De sissende sampan

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
De sissende sampan
Stripreeks Suske en Wiske
Volgnummer 60
Scenario Willy Vandersteen
Tekeningen Willy Vandersteen
Lijst van verhalen van Suske en Wiske
Portaal  Portaalicoon   Strip

De sissende sampan is het zestigste stripverhaal uit de reeks van Suske en Wiske. Het is geschreven door Willy Vandersteen en gepubliceerd in De Standaard en Het Nieuwsblad van 2 april 1963 tot en met 10 augustus 1963 onder de titel De sissende sampam.

De eerste albumuitgave was in 1963, in de Vlaamse tweekleurenreeks met nummer 49. In 1969 verscheen het verhaal in de Vierkleurenreeks met albumnummer 94. De geheel oorspronkelijke versie kwam in 1999 nog eens uit in Suske en Wiske Klassiek.

Locaties[bewerken | brontekst bewerken]

  • België, Brussel, Chinees restaurant, havenkroeg, torengebouw, de Filipijnen, Manilla, vliegveld, Hongkong, Aberdeenbaai, bergen, Des Voeux Road, Kowloon, Barle Road, ivoorwinkel, voedselopslagloods, Miramarrestaurant, controletoren op vliegveld, de internationale Verboden Zone, eiland met paleis en papavervelden, grot.

Personages[bewerken | brontekst bewerken]

  • Suske, Wiske, tante Sidonia, Lambik, Jerom, Arthur, ober, agenten, commissaris, motoragent, Chinezen, Tsin-Lin, T. Renslaw (Far East Intelligence Service), stewardess, mevrouw met bloemen, het Masker (Krimson) en zijn mannen, agente, piloot, visser, Chinese familie, Li-Kwang met familie, Cho-Wong, Draken Lady, verkoopster ivoorwinkel, taxichauffeur, brandweer, luchtvaartmedewerker.

Het verhaal[bewerken | brontekst bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud of de afloop van het verhaal.

Lambik neemt zijn vrienden mee naar een Chinees restaurant waar de kok, die net uit Hongkong is gekomen, meteen belt met een Chinees in een havenkroeg, en er worden twee Chinezen op Lambik afgestuurd. De Chinezen ontvoeren Lambik en geven hem zangzaad, en ze gooien hem van een torengebouw om te zien of hij kan vliegen. Lambik blijft per toeval ongedeerd. Lambik wordt meegenomen naar het politiebureau door agenten die hem ontdekken, hij ontmoet Arthur daar. Arthur blijkt tegen de kathedraal gevlogen te zijn en vertelt dat hij net uit Hongkong komt. Als ze het politiebureau uitlopen wordt Arthur neergeschoten en naar tante Sidonia gebracht. Er wordt een kist uit Hongkong afgeleverd en T. Renslaw, een agent van de Far East intelligence service, stapt uit. Hij vertelt dat het Masker pogingen om hulp te verlenen aan de armen in Hongkong verstoort en het masker en zijn bende willen Arthur in handen krijgen. De vrienden moeten Arthur in Hongkong schaduwen, Wiske ontdekt dat ze worden afgeluisterd. Jerom kan de criminelen aan de politie afleveren, de vrienden vliegen met een straalvliegtuig naar het Verre Oosten. Ze krijgen een briefje waarop staat dat ze in Manilla op de Filipijnen moeten uitstappen, het wachtwoord is Bukas. Lambik zegt het echter verkeerd. Ze stappen in een wagen, maar die blijkt juist van de criminelen te zijn. Ze worden ontvoerd.

Jerom kan de mannen verslaan en Suske redt een agente. Ze gaan naar een dorp en horen dat er Chinezen zijn geweest, de volgende dag gaan de vrienden naar een boot maar deze wordt kapotgemaakt door raketten van een vliegtuig. Ze kopen een vissersboot en de agente blijft achter, ze vertelt nog dat de vrienden naar het zesde eiland moeten gaan. Een piloot zal Suske en Wiske boven Hongkong droppen, de anderen volgen later en Arthur zal lokvogel worden. Er ligt een sampan, een woonboot, klaar en de vrienden gaan naar Aberdeenbaai waar 180000 mensen in sampans wonen. Ze horen van een familie dat hun eerstgeborene is ontvoerd door de sissende sampan. Als Wiske over het Masker begint te praten vlucht de familie in paniek. Er valt een meisje overboord en Suske redt haar uit het water. Haar vader blijkt niet erg dankbaar te zijn.

’s Nachts komt de vader stiekem aan boord, hij blijkt bang te zijn voor spionnen, hij kent een man die informatie over het Masker heeft maar deze man is uit angst verhuisd en woont nu in een krot in de bergen. Ze gaan met een riksja door de stad, waar ze enorme flatgebouwen zien en ook heel veel armoede. Li Kwang vertelt dat Cho-Wong, een ivoorhandelaar, voor het Masker werkt. Op “Des Voeux Road” winnen ze een wedstrijd van een dikke rijke Chinees en hij wil wraak. Bij de ivoorwinkel blijkt deze man Cho-Wong te zijn en Suske wordt gevangengenomen. Cho-Wong krijgt een opdracht van het Masker, hij moet de nieuwe agente “Draken Lady” op de Barke Road in Kowloon ontmoeten. Wiske ziet de dikzak alleen naar buiten komen en kan door een geheime gang volgen en klimt op de jonk. ’s Nachts klimt ze aan boord van de sissende sampan, waarop Suske in een kist aan boord is gebracht. Ze kan Suske bevrijden, maar dan worden de kinderen aangevallen door octopusarmen. Ze vallen van boord en komen aan boord van een politieboot, in de haven springen ze van deze boot. Ze gaan naar Knowloon maar de taxichauffeur waarschuwt de Draken Lady.

