Kabinet-Den Uyl

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Kabinet-Den Uyl
De bordesscène van het kabinet-Den Uyl bij Huis ten Bosch op 11 mei 1973
De bordesscène van het kabinet-Den Uyl bij Huis ten Bosch op 11 mei 1973
Coalitie PvdA, KVP, ARP, PPR, D'66
Zeteltal TK 43 + 27 + 14 + 7 + 6 = 97
Premier drs. J.M. (Joop) den Uyl
Beëdiging 11 mei 1973
Demissionair 22 maart 1977
Ontslagdatum 19 december 1977
Voorganger Biesheuvel II
Opvolger Van Agt I
Zetels in de Tweede Kamer
Zetels in de Tweede Kamer
Overzicht kabinetten
Portaal  Portaalicoon   Politiek

Het kabinet-Den Uyl was de uitvoerende tak van de Nederlandse overheid van 11 mei 1973 tot 19 december 1977. Het kabinet werd gevormd door de politieke partijen Partij van de Arbeid (PvdA), Katholieke Volkspartij (KVP), Anti-Revolutionaire Partij (ARP), Politieke Partij Radikalen (PPR) en de Democraten 66 (D'66) na de Tweede Kamerverkiezingen van 1972. Het centrum-linkse kabinet-Den Uyl was een extra-parlementair kabinet dat zowel in de Eerste Kamer en Tweede Kamer kon rekenen op een ruime meerderheid. Het kabinet-Den Uyl was het meest progressieve kabinet in de parlementaire geschiedenis en het eerste waarin de Democraten 66 regeringsdeelname had.[1][2]

Verloop[bewerken]

Het kabinet streeft naar verkleining van inkomensverschillen, onder meer door belastingmaatregelen. Er worden enkele verhogingen doorgevoerd van uitkeringen en de Algemene Ouderdomswet (AOW) en het minimumjeugdloon wordt ingevoerd. Het kabinet besluit tot extra investeringen in onder meer volkshuisvesting, welzijn en onderwijs, maar moet vanwege de moeilijke economische omstandigheden vanaf 1975 de groei van de overheidsuitgaven beperken. In 1976 neemt het kabinet een loonmaatregel, maar de automatische prijscompensatie blijft bestaan.

Het kabinet reageert op de oliecrisis van november 1973 met een Machtigingswet Inkomensvorming, met het instellen van benzinedistributie en door de afkondiging van enkele autoloze zondagen. Op 1 december 1973 spreekt minister-president Joop den Uyl de bevolking via radio en tv toe over de gevolgen van de crisis. De gevolgen van de internationale economische crisis blijven nog beperkt, doordat Nederland profiteert van extra aardgasopbrengsten. Wel is de inflatie erg hoog en komen de rendementen van bedrijven door hoge lasten steeds meer onder druk te staan. Enkele sectoren (textiel, scheepsbouw) kunnen de concurrentiestrijd met het buitenland niet aan, waardoor de werkloosheid opliep tot boven de 200.000. Als gevolg van de oliecrisis besluit het kabinet tot een autoloze zondag.

De zaak-Menten was een politieke affaire uit 1976 naar aanleiding van de mislukte arrestatie van de Blaricumse miljonair en veroordeelde oorlogsmisdadiger Pieter Menten. Bij deze affaire kreeg vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt veel kritiek, waardoor de relatie tussen PvdA en het toekomstige CDA veel schade opliep.

