabased Support Group (SSG). Het levert de maritiem operationeel logistieke ondersteuning voor marinierseenheden volgens het principe just in time, just enough: mobiel en flexibel inzetbaar. Vanaf schepen als een Landing Platform Dock (LPD) of een Joint Support Ship (JSS) moet een voortzettingsvermogen op en vanuit zee voor 30 dagen worden gegarandeerd. Marinierseenheden kunnen zo direct operaties aan land uitvoeren in de beginfase van een conflict zonder daarvoor een logistieke basis aan land nodig te hebben. Natuurlijk wordt hierbij samengewerkt en afgestemd met de NATO partners

Taken SSG: De SSG bestaat uit een kleine staf en vier troops

  • Equipment Support Troop - beheert en levert bulkvoorraden, verzorgt onderhoudsketen van de bulkvoorraden en individuele bruikleen van persoonlijke uitrusting aan alle militairen geplaatst bij operationele marinierseenheden
  • Weapons en Ammo Troop - beheert wapens, richtmiddelen, optieken en verzorgt het onderhoud hiervan
  • Workshop and Transport Troop - beheert het voertuigenpark en is verantwoordelijk voor onderhoud en verdeling
  • Communications and Information Systems (CIS) Troop - levert systeemondersteuning, beheert de verbindingsmiddelen en verzorgt het onderhoud hiervan

Mariniers Compagnie Caribisch Gebied. Deze is gestationeerd op de Marinierskazerne Savaneta (Aruba). Mariniers op Aruba zijn mede verantwoordelijk voor verdediging van het Nederlands koninkrijk en het handhaven van de veiligheid in de regio. Ze doen ook mee aan drugsbestrijdingsoperaties. De compagnie bestaat uit een staf, 3 pelotons en ondersteunende eenheden waaronder de bootgroep. Ook zijn administratieve, logistieke, facilitaire en geneeskundige ondersteuning aanwezig.

De Mariniers Compagnie Caribisch Gebied heeft een uiteenlopend takenpakket. Daarom zijn ze getraind op veel verschillende aspecten en worden oefeningen uitgevoerd in de Verenigde Staten, op de Franse eilanden, Frans Guyana, de Boven- en Benedenwindse eilanden en Suriname. Een peloton Arubaanse militie is verantwoordelijk voor de bewakings- en beveiligingstaken van de kazerne.

Reservisten. Parate reservisten kunnen worden ingezet voor operaties, ondersteuning van operaties of de opleiding en training van marinierseenheden. Vanwege hun ervaring in het bedrijfsleven of non-profit sector worden reservisten geacht te beschikken over een brede blik, maatschappelijk engagement en specifieke vaardigheden. Het Korps streeft naar een duurzaam reservistenbestand, door de verschillende opleidingen ook voor reservisten open te stellen om inzet van reservisten structureel te vergroten.

In het kader van de defensie herstructurering en reorganisatie (bezuinigingsoperatie), waarin ook het Korps Mariniers is betrokken, is de gehele personele en organieke structuur van het Korps veranderd.

  • alle marinierseenheden worden opgewerkt tot Special Operations Capable (SOC)
  • iedere marinier algemeen krijgt als neventaak een specialisatie (marksman, EOD, vuursteun, comms of medic)
  • de kleinste formatie eenheid (geweergroep van 8 man) wordt een raiding section van 16 man
  • een peloton van 30 man wordt een raiding troop van 32 man
  • een compagnie wordt een raiding squadron bestaande uit 3 raiding troops
  • een bataljon wordt een marine combat group bestaande uit 3 raiding squadrons, 1 combat support squadron, 1 combat service support squadron en 1 recon/surveillance/target acquisition squadron

Er bestaat een uitwisselingeprogramma met andere landen waarbij periodiek mariniers op tijdelijk basis te werk worden gesteld bij zusterkorpsen in andere landen.

Taken[bewerken]

