Persistentie

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Persistentie betekent dat iets lang in stand blijft.

Chemie[bewerken]

In relatie tot chemische stoffen, bestrijdingsmiddelen tegen plantenziekten, plagen en onkruiden wordt het begrip persistentie vaak gebruikt.

Persistente bestrijdingsmiddelen worden moeilijk afgebroken. Berucht was DDT, een insecticide dat een halfwaardetijd heeft van enkele tientallen jaren. Vanwege de nadelige milieueffecten is de toelating van de meeste persistente bestrijdingsmiddelen ingetrokken. Die middelen zijn dus verboden.

Over toelating van bestrijdingsmiddelen beslist in Nederland het College voor de Toelating van Bestrijdingsmiddel in Wageningen.

ICT[bewerken]

Ook in de ICT wordt het begrip gebruikt, men spreekt over het persistent maken van gegevens (data): gegevens worden zodanig opgeslagen dat ze op een later tijdstip weer opgehaald kunnen worden, bijvoorbeeld in een database, EEPROM of flashgeheugen (niet-vluchtig geheugen). De gegevens blijven dan beschikbaar, ook als de stroom uitvalt.

Planten[bewerken]

Bij vaste planten wordt ook het begrip persistentie gebruikt voor de mate van aanwezig blijven van de plant. Vooral bij grasland wordt gesproken van meer of minder persistente grasrassen.

Film[bewerken]

Persistentie is een begrip dat we ook tegenkomen bij een geschiedkundig overzicht van de cinema. Ten tijde van de fenakistiscoop (19e eeuw) dacht men namelijk dat de reden waarom men een beweging waarneemt bij het bekijken van een reeks opeenvolgende beeldjes te wijten was aan een zogenaamde 'persistence of vision'. Men dacht dat het stilstaand beeld even op het netvlies achterbleef en dat als men voldoende snel een reeks beeldjes na elkaar zou zien men het onderscheid tussen de individuele beeldjes niet langer zou zien. Het feit dat men ritmisch beelden kan vertonen en dat het oog daar dan beweging in ziet was wel juist, maar men schonk toen nog onvoldoende aandacht aan de werking van de hersenen.