Daniel Chee Tsui

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Nobelprijswinnaar  Daniel Chee Tsui
28 februari 1939
Afbeelding gewenst
Geboorteland    China
Geboorteplaats    Henan
Nobelprijs voor de    Natuurkunde
In    1998
Reden    "Voor hun ontdekking van een nieuwe vorm van kwantumvloeistof met excitaties die een gedeeltelijke lading dragen."
Samen met    Robert Betts Laughlin
Horst Ludwig Störmer
Voorganger(s)    Steven Chu
Claude Cohen-Tannoudji
William Daniel Phillips
Opvolger(s)    Gerardus 't Hooft
Martinus Veltman
Portaal  Portaalicoon   Natuurkunde

Daniel Chee Tsui (Chinees: 崔琦; pinyin: Cuī Qí) (Henan, 28 februari 1939) is een Chinees-Amerikaans natuurkundige die in 1998 de Nobelprijs voor de Natuurkunde kreeg met Robert Betts Laughlin en Horst Ludwig Störmer "voor hun ontdekking van een nieuwe vorm van kwantumvloeistof met excitaties die een gedeeltelijke lading dragen."

Biografie[bewerken]

Tsui werd geboren in Fan Village, gelegen op ongeveer 7½ kilometer van Baofeng in de provincie Henan. In 1951 vertrok hij naar Hongkong, waar hij de Pui Ching-school bezocht te Kowloon en die hij in 1957 afrondde. Vervolgens werd hij toegelaten tot de National Taiwan University Medical School in Taipei. Daarna kreeg hij een studiebeurs aangeboden voor het Augustane College in Rock Island. Hij accepteerde hij aanbod en verhuisde als 19-jarige student naar de Verenigde Staten. In 1961 behaalde hij aan het Augustine College – waar hij de enige student van Chinese afkomst was – zijn bachelordiploma.

Zijn studie zette hij voort aan de universiteit van Chicago, waar hij in 1967 zowel zijn master als zijn Ph.D. in de natuurkunde verkreeg. Na een jaar postdoctoraal onderzoek in Chicago ging in 1968 naar Bell Labs in Murray Hill. Hij vervulde hij een pioniersrol in de studie van tweedimensionale elektronsystemen wat belangrijk basiswerk vormde voor de ontwikkeling van supergeleiders.

In 1982 ontdekten Tsui samen mijn Bell Labs collega’s Horst Ludwig Störmer en Arthur Gossard het fractionele kwantum-Hall-effect, waarmee de beweging van elektronen kan worden bepaald in een halfgeleider op kwantumniveau.[1][2] Naast het heeltallige kwantum-Hall-effect (in 1980 ontdekt door Klaus von Klitzing) vonden Tsui en Störmer ook niveaus waarbij Hall-geleiding fractionele waarden van e²/ aannam: 1/3, 2/3, 2/5, 3/5, 3/7, 4/7, etc….

Kort voor de ontdekking was Tsui benoemd tot hoogleraar elektrotechniek aan de Princeton-universiteit. Tsui’s onderzoek is gericht op de elektronische eigenschappen van metalen (incl. cadmium en nikkel), oppervlakte-eigenschappen van halfgeleiders en lagetemperatuur supergeleiders.

Erkenning[bewerken]

Voor de ontdekking van het fractionele kwantum-Hall-effect ontving Tsui, samen met Störmer en Robert Laughlin – die fenomeen theoretisch verklaarde – in 1998 de Nobelprijs voor de Natuurkunde. Daarnaast werd hij onderscheiden met de Oliver E. Buckley Condensed Matter Prize (1982) van de American Physical Society en de Benjamin Franklin Medal (1998) van het Franklin Institute.

Bronnen, noten en/of referenties
  1. D.C. Tsui, H.L. Störmer, A.C. Gossard (1982). Two-Dimensional Magnetotransport in the Extreme Quantum Limit. Physical Review Letters 48: 1559 . DOI:10.1103/PhysRevLett.48.1559.
  2. D.C. Tsui, H.L. Störmer (1983). The Quantized Hall Effect. Science 220 (4603): 1241-1246 . DOI:10.1126/science.220.4603.1241.