Pope (priester)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Dit artikel past in de serie over de
Orthodoxie

Ook bekend als
"Oosters christendom"

Orthodoxie

De belangrijkste concilies
Nicea I
Constantinopel I
Efeze
Chalcedon
Constantinopel II
Constantinopel III
Nicea II

Theologie
Athanasius
Basilius de Grote
Johannes Chrysostomus
Efrem de Syriër
Gregorius van Nazianze
Gregorius van Nyssa

Patriarchaten
Constantinopel
Alexandrië
Antiochië
Jeruzalem
Moskou
Servië
Roemenië
Bulgarije
Georgië

Autocefale Kerken
Griekenland
Cyprus
Polen
Albanië
Tsjechië en Slowakije

Tradities
Oriëntaals-orthodoxe kerken
Oosters-orthodoxe kerken
Syrisch christendom

Liturgie
Alexandrijnse liturgie
Antiocheense liturgie
Byzantijnse liturgie
Chaldeeuwse liturgie
Iconenverering

Personen
Patriarch
Pope
Katholikos

Kerkinterieur
Icoon
Iconostase

Liturgische gewaden
Phelonion
Epitrachelion · Podriaznik
Zona · orarion

Pope (Russisch: поп, pop) is een aanduiding voor een priester in de Oosters-orthodoxe Kerk en in het bijzonder in de Russisch-orthodoxe Kerk, omdat pope een Russisch woord is en buiten Rusland niet gebruikt wordt. Het woord pope is etymologisch verwant aan het Griekse παππαζ, (pappas), dat eveneens priester betekent.

In tegenstelling tot de situatie in de Rooms-katholieke Kerk mogen popes trouwen, zij het alleen vóór ze tot diaken (Russisch: Диакон, diakon) gewijd worden. Ze mogen dan ook niet hertrouwen wanneer ze weduwnaar worden. Een ander verschil met het westen is dat popes geen salaris ontvangen: ze leven van de opbrengsten van hun kerk, onder andere van zg. treby (diensten op verzoek van de gelovigen, zoals doop, huwelijkssluiting, ziekenzalving, huiswijding, enz.). In Nederland hebben ze daarom bijna allemaal naast hun ambt een niet-religieuze baan. Daarentegen worden in bijvoorbeeld België en Griekenland orthodoxe priesters betaald door de staat.

In het moderne Russisch is het woord поп ("pope") karakteristiek voor de spreektaal en heeft het niet zelden een negatieve, oneerbiedige connotatie. Men komt dit woord daarom niet tegen in officiële of kerkelijke publicaties, waar men het stilistisch neutrale woord священник [svjaščennik] ("priester") gebruikt. Het zuiver kerkelijke begrip иерей [ierej] (eveneens "priester") wordt doorgaans alleen in kerkelijke kringen gebruikt. In het spraakgebruik wordt formeel отец [otjets] ("vader") en informeel батюшка "batjoesjka" of Батя "batja" gebruikt.

Voor de vrouw van de priester is er tevens een aanspreektitel, die zowel formeel als informeel gebruikt wordt. Haar titel is Matoesjka (Russisch: Матушка; Grieks: Πρεσβυτέρα, Presbytera; Servisch: Пападииа, Papádieja; Oekraïens: Panimatoesjka of Panimatka).

Het is tevens een aanspreekvorm voor een moniale. Voor alle vrouwen die met deze titel benoemd worden drukt het achting en affectie uit. In de diaspora wordt deze titel meer gebezigd dan in de landen van oorsprong. De vrouw van een diaken wordt ook geadresseerd en aangesproken als "Matoesjka" of in het Grieks als Diakonissa.

In het Russisch wordt matoesjka ook gebruikt voor de moeder in de familie.