Amnestiewet (Suriname)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Surinaamse Amnestiewet (ook wel Amnestiewet 1989) is een wet uit 1992 die oorspronkelijk amnestie verleende voor zo'n 20 strafbare feiten uit het Surinaamse Wetboek van Strafrecht gepleegd tussen 1 januari 1985 en 19 augustus 1992.[1] Dat was de periode van de Binnenlandse Oorlog tussen het nationaal leger onder Bouterse en het Jungle Commando van Ronnie Brunswijik.

Op 4 april 2012 werd de wet gewijzigd door De Nationale Assemblée om de termijn te verlengen, zodat ook strafbare feiten tussen 1 april 1980 en 31 december 1984 eronder zouden vallen.[2][3] Hierdoor vallen ook de zogenaamde Decembermoorden onder de wet - moorden waarvoor op dat moment de president van Suriname, Desi Bouterse, bij de krijgsraad terechtstond. Deze wijziging werd ingediend door de parlementsleden Ricardo Panka (fractievoorzitter Mega Combinatie/NDP), Ronnie Tamsiran (VolksAlliantie/Pertjaja Luhur), André Misiekaba (Mega Combinatie/NDP), Anton Paal (Mega Combinatie/PALU), Melvin Bouva (Mega Combinatie/NDP) en Rashied Doekhie (Mega Combinatie/NDP).[4]

De wetswijziging werd bij hoofdelijke stemming gesteund door bijna de gehele coalitie en kon na drie dagen debatteren rekenen op de steun van 28 parlementsleden, terwijl er 12 leden tegenstemden, waaronder voormalig president Ronald Venetiaan die bij de decembermoorden persoonlijke vrienden verloor.[5] De wet werd op 5 april bekrachtigd door waarnemend president Robert Ameerali, die Bouterse verving omdat hij in het buitenland was.[2] De wijziging werd verdedigd met het gelijkheidsbeginsel[2], het voorkomen van instabiliteit mocht Bouterse veroordeeld worden en het verzoenen van de samenleving. Wel is er gesproken over het instelling van een waarheidsvindingscommissie.

De aanpassing van de wet is breed door de internationale gemeenschap verworpen, en wordt door diverse landen zoals de voormalig kolonisator Nederland[1], de Europese Unie[6] en Amnesty International[7] gezien als strijdig met de internationale rechtsorde. Nederland heeft zelfs de ambassadeur teruggeroepen in reactie op de wet.