Koper (Slovenië)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Koper
Capodistria
Gemeente in Slovenië Vlag van Slovenië
Karte Koper si.png
Situering
Historische regio Primorska
Statistische regio Obalnokraška
Bestuurseenheid Koper
Algemeen
Oppervlakte 311,2 km²
Inwoners (2002) 47.539
Burgemeester Boris Popovič (onafhankelijk)
Overig
Postcode 6000
Website http://www.koper.si
Portaal  Portaalicoon   Zuidoost-Europa

Koper (Sloveens: Koper, Italiaans: Capodistria, Duits: Gafers) is een van de drie havensteden van Slovenië. Het ligt ten oosten van Izola en Piran en ongeveer 11 kilometer ten zuiden van de Italiaanse stad Triëst.

Koper ontstond in de oudheid en werd toen door de Grieken Aegida genoemd, door de de Romeinen Capris, Caprea, Capre en ook wel Caprista. In de middeleeuwen werd Koper een administratief centrum voor Istrië en Caput Histriae genoemd, waarvan het Italiaanse Capodistria is afgeleid. Deze naam geeft de vorm aan van het stadsgebied dat als een landtong in zee uitsteekt. Sinds 1954 hoort het bij Slovenië dat slechts een kleine kuststrook bezit van ongeveer 50 kilometer in Istrië aan de Golf van Triëst, die deel uitmaakt van de Adriatische Zee. De baai waaraan Koper ligt heet de Baai van Koper. Ook uit militair oogpunt is de haven van Koper van belang.

Geschiedenis[bewerken]

Toen de Longobarden in het jaar 568 in noordelijk Italië binnenvielen, vluchtten de Romeinen uit Tergustum (Triëst) naar Koper, dat sindsdien als eerbetoon aan de Byzantijnse keizer Justinus II hernoemd werd in Justinopolis. Istrië werd nadien deel van de republiek Venetië.

In de strijd die, in 1035, uitbrak tussen het Heilige Roomse Rijk en Venetië, koos de Koper de zijde van het Heilige Roomse Rijk en dat bracht haar als dank de schenking van stadsrechten door de Duitse keizer Koenraad II. Niettemin bleef de stad onder Venetiaans gezag en behoorde zij tot het aartsbisdom, ook wel patriarchaat Aquileia-Grado dat samenviel met het grondgebied van de republiek Venetië. Binnen dit aartsbisdom had de stad voor haar omgeving al in de 6de eeuw de status van bisschopszetel. Zij werd daarnaast ook een belangrijk handelscentrum voor het eveneens Venetiaanse Istrië. De oude Latijnse stadsnaam was Caput Histriae (hoofd van Istrië), waarvan de Italiaanse naam Capodistria is afgeleid. Koper was de naam die daarvan weer is afgeleid door de verder landinwaarts wonende Slovenen en Kroaten en pas in recente tijd officieel is geworden.

Tijdens de Hervorming was bisschop Pier Paolo Vergerio het Lutheranisme toegenegen maar de contrareformatie hield de bevolking binnen het verband van de kerk van Rome. In 1828 vond er een fusie plaats met het bisdom Triëst omdat in de Napoleontische tijd de Republiek Venetië was opgeheven en in 1815 met Istrië aan het keizerrijk Oostenrijk was toebedeeld. Deze gebieden werden samenstellende delen van het kroonland (autonome provincie) Küstenland, waarvan Triëst tot hoofdstad werd ingericht. Na de Eerste Wereldoorlog werd Küstenland in 1921 aan Italië toegewezen. Toen bestond de stadsbevolking voor 80% uit Italianen. Aan het einde van de Tweede Wereldoorlog kwam de stad, die nu voortaan Koper genoemd werd, onder Joegoslavisch gezag, vooralsnog binnen de zone B van de internationale Vrije Zone Triëst. Toen de Vrije Zone Triëst in 1954 werd opgeheven en verdeeld, werd zone A (de stad Triëst en onmiddellijke omgeving) weer bij Italië gevoegd, terwijl de zone B (en dus Koper) door Joegoslavië geannexeerd mocht worden. Na een fusie van ruim 125 jaar werd het bisdom weer afgescheiden van Triëst en kerkelijk onder Ljubljana gesteld. Het meerendeel van de inwoners, en negen van de tien Italianen daaronder, wilde niet in het communistische Joegoslavië wonen en vertrok in de jaren 1954-1956; velen van hun emigreerden naar Amerika en Australië. De opengevallen plaatsen werden nu opgevuld met Joegoslaven, vooral Slovenen en Kroaten maar ook Serviërs, Bosniërs en Albanezen.

Koper werd na de oorlog centrum van een grote plattelandsgemeente die in 2011 52.322 inwoners telde. 1.270 inwoners rekenen zich tot de Italiaanstalige minderheid (2,7% van de totale gemeentebevolking). Ongeveer een tiende deel heeft nog weer andere voormalig Joegoslavische moedertalen dan Sloveens of Kroatisch. In de stad Koper zelf behoort nog een tiende deel van de bevolking tot de Italiaanse minderheid. De positie van de Italianen in Slovenië en Kroatië is wettelijk beschermd, wat onder meer in een eigen radio- en televisie-uitzendingen, en althans formeel in een zekere mate van tweetaligheid in bestuur, onderwijs, rechtspraak en commercie (opschriften, reclame e.d.) tot uitdrukking komt.

Bezienswaardigheden[bewerken]

Bezienswaardigheden in Koper zijn onder andere

  • 15e-eeuwse Pretoriaanse Paleis in Venetiaans-Gotische stijl
  • 12e-eeuwse kerk Carmine Rotunda
  • St.-Nazariuskathedraal gekarakteriseerd door zijn 14e-eeuwse wachttoren

Plaatsen in de gemeente[bewerken]

Abitanti, Ankaran, Babiči, Barizoni, Belvedur, Bertoki, Bezovica, Bočaji, Bonini, Boršt, Bošamarin, Brezovica pri Gradinu, Brežec pri Podgorju, Brič, Butari, Cepki, Cerej, Dekani, Dilici, Dol pri Hrastovljah, Dvori, Čentur, Čežarji, Črni Kal, Črnotiče, Fijeroga, Gabrovica pri Črnem Kalu, Galantiči, Gažon, Glem, Gradin, Gračišče, Grinjan, Grintovec, Hrastovlje, Hrvatini, Jelarji, Kampel, Karli, Kastelec, Kolomban, Koper, Koromači-Boškini, Kortine, Kozloviči, Koštabona, Krkavče, Krnica, Kubed, Labor, Loka, Lopar, Lukini, Manžan, Marezige, Maršiči, Močunigi, Montinjan, Movraž, Olika, Osp, Peraji, Pisari, Plavje, Pobegi, Podgorje, Podpeč, Poletiči, Pomjan, Popetre, Prade, Praproče, Predloka, Pregara, Premančan, Puče, Rakitovec, Rižana, Rožar, Sirči, Smokvica, Socerb, Sočerga, Sokoliči, Spodnje Škofije, Srgaši, Stepani, Šalara, Šeki, Škocjan, Šmarje, Sv. Anton, Tinjan, Topolovec, Trebeše, Triban, Trsek, Truške, Tuljaki, Vanganel, Zabavlje, Zanigrad, Zazid, Zgornje Škofije en Župančiči.

Partnersteden[bewerken]

In Koper geboren[bewerken]