Henri Fouquet

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Henri Fouquet
Het door Henri Fouquet gebouwde station van Leuven.
Het door Henri Fouquet gebouwde station van Leuven.
Persoonsinformatie
Nationaliteit Vlag van België België
Geboortedatum 1825
Overlijdensdatum ????
Beroep Architect
Werken
Praktijk Belgische Staatsspoorwegen
Belangrijke gebouwen Monumentale stations-
gebouwen in België:
• Leuven
• Vilvoorde
• Nieuwpoort-Bad
• Halle
• Oostkamp
• Saint-Ghislain
• Soignies
• Oudenaarde
• Harelbeke
Portaal  Portaalicoon   Civiele techniek en bouwkunde

Henri Fouquet1825 - † ????) was tijdens de tweede helft van de 19-de eeuw een Belgische architect, actief bij de Belgische Staatsspoorwegen.

Biografie[bewerken]

Henri Fouquet kwam in 1841, op 16-jarige leeftijd, in dienst van de Belgische Staatsspoorwegen.
In die tijd was een indiensttreding op jonge leeftijd niet uitzonderlijk. Gewoonlijk werd in dergelijke gevallen de dagelijks arbeid aangevuld met autodidact-studie en avondstudie bij een onderwijsinrichting.

Mettertijd evolueerde Fouquet tot ingenieur-architect. Na 39 jaar dienst werd hij -anno 1879/1880- bevorderd tot eerste-architect "à titre personnel". De toevoeging "à titre personnel" duidt erop dat zijn graad hoogst uitzonderlijk was en niet algemeen in het kader voorkwam.

Fouquet verwerkte in de stationsgevels met regelmaat wapenschilden: zowel van de stad waar het gebouw werd opgetrokken, als van de naburige steden die vanuit dat station met de trein bereikbaar waren.

Vanaf 1892 kwam Fouquet's naam niet meer voor in het personeelsbestand. Dit laat vermoeden dat hij in dat jaar, toen hij 67 was, de spoorwegen verliet. Niettemin werden na zijn vertrek nog stations afgewerkt naar de plannen die hij gedurende zijn actieve periode had gemaakt.

Werken[bewerken]

Op Fouquet's palmares staan de volgende stations:

  • 1876-1879: Leuven, Martelarenplein. Gebouw in eclectische stijl met invloeden van Franse classicisme en Italiaanse renaissance. Dit beschermd monument wordt algemeen beschouwd als Fouquet's meesterwerk.



  • 1884: Nieuwpoort-Bad. Dit station met neo-classicistische inslag lag op de voormalige spoorlijn Diksmuide-Nieuwpoort-Bad welke in 1868 in dienst werd genomen. Sedert 18 mei 1952 was het station voor het publiek gesloten. De lijn wordt sinds 1974 niet meer uitgebaat.


  • 1887: Halle, Graankaai en Vandenpeereboomstraat. Architectonisch waardevol gebouw, opgericht in neo-Vlaamse-renaissancestijl. Het gebouw deed meer dan een eeuw dienst. Ter voorbereiding van de aanleg der hogesnelheidslijn voor het traject Brussel - Parijs / Londen, werd het station in 1993 gedemonteerd. Hierbij werd beloofd dat het in zijn originele staat zou worden wederopgebouwd maar deze belofte werd niet nagekomen.


  • 1887-1889: Oostkamp, Everaertstraat. Lage constructie, in neoclassicistische stijl. Verfraaid met een opvallende luifel en metalen sierelementen. Beschermd monument.


  • 1890: Saint-Ghislain. Monumentale constructie in eclectische stijl, met aan de zuidkant een geïntegreerde woning voor de stationschef. Op de top van de voorgevel (centraal gedeelte) onderscheidt men een bisschopsmijter en -staf, die verwijzen naar Ghislenus van Henegouwen : de oprichter van de Abdij van Saint-Ghislain. Mettertijd ontwikkelde de stad zich rondom deze abdij.


  • 1891: Soignies: Rue de la Station. Monumentaal gebouw in eclectische stijl met een geïntegreerde woning voor de stationschef. Dit gebouw wordt door een aantal bronnen toegeschreven aan Henri Fouquet[1].


  • 1891-1893: Oudenaarde, Stationsplein. Beschermd monument, symmetrisch opgetrokken in neo-Vlaamse-renaissancestijl. Aan de voorzijde prijkt een opvallende zware toren. Een deel van het bouwwerk wordt heden ten dage voor culturele doeleinden gebruikt. Een nieuw dienstgebouw met beperkte afmetingen bevindt zich aan de ingang van de tunnel die leidt naar de sporen.


  • 1896: Harelbeke, Stationsplein. Monumentaal station in neo-Vlaamse-renaissancestijl. Het bouwwerk wordt thans niet meer effectief benut voor de exploitatie van de spoorwegen, maar wordt uitgebaat als eet- en drankgelegenheid. De gevels en het dak zijn beschermd bouwkundig erfgoed.