Openbare belijdenis van het geloof

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

Openbare belijdenis van het geloof, vaak kortweg belijdenis genoemd, is een gebruik binnen een deel van het protestantisme, waarbij een gelovige in het openbaar getuigenis aflegt van zijn of haar geloof. Dit gebeurt doorgaans tijdens een kerkdienst door het positief beantwoorden van enkele geloofsvragen. De exacte formulering van deze geloofsvragen kan per kerk verschillen. Na het afleggen van belijdenis is iemand belijdend lid van de kerk en is de toegang open tot het Heilig Avondmaal (al staat in steeds meer kerken het Avondmaal ook open voor mensen die geen belijdenis hebben gedaan).

Belijdenis doen is als initiatie vergelijkbaar met het toegediend krijgen van het sacrament van het vormsel zoals dat in de Katholieke Kerk wordt gecelebreerd. Volgens de rooms-katholieke sacramentstheologie blijft er echter een wezenlijk verschil, daar de zalving met het heilig chrisma, niet wordt toegepast. Een ander verschil is dat de belijdenis in de meeste kerken pas na het achttiende jaar wordt afgelegd, terwijl het vormsel al vanaf het twaalfde jaar wordt toegediend.

In kerken waarin slechts volwassenen worden gedoopt vindt een belijdenis van geloof samen met de doop plaats, vooral omdat de belijdenis als kern van de doop wordt gezien, die daarom ook alleen op een leeftijd van mondigheid kán worden toegediend. Die belijdenis kan een bevestigend beantwoorden van vragen omtrent een vaste belijdenis behelzen, maar kan ook het uitspreken - tijdens de kerkdienst of alleen tegenover de kerkenraad - van een zelfgeschreven verwoording van de persoonlijke geloofsopvatting zijn. Dit laatste is de praktijk bij de 20e-eeuwse Nederlandse doopsgezinden. In kerken waarin de kinderdoop usance is geworden, bevestigt iemand die kinderdoop desgewenst op latere leeftijd met de aldaar geldende belijdenis van het geloof. In de Katholieke Kerk wordt de doopbelofte door de gelovigen elk jaar met Pasen herhaald.

In veel kerken zijn alleen de belijdende leden "volwaardig" lid van de kerk. Dit houdt onder meer in dat alleen zij deel mogen nemen aan het avondmaal, stemrecht hebben en ambten binnen de kerk mogen bekleden. In steeds meer kerken zijn deze beperkingen in de laatste decennia van de twintigste eeuw afgeschaft of versoepeld. Mede hierdoor is in veel kerken de gemiddelde leeftijd waarop mensen belijdenis doen gestegen van 18 à 19 jaar tot ruim boven het 25ste jaar.