Ernst de Jonge

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Ernst de Jonge in 1937

Ernst Willem de Jonge (Sinabang, 22 mei 1914Rawitsch, Polen, 3 september 1944) was een Nederlands verzetsman en Olympisch roeier.

Voor de oorlog[bewerken]

Ernst de Jonge en zijn oudere broer Marien groeiden in Nederlands-Indië op. Ernst wordt beschreven als levenslustig, intelligent en soms roekeloos. Hij werd drie keer van het Baarnsch Lyceum gestuurd wegens gebrek aan discipline. Hij haalde zijn eindexamen net na zijn 18de verjaardag.

In de daarop volgende vakantie was hij bij de Kaagweek. Hier werd 's avonds veel vuurwerk afgestoken, zodat de politie de laatste avond patrouilleerde. Ernst had gillende keukenmeiden in zijn achterzak. Toen hij die had aangestoken zag hij de politie en stopte het vuurwerk terug in zijn achterzak. De politie moest hem met tweedegraads brandwonden naar het ziekenhuis brengen.

Na de vakantie moest hij in militaire dienst. Hij ging naar Ede en werd na acht maanden kornet. In 1933 werd hij overgeplaatst naar de artilleriekazerne in Leiden. Daar 'leende' hij het paard en zadel van de commandant om een uitstapje te maken, waarna hij een slecht conduiterapport kreeg zodat hij geen officier kon worden. Op voorspraak van anderen werd hij een jaar later toch officier.

Daarna studeerde hij aan de Rijksuniversiteit Leiden.
De Jonge was lid en later praeses van het Leids studentencorps. Hij was tevens lid van roeivereniging Njord. Bij de Olympische Spelen in Berlijn vertegenwoordigde hij Nederland. Hij kwam uit op het onderdeel twee met stuurman met J.F. van Walsem. De Nederlands boot overleefde de series met een tijd van 7.56,9, maar werd in de halve finale uitgeschakeld met een tijd van 9.03,1. In 1936 deed hij mee aan de Varsity op het Noordzeekanaal en in 1937 op De Boschbaan. In 1937-1938 was hij praeses collegii in Leiden.

Hoewel hij een druk studentenleven had, studeerde hij drie maanden na zijn aftreden als praeses af. Zijn eerste baan was bij de BPM in Amsterdam. Door de toenemende oorlogsdreiging besloot de BPM het hoofdkantoor naar Londen te verplaatsen en in 1940 naar Curaçao. Ernst de Jonge ging als secretaris mee naar Curaçao.

Oorlogsjaren[bewerken]

Toen de oorlog uitbrak, wilde De Jonge terug naar Engeland. Daar kreeg hij een opleiding om spion te worden. Hij leerde morse, het omgaan met codes, en kennis van het Duitse leger. Ook kwam hij daar zijn broer Marien weer tegen. Begin 1942 namen de twee broers afscheid van elkaar op Paddington station. Marien vertrok met de Prinses Irene Brigade naar het Verre Oosten, en ze beseften dat ze elkaar misschien nooit meer zouden zien.

De Jonge werd op 22 februari 1942 door Erik Hazelhoff Roelfzema bij Katwijk aan wal gezet. Vandaar ging hij naar Wassenaar, naar het huis van de vader van Chris Krediet. Daar zag hij twee Duitsers, dus vervolgde hij zijn weg naar zijn zwager Berg.

Ernst de Jonge was, samen met Leen Pot, één van de oprichters van Groep Kees, een spionagegroep genoemd naar zijn clubgenoot Kees Dutilh. Op een dag werd een koerier, die onderweg naar Engeland was, opgepakt. Hij had allerlei microfilms bij zich. De Jonge hoorde ervan, maar weigerde onder te duiken. Niet lang daarna werd hij in Rotterdam gevangengenomen en naar Kamp Haaren gebracht. Vandaar werd hij overgebracht naar Assen en later met een groep van 52 naar een concentratiekamp in Rawitsch (tegenwoordig Rawicz). Van die groep gingen 47 door naar Mauthausen. Ernst de Jonge bleef met zes anderen achter en overleed in Rawitsch in september 1944. Er is geen graf bekend.

Groep Kees bleef actief tot het einde van de oorlog. De Jonge werd vervangen door Louis d'Aulnis, die hun berichten verder verzond.

Monument[bewerken]

Ernst de Jonge is de jongere broer van Marien de Jonge. Toen Marien de Jonge in 2011 zijn honderdste verjaardag vierde, werd geld ingezameld om op Sociëteit 'Minerva' een plaquette te onthullen ter nagedachtenis aan zijn broer. Op 9 maart 2012 was de plaquette, ontworpen door Christien Nijland en gemaakt samen met haar zuster Lucie Nijland klaar. De plaquette werd gegoten bij bronsgieterij Binder in Haarlem.

Ernst de Jonge in Minerva.JPG

Na een uitgebreid verhaal, waarin Marien de Jonge zijn broer beschreef, werd de onthulling verricht door Harpert Michielsen, die in de musical Soldaat van Oranje de rol van Ernst speelt, en de Praeses Collegii.

Op de plaquette staan de volgende teksten:

Praeses Njord, Olympische Spelen 1936
Praeses Collegii 1937, Commissaris Sociëteit Minerva 1936
Geheim Agent WO II, verraden en omgebracht, postuum Bronzen Leeuw
Jhr mr Ernst de Jonge 1914-1944

Onderscheiden[bewerken]

Trivia[bewerken]

  • In 2002 is een film gemaakt over de Olympische Spelen van 1936 in Berlijn. Hierin wordt Ernst de Jonge genoemd als goede Nederlander die daar slecht presteerde en een andere deelnemer, Tinus Osendarp (1916-2002), die een minder goede Nederlander was, maar wel goed presteerde en brons behaalde met hardlopen.