De Lockheed-affaire in 1976 was van een omkoopschandaal waarbij prins Bernhard, de echtgenoot van Koningin Juliana, begin jaren zestig 1,1 miljoen dollars aan steekpenningen ontving van de Amerikaanse vliegtuigbouwer Lockheed. In 1974 verlangde prins Bernhard van Lockheed opnieuw om een grote som geld, deze keer als Nederland over zou gaan tot de aankoop van de Lockheed P-3 Orion. In de jaren van de Lockheed-kwestie hield het kabinet zich onder meer bezig met de vervanging van alle Nederlandse Lockheed Lockheed F-104 Starfighters. De Tweede Kamer besloot uiteindelijk op advies van minister van Defensie Henk Vredeling dat de opvolger van deze straaljager de F-16 Fighting Falcon zou worden, van de concurrerende vliegtuigbouwer General Dynamics. De aankoop van de Lockheed P-3 Orion ging wegens bezuinigingen niet door. Hoewel prins Bernhard nadrukkelijk ontkende geld te hebben aangenomen, besloot het kabinet drie dagen later een commissie van wijze mannen in te stellen. Voorzitter van de Commissie van Drie werd André Donner (rechter bij het Hof van Justitie van de Europese Unie). De overige leden waren Marius Holtrop (voormalig president van De Nederlandsche Bank) en de voorzitter van de Algemene Rekenkamer Harry Peschar. De bevindingen van de commissie en de conclusies van de regering werden op 26 augustus 1976 door minister-president Joop den Uyl in de Tweede Kamer gepresenteerd. De bevindingen dreigden te leiden tot een constitutionele crisis. Hoewel vanaf de presentatie van het eindrapport geruchten de kop opstaken dat Koningin Juliana gedreigd zou hebben met aftreden indien prins Bernhard strafrechtelijk vervolgd zou worden en hun dochter en kroonprinses Beatrix aangegeven zou hebben in dat geval haar moeder niet te willen opvolgen. Minister-president Joop den Uyl gaf in de Tweede Kamer als reden aan voor het niet strafrechtelijk vervolgen van Bernhard dat een deel van zijn vergrijpen inmiddels verjaard was, strafrechtelijk onderzoek "zeer geruime tijd" zou duren en een uiteindelijke strafrechtelijke vervolging "zeer onzeker" zou zijn, evenals dat de prins door de conclusies die de regering aan het rapport verbonden heeft "al ingrijpende gevolgen van zijn gedragingen zal ondervinden". Prins Bernhard moest als gevolg van de affaire zijn functies in het bedrijfsleven en bij de krijgsmacht neerleggen en werd geadviseerd in het openbaar niet meer in militair uniform te verschijnen. Prins Bernhard werd niet ontslagen als inspecteur-generaal der krijgsmacht, maar kreeg op verzoek van Koningin Juliana de gelegenheid deze functie zelf neer te leggen. Andere functies bij de krijgsmacht die hij opgaf waren onder meer de lidmaatschappen van de Algemene Verdedigingsraad en die van de Defensieraad. Aan zijn jarenlange bemoeienissen met de Bilderbergconferenties kwam abrupt een einde. Zijn voorzitterschap legde hij per direct neer. Minister-president Joop den Uyl werd alom geprezen voor zijn behandeling van de Lockheed-affaire.[3][4]

De politieke en karakterverschillen tussen minister-president Joop den Uyl (PvdA) en vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt (KVP) waren zo groot dat het tot diverse aanvaringen leidde. De aanhoudende interne incidenten leidden vervolgens zelfs tot situaties waarbij Dries van Agt niet eens op de hoogte werd gesteld over beslissingen die het kabinet had genomen tijdens vergaderingen waar hij niet bij aanwezig was en hij deze moest vernemen in de pers. Diverse van deze zaken en incidenten hadden een negatieve invloed op de verstandhouding tussen de PvdA en het tijdens de kabinetsperiode opgerichte CDA (met oppositiepartij CHU), wat gezien wordt als een van de oorzaken van de moeizame kabinetsformatie van 1977, waarin uiteindelijk de poging om tot een tweede kabinet-Den Uyl te komen mislukte.[5]

Personele wijzigingen[bewerken]

Op 1 november 1973 treedt minister van Landbouw en Visserij Tiemen Brouwer (KVP) af vanwege zijn gezondheid, kort na zijn aantreden werd hij getroffen door een hersenbloeding. Bij zijn vertrek speelde ook mee dat vanuit landbouwkring kritiek was geuit op zijn geringe bestuurskracht. Hij wordt die zelfde dag opgevolgd door staatssecretaris van Financiën Fons van der Stee (KVP) als minister van Landbouw en Visserij. Op 21 december 1973 wordt Martin van Rooijen (KVP) die tot dan werkzaam is als het hoofd van de fiscale afdeling van Royal Dutch Shell benoemd als zijn opvolger als staatssecretaris van Financiën

Op 1 maart 1974 stapt staatssecretaris van Defensie Joep Mommersteeg (KVP) op vanwege gezondheidsproblemen. Op 11 maart 1974 wordt brigadegeneraal Cees van Lent die tot dan werkzaam is als chef van de afdeling personeel van de Koninklijke Landmacht benoemd als zijn opvolger als staatssecretaris van Defensie. Van Leent was pas in januari lid geworden van de KVP.

Op 27 mei 1975 treedt staatssecretaris van Justitie Jan Glastra van Loon (D'66) af door een conflict met de ambtelijke top van het ministerie nadat hij in een interview kritiek uit op de leiding van het departement. Op 6 juni 1975 wordt hij opgevolgd door de voormalig Utrechtse wethouder Henk Zeevalking (D'66).

Op 1 september 1975 stapt staatssecretaris van Onderwijs en Wetenschappen Antoon Veerman (ARP) op vanwege gezondheidsproblemen. Hij wordt die zelfde dag opgevolgd door Klaas de Jong Ozn. (ARP) die tot dan werkzaam is als rector van de christelijke scholengemeenschap in Amersfoort.

Op 1 januari 1977 treedt minister van Defensie Henk Vredeling (PvdA) af na dat hij was benoemd tot eurocommissaris. Hij wordt die zelfde dag opgevolgd door staatssecretaris van Defensie Bram Stemerdink (PvdA).

Op 1 mei 1977 treedt staatssecretaris van Binnenlandse Zaken Wim Polak (PvdA) af nadat hij is benoemd tot burgemeester van Amsterdam.