  • Deelname in de UK/NL Force. Sinds 1972 wordt met de UK Royal Marines samengewerkt in de UK/Netherlands Amphibious Force bestaande uit een Amphibious Task Group en een Landing Force. Kern van de strijdmacht is de Britse 3e Commandobrigade die 3 infanteriebataljons telt. Inzet is voornamelijk op de noordflank van de NAVO en een van de twee Nederlandse infanteriebataljons is hiervoor beschikbaar gesteld en 1 Bootcompagnie van het Amfibisch Gevechtssteunbataljon werkt samen met 539 Assault Squadron Royal Marines (539 ASRM). De berg- en koudweertraining in de Verenigde Staten en Noorwegen beslaat een groot deel van het trainingsprogramma.
  • Bescherming van het grondgebied van de Nederlandse Antillen en Aruba. De aanwezigheid van een complete Amfibische Gevechtsgroep is al teruggebracht tot de kern van het derde bataljon. In 2009 werd de compagnie mariniers op Curaçao vervangen door roulerend CLAS (landmacht) personeel die tevens de opleiding en training van de dienstplichtigen van de Antilliaanse Militie en van het Vrijwilligers Korps Curaçao hebben overgenomen. De compagnie mariniers op Aruba blijft ter plaatse t.b.v. samenwerking met mariniers van de Arubaanse militie ARUMIL.
  • Anti-terreur optreden. Het korps heeft de Unit Intervention Marines (UIM) beschikbaar. Dit is een onderdeel van NLMARSOF. De eenheid kan worden ingezet bij terreuracties (Nationaal) op land en op zee (schepen, booreilanden).
  • Inzet als Vessel Protection Detachment (VPD) ter bestrijding van piraterij. Een VPD is een groep van 10 - 14 man die een belangrijk transportschip tegen piraterij beschermen. Dit geschiedt door middel van een vooraf opgezet operatieconcept en met maatregelen ter beveiliging van het schip (creatie van een beschermde ruimte voor de bemanning van het schip - de citadel - opzetten van MAG posten, voorzieningen van prikkeldraad en blinderen).

Materieel[bewerken]

BV-206

Het korps is een lichte infanterie-eenheid en heeft dus geen zware wapens of gepantserde eenheden. Wel zijn sinds enkele jaren 20 Patria XA-188 GVV voertuigen beschikbaar voor vredesoperaties en zijn in 2007 armoured personnel carriers van het type Bushmaster in gebruik.

Het personeel beschikt over de Nederlandse persoonlijke gevechtsuitrusting (PGU) geschikt voor optreden in gematigd klimatologisch gebied en in berg- en arctische gebieden. Bij operaties in de jungle en de woestijn wordt aanvullende tropenuitrusting verstrekt.

Bewapening[bewerken]

Standaardwapens zijn Colt Canada C7NLD en Colt Canada LOAWNLD (Licht Ondersteunend Automatisch Wapen). Ook worden mitrailleurs FN MAG en Browning .50 en Glock 17 pistool gebruikt. Verkenningseenheden, Assault Engineers (Gnverkpel) en 11e en 23e (Para) gebruiken de Colt Canada C8NLD.

De mortierpelotons van de infanteriebataljons met mortieren van 60 mm, 81 mm en van 120 mm voor de mortiercompagnie van het Gevechtssteunbataljon en de eenheden met Stinger luchtdoelraketten bij het TL-peloton van het Gevstbat en Gill antitankraketten zijn vanaf 2013 administratief ingedeeld bij het Defensie Grondgebonden Luchtverdedigingscommando van hetCLAS.

Voertuigen[bewerken]

DAF YAM (M voor Mariniers) 4442 In de basis een standaard YA 4442 "dubbel lucht" van de Kon. Landmacht, maar voorzien van een verlengde cabine, een "arctic" koudweer uitrusting en een vergroot doorwadingsvermogen in verband met amfibische landingen.
  • Bandvagn. Standaard terreinvoertuig is de BV-206 Bandvagn, waarvan er 156 in gebruik zijn. 127 stuks worden gemoderniseerd en de overige 29 zijn vanaf 2007 vervangen door 74 BV-S10 Viking gepantserde terreinvoertuigen van Alvis Hägglunds. 46 stuks worden aangeschaft als personeelscarrier, 20 als commandovoertuig, 4 voor berging en 4 als ambulance.
  • Mercedes. Per januari 2009 zijn 40 MB 209 G Softtops (motortype 280 CDI) ingevoerd bij het Korps.
  • Land Rover Defender 110XD
  • DAF YAM 4442 vrachtwagen.

Vaartuigen[bewerken]

Het korps heeft 14 landingsvaartuigen : 5 van het grote 'Landing Craft Utility' (LCU) type, 12 van het type 'Landing Craft Vehicle Personnel' (LCVP) Mk.Vc welke in 2010 en 2011 in gebruik zijn genomen. De MkII en III worden in 2011 afgestoten

In oktober 2006 is de laatste vernieuwde LCU in gebruik genomen. Ten opzichte van het oude model zijn de vaartuigen verlengd en voorzien van een verbeterde landingsklep. Volgens plan worden van 2007 tot 2011 nog 12 landingsvaartuigen van het type LCVP "Mark V C" in gebruik genomen, ter vervanging van de Mk. 3 en Mk. 2. Het contract daarvoor werd in december 2006 getekend door scheepswerf Visser in Den Helder. De nieuwe vaartuigen worden ongeveer 16 meter lang en worden aangedreven door waterjets.

Ook worden rubberboten van het type 'Landing Craft Rubber' LCR (peddels) en 'Landing Craft Rubber Motorized' LCRM (buitenboordmotor) gebruikt.

