Efeze

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zie artikel Dit artikel gaat over een historische stad. Voor het Bijbelboek, zie Brief van Paulus aan de Efeziërs.
Efeze
Werelderfgoed cultuur
De Bibliotheek van Celsus
Land Vlag van Turkije Turkije
Coördinaten 37° 56′ NB, 27° 20′ OL
UNESCO-regio Europa en Noord-Amerika
Criteria iii, iv, vi
Inschrijvingsverloop
UNESCO-volgnr. 1018
Inschrijving 2015 (39e sessie)
Kaart
Efeze (Turkije)
Efeze
UNESCO-werelderfgoedlijst
Poort van Mazaeus en Mithridates
Tombe van de apostel Johannes.
Het grote theater in Efeze
Het Odeon van Efeze
Tempel van Hadrianus
Locatie van de Tempel van Artemis
Blootgelegde 'terrashuizen' in Efeze

Efeze of Efese, Oudgrieks: Έφεσος, Ephesos, Latijn: Ephesus, Turks: Efes, was in de klassieke oudheid een grote Ionische haven- en handelsstad aan de westkust van Klein-Azië in de huidige provincie İzmir in Turkije, tegenover het eiland Samos, ten zuidwesten van Selçuk.

Geschiedenis[bewerken | brontekst bewerken]

Efeze is het belangrijkste archeologische gebied in Turkije en een van de grootste opgravingen van het oude Griekenland. Het bestond oorspronkelijk, circa 1100 v.Chr., uit een groep inheemse nederzettingen rondom het heiligdom van de grote oud-Griekse vruchtbaarheidsgodin Artemis van Efeze.

Griekse tijd[bewerken | brontekst bewerken]

Griekse kolonisten, onder wie de Ioniërs, hadden er de overhand en vestigden zich er. Zij stelden de plaatselijke godin met hun Artemis gelijk. Als hun leider wordt Androclus genoemd, die ook als de stichter van Efeze geldt. Efeze deelde het wisselvallig lot der Ionische steden. Het werd na de verovering in 560 v.Chr. door koning Croesus van Lydië werd Efeze door synoikisme tot één stad verenigd. Er werd tien jaar later, in 550 v.Chr. begonnen met de bouw van de eerste tempel ter ere van Artemis, die in 436 v.Chr. werd voltooid. Onder Perzisch bewind nam Efeze in 499 v.Chr. deel aan de Ionische Opstand en na de Perzische oorlogen aan de Delische Bond. Efeze stond na 415 v.Chr. in de Peloponnesische Oorlog aan de kant van Sparta. Na de koningsvrede van 387 v.Chr. kwam de stad weer onder bewind van Perzië. De eerste tempel van Artemis werd in 356 v.Chr. wordt, volgens de legende op de geboortedag van Alexander de Grote, waarna met de bouw van de tweede tempel werd begonnen. De stad groeide uit, vooral na Alexander de Grote, tot een van de belangrijkste steden van het hellenisme, waartoe de in 323 v.Chr. voltooide grote tempel van de Efezische Artemis zeer bijdroeg. Deze nieuwe tempel was een van de zeven wereldwonderen. Deze tempel had een afmeting van 105 bij 50 meter, met 127 Ionische zuilen van 18 meter hoog. Lysimachus, een van de diadochenen, die na het overlijden van Alexander koning werd, verlegde de stad en haven, maakte haar tot administratief centrum en noemde haar naar zijn vrouw Arsinoeia. De inwoners van Colophon werden rond 298 v.Chr. naar Efeze overgebracht, waardoor het aantal bewoners toenam tot 100 000. Efeze was wisselend bezit van de Ptolemaeën en de Seleukiden. Het kwam in 187 v.Chr. door het Verdrag van Apamea aan de Attaliden toe, de heersers van Pergamon, en na 133 v.Chr. aan Rome.

Het theater was geschikt voor 24 000 toeschouwers.

Vanaf de Romeinse tijd[bewerken | brontekst bewerken]

Efeze beleefde een bloeitijd gedurende het Romeinse Rijk. De stad is vooral bekend door twee van de Bijbelboeken: de Brief van Paulus aan de Efeziërs en Handelingen van de apostelen. De stad was het centrum van de verering van de godin Artemis. De grote tempel van Artemis in Efeze werd in 262 vernield en door de Goten leeggeroofd. De stad was in 431 de plaats van het Concilie van Efeze, die vanwege de controverse rond de leer van Nestorius van Constantinopel door keizer Theodosius II bijeengeroepen werd.

Efeze raakte in verval nadat de Turken in 1420 de stad hadden ingenomen. Men vindt iets verderop, in Selçuk, overblijfselen uit de Turkse tijd terug, waar een moskee uit de late tijd van de Seltsjoeken en op een heuvel erboven een citadel van de Seltsjoeken uit de tijd van het Byzantijnse Rijk staan. De Johannesbasiliek staat in de citadel, waar volgens een oude overlevering het graf van de apostel Johannes ligt. Op de heuvel Aladağ, aan de andere kant van Efeze, staat het huis van Maria, Turks: Meryemana, dat op instigatie van een visioen van Anna Catharina Emmerich werd gevonden. De grot van de heilige Zevenslapers is er te bezichtigen.

Een verlaten stad[bewerken | brontekst bewerken]

De haven verzandde in latere tijden, waardoor de stad in het binnenland kwam te liggen, haar economische positie onhoudbaar werd en de stad tot slot werd verlaten. Er zijn daarentegen nog veel bouwresten van de oude stad over. Het is nu een belangrijke toeristenbestemming, omdat men er een goede indruk kan krijgen hoe een stad er in de bloeitijd van het Romeinse Rijk uitzag. Behalve Romeinse baden en een Romeins toiletsysteem met stromend water zijn er onder meer talrijke zuilen van tempels te zien, de restanten van de grote Bibliotheek van Celsus en een redelijk goed bewaard gebleven theater. Dit theater kreeg zijn definitieve vorm in de 1e en 2e eeuw na Christus, en bood plaats aan 24.000 mensen.

Opgravingen[bewerken | brontekst bewerken]

Engelse archeologen hebben tussen 1894 en 1904 het Artemision opgegraven. Zij hebben veel van wat zij hebben gevonden meegenomen en dat ligt nu in het British Museum in Londen. De stad is daarna, vanaf 1896, door Oostenrijkers opgegraven. Hun vondsten zijn nu verdeeld over het Kunsthistorisches Museum in Wenen en musea in Smyrna, het huidige İzmir, en Selçuk, beide in Turkije.

De ruïnes en de opgegraven plaatsen raakten na de inname van het gebied door de Turken in 1922 in verval. De Duitse theoloog Gustav Adolf Deissmann trok zich dat lot aan en zette zich er met succes voor in wat van de stad over was te behouden.

Oostenrijkse wetenschappers hebben nog steeds een belangrijk aandeel in de ontsluiting van de geschiedenis van Efese. Er ontstond in de nasleep van de mislukte couppoging in Turkije in augustus 2016 spanning tussen Turkije en Oostenrijk. De Turkse regering liet daarom, in een poging om Oostenrijk te straffen, de opgravingen stoppen. Dezelfde maatregel werd voor Limyra genomen.[1] De opgravingen konden pas in mei 2018 worden hervat.

Bezienswaardigheden[bewerken | brontekst bewerken]

Websites[bewerken | brontekst bewerken]

Mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Ephesos op Wikimedia Commons.