Naar inhoud springen

Kanaal Gent-Brugge

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ter hoogte van St.-Joris
Ter hoogte van Steenbrugge
Toestand ca. 1580: de Zuidleie en de Hoge Kale zijn nog gescheiden nabij Aalter
Het nouveau canal in 1704, met schansen op de zuidoever
Verdiepingswerken, 1753 (Jan Garemijn, Groeningemuseum)
Ter hoogte van Vinderhoute

Het Kanaal Gent–Brugge, ook plaatselijk bekend als de Brugse Vaart of de Gentse Vaart, is een kanaal tussen de Belgische steden Gent en Brugge. Het kanaal is 42 km lang, plus 1,6 km voor de Gentse Coupure. De jaagpaden maken deel uit van het fietsknooppuntennetwerk, en tussen Brugge en Aalter van fietssnelweg F6.

De Zuidleie en de Hoge Kale worden verbonden (1250–1350)

[bewerken | brontekst bewerken]

Het moderne kanaal volgt grotendeels vier historische waterlopen:

Vanaf de 13e eeuw liet Brugge de Reie en Zuidleie verbreden en verdiepen.[1] Dit moest zowel de drinkwatertoevoer verzekeren als het mogelijk maken om de zeearm van het Zwin te spuien.

Tussen 1270 en 1280 groef men een eerste doorsteek tussen de Zuidleie (bij het gehucht Legeweg) en de Hoge Kale (bij Miserie), zodat ook water van de Hoge Kale naar Brugge kon vloeien.[2]

Hoewel hiermee de stroomgebieden van Brugge en Gent voor het eerst verbonden waren, mocht de verbinding enkel dienen voor watertoevoer. De Hoge Kale werd stroomafwaarts zelfs afgedamd om wegvloeiing richting Gent te voorkomen.

Gent verhindert een doortrekking naar de Leie (1350–1600)

[bewerken | brontekst bewerken]

In 1330 verleende graaf Lodewijk van Male toestemming om het Zuidleiekanaal door te trekken tot de Leie, hetzij via de Neerkale naar Deinze, hetzij via de Lieve naar Gent.

Gent verzette zich echter fel: een waterverbinding zou de winstgevende handel tussen Artesië/Zuid-Vlaanderen en de kusthavens kunnen verschuiven naar Brugge. In 1379 stuurde Gent de Witte Kaproenen naar een van de werven, waar zij de arbeiders verdreven. De kwestie werd een van de aanleidingen van de Gentse Opstand (1379-1385).

Na de opstand werd het kanaalplan opgeschort en bleef de watertoevoer naar Brugge ontoereikend. Een nieuwe dwarsdam op de Hoge Kale, op de plaats die later Nieuwendam (bij Aalter) heette, leidde tot verdere verlanding.

In 1584 stond Parma een nieuwe kanaaldoorsteek toe, maar onder protest werden de werken in 1585 gestaakt. In 1586 gaf een gezamenlijke commissie van Gent en Brugge negatief advies. De val van Brugges havengebied aan het Zwin na het beleg van Sluis (1604) maakte de situatie uitzichtloos: het Zwin openhouden was economisch niet langer haalbaar. Brugge moest zich behelpen met kleinere waterlopen zoals de Blankenbergse Vaart.

De verbinding Gent–Brugge komt tot stand (1600–1800)

[bewerken | brontekst bewerken]

In de 17e eeuw verloor ook Gent zijn vrije toegang tot de zee via de Lieve, de Sassevaart en de Schelde (door de sluiting van de Schelde). Hierdoor werd een kanaal naar Brugge noodzakelijk.

In 1613 vaardigde landvoogdes Isabella een octrooi uit voor de aanleg van een kanaal Gent–Brugge–Oostende. Van 1618 tot 1623 werden de Zuidleie en Hoge Kale verbreed en verdiept, opnieuw met elkaar verbonden en doorgetrokken tot aan Rooigem (Gent). Het nieuwe kanaal had geen sluizen.

Het kanaal kreeg ook een militaire functie als verdedigingslinie tegen de Republiek. Langs de zuidelijke dijk verrees een twintigtal schansen, waaronder het belangrijke Fort Sint-Filips.

Het kanaal werd intensief gebruikt door vracht- én passagiersverkeer, waaronder de befaamde Gentse barge. Tussen 1738 en 1754 werd het kanaal geschikt gemaakt voor zeeschepen. In 1751–1752 kwamen er twee coupures: in Gent (van de stadsgracht naar de Leie) en in Brugge (van de stadsomwalling naar de Groenerei).

Moderne tijd (1800–heden)

[bewerken | brontekst bewerken]

In de 19e eeuw daalde het belang van het kanaal, onder meer door de aanleg van de parallelle spoorlijn 50A (1838). Het bochtige verloop werd daarna op diverse plaatsen rechtgetrokken, onder meer in:

  • Beernem (1862–64),
  • Aalter (1937–46),
  • Sint-Joris (1985–87).

Het kanaal is vandaag verbonden met verschillende waterwegen: