Kuifleeuwerik

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kuifleeuwerik
IUCN-status: Niet bedreigd[1] (2012)
Crested Lark (Galerida cristata) at Sultanpur I Picture 118.jpg
Taxonomische indeling
Rijk: Animalia (Dieren)
Stam: Chordata (Chordadieren)
Klasse: Aves (Vogels)
Orde: Passeriformes (Zangvogels)
Familie: Alaudidae (Leeuweriken)
Geslacht: Galerida
Soort
Galerida cristata
(Linnaeus, 1758)
Afbeeldingen Kuifleeuwerik op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Kuifleeuwerik op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Vogels

De kuifleeuwerik (Galerida cristata) is een vogel uit de familie van leeuweriken (Alaudidae). De naam danken ze aan de grote kuif.

Kenmerken[bewerken]

Deze vogel heeft een bruine gevlekte borst. Op de kop prijkt een goed zichtbare kuif, waarvan de veren achter de kop uitsteken.

Leefwijze[bewerken]

Het voedsel bestaat uit rupsen, sprinkhanen en regenwormen.

Voortplanting[bewerken]

Het nest wordt gebouwd in de luwte van struiken of een kluit aarde. Het legsel bestaat uit drie tot vijf eieren, die door het vrouwtje 11 tot 13 dagen worden bebroed. Beide ouders zorgen voor de jongen.

Verspreiding en leefgebied[bewerken]

Kuifleeuwerik in Faridabad - een district in Haryana, India.

Kuifleeuweriken komen voor in vrijwel heel Europa, het gehele jaar door. Uitzonderingen zijn het Verenigd Koninkrijk, Ierland, Scandinavië en Noord-Rusland. Verder neemt de kuifleeuwerik in snel tempo in aantal af in West-Europa.

De soort telt 34 ondersoorten:

  • G. c. isabellina: centraal Soedan.
  • G. c. cinnamomina: westelijk Libanon en noordwestelijk Israël.
  • G. c. zion: van zuidelijk Turkije tot noordoostelijk Israël.
  • G. c. subtaurica: van centraal Turkije tot zuidwestelijk Turkmenistan en noordelijk Iran.
  • G. c. magna: van Kazachstan tot zuidelijk Mongolië en noordwestelijk China.
  • G. c. leautungensis: noordoostelijk en oostelijk China.
  • G. c. coreensis: Korea.
  • G. c. iwanowi: van centraal Iran en centraal Turkmenistan tot noordwestelijk Pakistan.
  • G. c. lynesi: noordelijk Pakistan.
  • G. c. chendoola: van centraal en oostelijk Pakistan via westelijk en noordelijk India tot zuidelijk Nepal.

De vogel is te vinden aan stads- en dorpsranden, op vuilnisbelten en fabrieksterreinen.

Voorkomen in Nederland en Vlaanderen[bewerken]

De kuifleeuwerik vestigde zich pas in de 19de eeuw in Nederland, nam toen toe tot in de jaren 1950 en 1960; toen broedden er naar schatting 5000 tot 10.000 paar. In de jaren 1970 begon een snelle daling. In 1995-1997 waren er nog maar 100 - 300 paar. De meest waarschijnlijke oorzaak vormen veranderingen in de manier van stedenbouw: een compactere bouw, geen verwaarloosde veldjes meer met onkruid maar netjes onderhouden groen.[2] Sindsdien zet de daling nog altijd door. Volgens SOVON waren er in 1998-2000 nog ca. 70 paar.[3] De soort is in 2004 als ernstig bedreigd op de Nederlandse rode lijst gezet en staat als zodanig ook op de Vlaamse rode lijst. Omdat er in 2013 nog maar een aantal broedparen zijn in Vlaanderen, wordt het dier er in zijn voortbestaan bedreigd.[4]