Mathilde van Toscane

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Mathildis van Toscane)
Ga naar: navigatie, zoeken
Mathilde van Toscane
1046 - 1115
Hugo-v-cluny heinrich-iv mathilde-v-tuszien cod-vat-lat-4922 1115ad.jpg
Gravin-gemalin van Verdun
Periode 1071 - 1076
Voorganger Godfried IV
Opvolger Godfried V
markgravin van Toscane
Periode 1076 - 1115
Voorganger Beatrix
Opvolger Koenraad
Vader Bonifatius IV van Toscane
Moeder Beatrix van Opper-Lotharingen

Mathilde van Toscane (Mantua, 1046 - Bondeno di Roncore, 1115[1]), bijgenaamd la Grande Contessa ("de Grote Gravin"), was een dochter van markgraaf Bonifatius IV van Toscane en van Beatrix van Opper-Lotharingen, een dochter van hertog Frederik II van Lotharingen.[2] Na het overlijden van haar moeder in 1076 volgt ze haar op als markgravin van Toscane.

Zij huwde in 1071 met Godfried III met de Bult.[3] Hun huwelijk bleef kinderloos, maar de hertog adopteerde zijn neef Godfried van Bouillon, die zijn erfgenaam werd.

In 1089 hertrouwde zij met Welf V, (van 1101-1120 als Welf II hertog van Beieren),[4] die weer van haar scheidde in 1095.[5] Tijdens de investituurstrijd koos zij resoluut partij voor paus Gregorius VII. Het was naar haar burcht in Canossa dat keizer Hendrik IV op boetetocht trok om zich te onderwerpen aan het pauselijk gezag.

Legende van Orval[bewerken]

Mathilde van Toscane ligt aan de basis van de legende van Orval:[6] ze zou omstreeks 1076 gerust hebben bij de bron in het dal van Orval. Terwijl zij met haar handen door het water gleed, verloor ze haar trouwring. De ring was een aandenken aan haar overleden echtgenoot, Godfried met de Bult en ze smeekte en bad tot God om hulp. Na haar gebeden keerde ze terug naar de bron. Een forel kwam boven met haar trouwring in de bek. Daarop riep zij uit: "Dit is werkelijk een gouden dal!" (Latijn: aurea vallis, vandaar Orval).

Uit dankbaarheid besloot ze op deze gezegende plaats een klooster te stichten. De bron heet tegenwoordig de Mathildebron. De plaatselijke traditie wil dat elk jong meisje dat een geldstuk in de bron werpt binnen het jaar zal trouwen.

De forel met de ring in de bek staat afgebeeld op het etiket van de flesjes, de glazen en reclamepanelen van het Orval-Trappistenbier.

Noten[bewerken]

  1. Annales Cremonenses 1115 (= Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, XXXI, Hannover, 1903, p. 3), Thomas Tuscus, Gesta imperatorum et pontificum (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, XXII.2, Hannover, 1872, p. 700).
  2. Annalista Saxo 1076 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, IV, Hannover, 1844, p. 706), Arnulf van Milaan, Gesta Archiepiscoporum Mediolanensium IV 4 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, VIII, Hannover, 1848, p. 29).
  3. Annalista Saxo 1076 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, IV, Hannover, 1844, p. 706), Arnulf van Milaan, Gesta Archiepiscoporum Mediolanensium IV 4 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, VIII, Hannover, 1848, p. 29), Chronicon Sancti Huberti Andaginensis 23 (32) (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, VIII, Hannover, 1848, pp. 581, [583-[584).
  4. Annalista Saxo 1076 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, IV, Hannover, 1844, p. 706), Bernold van Constance, Chronicon 1089 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, V, Hannover, 1844, p. 449), Genealogia Welforum 10 (= Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, XIII, Hannover, 1881, p. 734).
  5. Bernold van Constance, Chronicon 1095 (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, V, Hannover, 1844, p. 461), Thomas Tuscus, Gesta imperatorum et pontificum (= G.H. Pertz (ed.), Monumenta Germaniae Historica, Scriptores, XXII.2, Hannover, 1872, p. 700).
  6. Chrysostomus Henriquez, Fasciculus Sanctorum Ordinis Cistersiensis, II, Keulen, 1931, pp. 380-391.