Katabolisme

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Katabolisme is het afbreken van grote moleculen in kleinere moleculen door middel van stofwisseling in cellen. Grote moleculen als polysacharide, lipiden, nucleïnezuren en proteïnen worden daarbij afgebroken in kleinere moleculen als monosachariden, vetzuren, nucleotiden en aminozuren. Bij deze chemische reactie komt energie vrij, waardoor de reactie een vorm is van dissimilatie, of verbranding. De grote moleculen worden polymeren genoemd en de kleinere moleculen monomeren.

Functie[bewerken]

Sommige monomeren die als gevolg van het uiteenvallen van polymeren (depolymerisatie) ontstaan, worden door cellen als bouwstenen gebruikt om nieuwe polymeren te vormen (polymerisatie); andere monomeren ondergaan verdere afbraak/katabolisme, meestal door oxidatie, waarbij als "afvalproduct" melkzuur, azijnzuur, koolstofdioxide, ammoniak of ureum wordt gevormd. De vrijkomende energie wordt grotendeels omgezet in warmte, terwijl een klein deel wordt gebruikt om de synthese (aanmaak) van adenosinetrifosfaat te bevorderen. Dit molecuul zorgt ervoor dat de bij katabolisme vrijgekomen energie die niet verloren gaat als warmte, wordt gebruikt voor de reacties die aan de basis liggen van anabolisme. Op deze manier houdt katabolisme het proces van anabolisme in stand: direct, door de monomeren, gevormd bij depolymerisatie, die weer als bouwstenen voor nieuwe polymeren dienen; indirect, door de energie die bij oxidatie vrijkomt en bij de nieuwe polymerisatie wordt ingezet.

Controle[bewerken]

Katabole reacties worden in de eerste plaats aangestuurd door hormonen en de moleculen die bij het proces betrokken zijn. Sinds het begin van de 20e eeuw zijn vooral cortisol, glucagon, adrenaline en enkele andere catecholaminen bekend als hormonen die een katabool proces in gang zetten. De laatste tijd worden er steeds meer hormonen ontdekt die althans tot op zekere hoogte hetzelfde effect hebben, zoals cytokine, orexine, hypocretine en melatonine.

Voorbeelden[bewerken]

Voorbeelden van katabole processen zijn glycolyse, de citroenzuurcyclus, het afbreken van spiereiwitten waarbij aminozuren worden gevormd (die op hun beurt als substraat voor gluconeogenese of het verder afbreken van vet tot vetzuur dienen).

Icoontje WikiWoordenboek Zoek katabolisme op in het WikiWoordenboek.