Ander transport[bewerken]

De amfibische transportschepen Rotterdam en Johan de Witt van de Koninklijke Marine worden gebruikt voor de transporten over grote afstanden. Het Defensie Helikopter Commando levert tactische ondersteuning.

Kazernes en locaties[bewerken]

Rotterdam (Van Ghentkazerne), Doorn (Van Braam-Houckgeestkazerne), Texel (Joost Dourleinkazerne) en in het Caraïbisch gebied nog op Curaçao (Marinebasis Parera en Marinekazerne Suffisant) en Aruba (Marinierskazerne Savaneta).

Het hoofdkwartier is sinds september 2005 in Den Helder gevestigd. De korpsstaf is met de staf van de Commandant der Zeemacht in Nederland geïntegreerd in het Commando Zeestrijdkrachten. De opleidingen voor kandidaten voor de functie als officier der Mariniers of voor marinier algemeen vinden plaats op de Van Ghentkazerne.

Van Braam Houckgeestkazerne, Doorn[bewerken]

Van Ghentkazerne in Rotterdam
Joost Dourleinkazerne op Texel
  • 1e en 2e Mariniers infanteriebataljons (1 en 2 Marnsbat)
  • Amfibisch Logistiek Bataljon (AmfLogBat)
  • Unit Interventie Mariniers (UIM)
  • Marine Joint Effect Battery (onderdeel AMFGEVSTBAT)

In verband met ongeschiktheid door veroudering wordt deze locatie gesloten. In Vlissingen wordt ter vervanging een nieuw onderkomen - de Michiel de Ruyter kazerne - gebouwd. Deze zal voldoende mogelijkheden en ruimte bieden om het Mariniers Trainingscommando en de mariniers bataljons onder te brengen incl. capaciteit t.b.v ondersteuning, stalling en opslag.

De kazerne is vernoemd naar generaal-majoor Floris Adriaan van Braam Houckgeest.

Van Ghentkazerne, Rotterdam[bewerken]

Conform de defensiebegroting voor 2014 zou de Van Ghentkazerne worden gesloten. O.g.v. uitkomsten van de business case van de Van Ghentkazerne, waarvan andere overheidsdiensten eveneens gebruik gaan maken, is echter besloten dat de kazerne behouden blijft. De kazerne is vernoemd naar admiraal baron Van Ghent, de eerste commandant van het Korps Mariniers.

Joost Dourleinkazerne, Texel[bewerken]

Op deze kazerne is het SATG (Surface Assault and Training Group) gelegerd. Dit bataljon verzorgt alle amfibische manoeuvres voor de Nederlandse krijgsmacht. Binnen het SATG zijn drie landingsvaartuigtypen in gebruik; De Landing Craft Utility (LCU), Landing Craft Vehicle and Personnel (LCVP) en de Fast Raiding Interception and Special Forces Craft (FRISC). Conform de defensiebegroting voor 2014 zal de Joost Dourleinkazerne worden gesloten. Het SATG zal elders worden ondergebracht.

De kazerne is vernoemd naar kapitein Joost Dourlein.

Mariniersmuseum, Rotterdam[bewerken]

Het Mariniersmuseum toont de geschiedenis van het Korps Mariniers vanaf 1665 tot het heden. Het is gevestigd aan de Wijnhaven in Rotterdam, direct naast het Witte Huis. In de toekomst zal het museum bestuurlijk worden geïntegreerd met het nieuwe Nationaal Militair Museum te Soesterberg, maar het Mariniersmuseum in Rotterdam zal evenals het Marechauseemuseum in Buren, het Marinemuseum in Den Helder, en Bronbeek in Arnhem, afzonderlijk blijven bestaan.

Nieuwe Haven, Den Helder[bewerken]

  • Amfibisch Gevechtssteunbataljon (AGB)
  • NLMARFOR (gecombineerde operationele maritieme staf met vlootpersoneel en mariniers)

Marinebasis Parera, Willemstad (Curaçao)[bewerken]

  • Opgeheven. De taken zijn per augustus 2009 overgenomen door een elke 4 maanden roulerende compagnie van de Koninklijke Landmacht.

Marine Kazerne Suffisant, Curaçao[bewerken]

  • Opleidingen Antilliaanse dienstplichtigen (TAM)

Marinierskazerne Savaneta, Aruba[bewerken]

  • 32e infanteriecompagnie (3e mariniersbataljon)

Conform de defensiebegroting 2014 zou de marinierscompagnie op Aruba per 1 januari 2015 worden opgeheven. Extra middelen uit het begrotingsakkoord 2013 hebben het echter mogelijk gemaakt deze voorgenomen maatregel tot 2018 terug te draaien.

