Samenstelling Tweede Kamer 1972-1977

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Zetelverdeling Tweede Kamer 1972-1977.

De samenstelling van de Tweede Kamer der Staten-Generaal 1972-1977 biedt een overzicht van de Tweede Kamerleden in de periode tussen de Tweede Kamerverkiezingen van 29 november 1972 en de Tweede Kamerverkiezingen van 25 mei 1977. De regering werd in mei 1973 gevormd door het kabinet-Den Uyl. De zittingsperiode ging in op 7 december 1972. Er waren 150 Tweede Kamerleden.

De partijen staan in volgorde van grootte. De politici staan in alfabetische volgorde, uitgezonderd de fractievoorzitter, die telkens vetgedrukt als eerste van zijn of haar partij vermeld staat.

Gekozen bij de verkiezingen van 29 november 1972[bewerken | brontekst bewerken]

PvdA (43 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

KVP (27 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

VVD (22 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

ARP (14 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

PPR (7 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

CHU (7 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

CPN (7 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

D'66 (6 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

DS'70 (6 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

SGP (3 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

Boerenpartij (3 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

GPV (2 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

PSP (2 zetels)[bewerken | brontekst bewerken]

RKPN (1 zetel)[bewerken | brontekst bewerken]

Bijzonderheden[bewerken | brontekst bewerken]

  • Karel Nagel (PvdA) nam zijn verkiezing tot Tweede Kamerlid niet aan. Zijn opvolger Piet Stoffelen werd op 7 december 1972 geïnstalleerd.

Tussentijdse mutaties[bewerken | brontekst bewerken]

1973[bewerken | brontekst bewerken]

1974[bewerken | brontekst bewerken]

  • 1 april: Wil Wilbers (D'66) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot ambtenaar op het ministerie van Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk. Zijn opvolger Erwin Nypels werd op 2 april dat jaar geïnstalleerd.
  • 1 juni: Eefje Klaassens-Postema (PvdA) nam ontslag vanwege haar benoeming tot wethouder van Groningen. Haar opvolger Joop Worrell werd op 5 juni dat jaar geïnstalleerd.
  • 11 september: Ep Wieldraaijer (PvdA) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot wethouder van Almelo. Zijn opvolger Hessel Rienks werd op 11 september dat jaar geïnstalleerd.
  • 1 december: Anneke Goudsmit (D'66) nam ontslag uit onvrede met het abortusbeleid van minister van Justitie Dries van Agt. Haar opvolger Govert Nooteboom werd op 4 december dat jaar geïnstalleerd.

1975[bewerken | brontekst bewerken]

  • 21 januari: Kees Boertien (ARP) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot Commissaris van de Koningin in Zeeland. Zijn opvolger Bouke Beumer werd dezelfde dag nog geïnstalleerd.
  • 17 april: Ad Schouten (ARP) nam ontslag nadat zijn partij had ingestemd met de statuten van de CDA, de toekomstige fusiepartij van KVP, ARP en CHU, en omdat hij daarmee niet kon instemmen. Zijn opvolger Marten Beinema werd op 29 april dat jaar geïnstalleerd.
  • 13 maart: Mauk de Brauw (DS'70) nam ontslag uit onvrede met de koers van zijn partij. Zijn opvolger Eef Verwoert werd op 8 april dat jaar geïnstalleerd.
  • 19 maart: Jan Berger en Sierk Keuning (beiden DS'70) namen ontslag uit onvrede over de koers van hun partij. Hun opvolgers Jan Koningh en Cor Tuinenburg werden op respectievelijk 8 april en 4 juni dat jaar geïnstalleerd.
  • 3 augustus: Klaas Keuning (DS'70) nam ontslag uit onvrede met de koers van zijn partij. Zijn opvolger Henk Staneke werd op 26 augustus dat jaar geïnstalleerd.
  • 26 augustus: Ferdinand Fiévez (KVP) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot burgemeester van Loon op Zand. Zijn opvolger Steef Weijers werd op 2 november dat jaar geïnstalleerd.
  • 16 september: Pier van Gorkum (PPR) nam ontslag nadat hij in conflict was gekomen met zijn partij. Zijn opvolger Michel van Winkel werd dezelfde dag nog geïnstalleerd.
  • 16 september: Erik Jurgens (PPR) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot voorzitter van de NOS. Zijn opvolger Kees van Kuijen werd op 23 september dat jaar geïnstalleerd.
  • 16 oktober: Arend Vermaat (ARP) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot hoogleraar aan de Vrije Universiteit van Amsterdam. Zijn opvolger Antoon Veerman werd op 4 november dat jaar geïnstalleerd.

1976[bewerken | brontekst bewerken]

  • 1 februari: Piet de Ruiter (PvdA) vanwege zijn benoeming tot gecommitteerde van het Openbaar Lichaam Rijnmond. Zijn opvolger Henk Molleman werd op 3 februari dat jaar geïnstalleerd.
  • 1 maart: Willem Scholten (CHU) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot lid van de Raad van State. Zijn opvolger Coos Huijsen werd op 30 maart dat jaar geïnstalleerd. Omdat Huijsen reeds in 1973 de CHU had verlaten, vormde hij onmiddellijk zijn eigen eenmansfractie, Groep-Huijsen.
  • 9 april: Toon Weijters (KVP) overleed. Zijn opvolger Joep Mommersteeg werd op 18 mei dat jaar geïnstalleerd.
  • 1 juni: Theo van Schaik (KVP) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot lid van de Raad van State. Zijn opvolgster Mieke Andela-Baur werd op 24 augustus dat jaar geïnstalleerd.
  • 22 juni: Govert Nooteboom (D'66) scheidde zich af van zijn partij omdat hij vond dat hij onvoldoende ruimte kreeg om binnen de fractie een afwijkend standpunt in te nemen. Hij vormde vervolgens zijn eigen eenmansfractie, Groep-Nooteboom.
  • 24 augustus: Klaas van Dijk (VVD) nam ontslag om zich te kunnen inzetten voor de komst van een liberale omroep. Zijn opvolger Jan van de Ven werd dezelfde dag nog geïnstalleerd.
  • 23 september: Gerard ter Woorst (KVP) nam ontslag vanwege benoeming tot inspecteur in het agrarisch onderwijs. Zijn opvolger Hans van den Broek werd op 12 oktober dat jaar geïnstalleerd.
  • 23 september: Paul Janssen (PvdA) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot lid van de raad van bestuur van het NEHEM. Zijn opvolger Arie de Graaf werd op 12 oktober dat jaar geïnstalleerd.
  • 14 december: Jan Masman (PvdA) nam ontslag vanwege zijn benoeming tot burgemeester van Assen. Zijn opvolgster Annie Krouwel-Vlam werd op 18 januari 1977 geïnstalleerd.

Zie ook[bewerken | brontekst bewerken]