De Draken Lady zet een raam open en Suske en Wiske sluipen naar binnen. Ze zien Cho-Wong langskomen, die vertelt dat de arme bevolking verslaafd is aan opium. Het Masker houdt westerse hulp tegen, want de armoede zorgt juist voor veel drugsgebruik. Suske en Wiske worden met een slaapmiddel bedwelmd en Cho-wong wil ze onthoofden. De Draken Lady wil echter geen rommel. Ze worden afgeleid en opeens zijn Suske en Wiske verdwenen. Ze zien een rode sportwagen wegrijden. Cho-Wong volgt hem en ramt de auto een afgrond in, waar hij in brand vliegt. Nu moeten ze wel dood zijn. De nieuwe politie-inspecteur in Hongkong is Lambik, hij wordt door de pers geïnterviewd. Jerom, reporter van “The Standard” en “Newsblad – Sportworld” komt ook langs. Lambik vertelt Jerom niks, hij wil de opdracht alleen uitvoeren om met de eer te kunnen strijken.

Lambik valt ’s nachts een voedselopslagloods binnen, maar wordt neergeslagen. Suske, Wiske(die het dus toch overleefd hebben) en Jerom komen ook in de loods en Jerom kan de criminelen verslaan, Lambik neemt zijn vrienden dan mee naar het Mirimarrestaurant. Ze bespreken de situatie: de ontvoerde kinderen werken als slaaf op de papavervelden. Lambik krijgt een telefoontje van het Masker en wordt bedreigd. Hij denkt over opgeven. Hij praat later met een arme vrouw die vertelt dat ze niet voor haar kinderen kan zorgen door de armoede, haar man is aan opiumgebruik overleden. Daardoor draait Lambik bij. De vrienden gaan naar de Draken Lady, dit blijkt inmiddels tante Sidonia te zijn. De echte Draken Lady is al opgepakt, Arthur is genezen en komt naar Hongkong. Bij de controletoren van Taï Pak wachten de vrienden hem op. De auto van de vrienden wordt opgeblazen maar ze blijven ongedeerd, ze willen gaan eten in het vlottend restaurant Taí Pak. Dan zien ze hoe een jong meisje wordt ontvoerd, hun bootje wordt door de sissende sampan vernield en als Suske en Wiske het meisje trachten te redden verdwijnen ze ook aan boord van het mysterieuze schip.

Lambik achtervolgt de sissende sampan met de politie, maar dan komt de sampan in de internationale Verboden Zone, dus mogen ze niet verder. Arthur volgt nog wel, alleen vliegtuigen en boten zijn verboden in de Verboden Zone, hij is doelwit van de criminelen omdat hij wel in de zone kan komen. Arthur ziet een paleis op een eiland, vele kinderen werken er op papavervelden. Arthur ziet dat de sampan op een duikboot is bevestigd en Suske en Wiske worden door het Masker, dat hen herkent, onder een grote klok vastgemaakt; hun botten zullen de volgende dag breken door het trillen van deze klok. Arthur vliegt snel terug om hulp te halen en komt de volgende dag met Jerom, tante Sidonia en Lambik op zijn rug teruggevlogen. Jerom redt de kinderen. De draken blijken gecamoufleerde tanks te zijn. Lambik verstopt de ontvoerde kinderen in een grot en beschermt ze, Jerom kan de tanks verslaan.Sidonia haakt ongemerkt een granaat op de rug van het masker. Die ontploft, en Het Masker is dan zijn masker kwijt. Het blijkt Krimson te zijn, en zijn sissende sampan zinkt. De bende komt achter tralies terecht en de ontvoerde kinderen worden triomfantelijk teruggebracht naar hun ouders. De vrienden keren naar huis terug.

Achtergronden bij het verhaal[bewerken | brontekst bewerken]

  • De eerste albumversie had De sissende sampam als titel. Toen nadien bleek dat sampan de correcte vorm is, werd de titel aangepast.

Uitgaven[bewerken | brontekst bewerken]

Publicaties
Krant of tijdschrift Nummer Publicatiedatum Voorganger Opvolger
De Standaard / Het Nieuwsblad 50 2 april 1963 - 10 augustus 1963 Het rijmende paard Sjeik El Ro-Jenbiet
Het Nieuwsblad van het Zuiden 31 24 juni 1963 - 1 november 1963 Het rijmende paard Sjeik El Ro-Jenbiet
Albumuitgaven
Stripreeks of collectie Nummer Eerste druk Voorganger Opvolger
Vlaamse tweekleurenreeks 49 1963 Het rijmende paard Sjeik El Ro-Jenbiet
Hollandse tweekleurenreeks 38 / 49 1963 Het rijmende paard Sjeik El Ro-Jenbiet
Vierkleurenreeks 94 maart 1969 De snorrende snor De kleppende klipper
Suske en Wiske Collectie 7 1986
Rode klassiek reeks 51 februari 1999 Het rijmende paard Sjeik El Ro-Jenbiet
Originele Verhalen 13 mei 2002
Uitgave voor Shell 9 2005 De stalen bloempot Het dreigende dinges
Uitgave VUM-groep 48 6 januari 2006 Het rijmende paard Sjeik El Ro-Jenbiet

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]