Tradities[bewerken]

Het korps viert zijn verjaardag elk jaar, op 10 december, op het Oostplein in Rotterdam, waar alle gevallenen worden herdacht. De herdenking vindt plaats dichtbij de plek waar tot WOII de kazerne van het korps gevestigd was en dichtbij de Maasbruggen waar het standbeeld van de mariniers staat. Om deze bruggen werd in mei 1940 hard gevochten en het korpsmuseum is gevestigd in een aantal pakhuizen van waaruit gevochten is.

In 1929 werd een vaandel uitgereikt aan het Korps Mariniers. Hierop zijn wapenfeiten vermeld: Spanje, Algiers, West-Indie, Kijkduin, Doggersbank, Bali, Atjeh, Chatham, Seneffe, Rotterdam, Java en Madoera, Javazee en Nieuw-Guinea. Oorspronkelijk was ter onderscheiding van het optreden in 1942 het vaandelopschrift Oost-Java toegekend. Dit werd vervangen door het opschrift Java en Madoera om ook aan de krijgsverrichtingen in de jaren 1945-1949 te herinneren. Na de Tweede Wereldoorlog kende Koningin Wilhelmina aan het korps mariniers de Militaire Willems-Orde toe en werd dit in december 1946 aan het vaandel gehecht. Omdat het Korps Mariniers een van de oudste krijgsmachtonderdelen is levert het jaarlijks de erewacht voor de entree van de Ridderzaal op Prinsjesdag. Ook loopt het korps bij parades daarom voorop. Volgorde van de meelopende parade-onderdelen: KM (Mariniers - vloot)- KL - KLu - KMar.

V.w.b afwijkende benamingen van de rangen bij het Korps Mariniers, zie Lijst van militaire rangen van de Nederlandse Krijgsmacht.

Afbeeldingen[bewerken]

Ridders der Militaire Willems Orde[bewerken]

Atjeh:

Mariniers Brigade op Oost-Java:

Bronzen Leeuw[bewerken]

Bekende militairen van het Korps[bewerken]

Korps Commandanten[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  • Klein, Edwin, 'The Dutch Marines and the Indonesian Problem', Marine Corps Gazette, augustus 1946.
  • Dorren, C.J.O., De geschiedenis van het Nederlandsche Korps Mariniers van 1665-1945, 's-Gravenhage, 1948.
  • Coox, Alvin D., 'The Dutch Invasion of England: 1667', Military Affairs, Vol. 13 No. 4, Winter 1949, p. 223-233.
  • Dorren, C.J.O., 'Een historische terugblik op de ontsluiting van Japan na de maritieme strafexpedities tegen Kagoshima en Simonoseki (1863-1864)', Marineblad, 1950.
  • Edwards, H.W., 'Netherlands Korps Mariniers', Marine Corps Gazette, september 1953.
  • Dorren, C.O., Onze marineiersbrigade (1945-1949). Een veelbewogen episode in de korpsgeschiedenis, 's-Gravenhage, 1955.
  • Strandberg. Carl, 'Netherlands Marines', Marine Corps Gazette, december 1961.
  • Bosscher, Ph.M., 'De gezantschapswacht te Peking', Marineblad, deel 75, 1965, p. 1145-1198.
  • Middelhoff, A.J.M., 'De geschiedenis van het 1ste Bataljon Marinetroepen', Marineblad, deel 79, 1969, p. 627-642
  • de Korver, Michael, 'Royal Netherlands Marines belong to the world's second oldest marine corps', Marine Corps Gazette, februari 1979.
  • Scharfen, 'Het Korps Mariniers' (interview), Marine Corps Gazette, oktober 1987.
  • Schoonoord, D.C.L., De Mariniersbrigade 1943-1949 Wording en inzet in Indonesië, Instituut voor Maritieme Historie, 's-Gravenhage, 1988.
  • van Holst-Pellekaan, R.E., de Regst, I.C. and Bastiaans, I.F.J., Patrouilleren voor de Papoea's: de Koninklijke Marine in Nederlands Nieuw-Guinea 1945-1960, Amsterdam, 1989.

  1. a b Korps Mariniers, Koninklijke Marine (Geraadpleegd 24 februari 2014)
  2. Verrichtingen van de mariniers in de Tweede Wereldoorlog - zie 'beknopte Korpsgeschiedenis (PDF)
  3. Deze werd tijdens oefeningen toegevoegd als whiskey compagnie aan een Brits bataljon.
  4. Amfibische Gevechtsgroep (AGGP) is de oude benaming voor een mariniersbataljon.
  5. ACE = Allied Command Europe, het Geallieerd Commando voor Europa, hoofdkwartier Bergen (België), onder bevel van een Amerikaans generaal en verantwoordelijk voor het grondgebied en het luchtruim van de Europese NAVO-landen, met uitzondering van het Verenigd Koninkrijk en Frankrijk.