Op 8 september 1977 treedt vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt (KVP) af omdat hij op grond van de Grondwettelijke bepalingen moet kiezen tussen het ministerschap en het Tweede Kamerlidmaatschap. Zijn functies worden overgenomen door minister van Binnenlandse Zaken en minister voor Surinaamse en Nederlands-Antilliaanse Zaken Wilhelm Friedrich de Gaay Fortman (ARP).[6]

Om die zelfde reden treden tevens op 8 september 1977 de staatssecretarissen van Buitenlandse Zaken Laurens Jan Brinkhorst (D'66), Justitie Henk Zeevalking (D'66), Economische Zaken Ted Hazekamp (KVP), Onderwijs en Wetenschappen Ger Klein (PvdA), Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening Marcel van Dam (PvdA) en Jan Schaefer (PvdA) en Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk Wim Meijer (PvdA) af.

Presidentsvrouw Patience Dabany, Koningin Juliana, president van Gabon Omar Bongo en prins Bernhard op Paleis Soestdijk op 14 mei 1973.
Voorzitter van de Europese Commissie François-Xavier Ortoli en minister-president Joop den Uyl op het Catshuis op 22 oktober 1973.
Portuguese minister van Buitenlandse Zaken Mário Soares, actrice María de Jesus Barroso Soares, minister van Buitenlandse Zaken Max van der Stoel en minister-president Joop den Uyl bij het Catshuis op 4 mei 1974.
Premier van Zweden Olof Palme en minister-president Joop den Uyl op Schiphol op 11 september 1974.
Minister-president Joop den Uyl arriveert op het Binnenhof voor de persconferentie na de afloop van de gijzeling in de Franse ambassade in Den Haag op 16 september 1974.
Minister-president Joop den Uyl, Tweede Kamerlid Nel Barendregt en minister van Sociale Zaken Jaap Boersma na een debat over gastarbeiders in de Tweede Kamer op 30 oktober 1974.
Portuguese minister van Buitenlandse Zaken Ernesto Melo Antunes en minister van Buitenlandse Zaken Max van der Stoel op 22 mei 1975.
Minister-president Joop den Uyl en VVD-fractievoorzitter Hans Wiegel voor een debat in de Tweede Kamer op 3 juni 1975.
Minister van Financiën Wim Duisenberg presenteert de miljoenennota tijdens de algemene beschouwingen in de Tweede Kamer op 9 oktober 1975.
Minister van Buitenlandse Zaken Max van der Stoel en Israelische minister van Buitenlandse Zaken Yigal Allon op Schiphol op 7 november 1975.
Israëlische minister van Buitenlandse Zaken Yigal Allon en minister-president Joop den Uyl op 10 november 1975.
Vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt tijdens een persconferentie na de afloop van de treinkaping bij Wijster op 14 december 1975.
Amerikaanse minister van Buitenlandse Zaken Henry Kissinger en minister-president Joop den Uyl bij het Catshuis op 11 augustus 1976.
Koningin Juliana en prins Bernhard onderweg naar Paleis Soestdijk ten tijde van de Lockheed-affaire op 26 augustus 1976.
Minister-president Joop den Uyl tijdens een debat in de Tweede Kamer op 10 maart 1977.
Minister-president Joop den Uyl informeert de Tweede Kamer over de val van het kabinet op 22 maart 1977.
President van Zambia Kenneth Kaunda, minister-president Joop den Uyl en minister van Buitenlandse Zaken Max van der Stoel in de Trêveszaal op 13 juni 1977.
Minister voor Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk en president van Zambia Kenneth Kaunda op 14 juni 1977.
Vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt, minister-president Joop den Uyl en minister van Binnenlandse Zaken Wilhelm Friedrich de Gaay Fortman tijdens het debat over de treinkaping bij De Punt in de Tweede Kamer op 14 juni 1977.
Minister van Buitenlandse Zaken Max van der Stoel, premier van Spanje Adolfo Suárez en minister-president Joop den Uyl op 28 augustus 1977.
Partijvoorzitter van het Afrikaans Nationaal Congres Oliver Tambo, penningmeester van het Afrikaans Nationaal Congres Thomas Nkobi en minister voor Ontwikkelingssamenwerking Jan Pronk op 5 oktober 1977.

Ambtsbekleders[bewerken]

Ambtsbekleders Ministers / Ministerie Termijn Partij
J.M. (Joop) den Uyl drs.
J.M. (Joop) den Uyl

(1919–1987)
Minister-president /
Minister
Algemene Zaken 11 mei 1973 –
19 december 1977
PvdA
A.A.M. (Dries) van Agt mr.
A.A.M. (Dries) van Agt

(1931)
Vicepremier /
Minister
Justitie 6 juli 1971 –
8 september 1977
(afgetreden)
KVP
W.F. (Wilhelm Friedrich) de Gaay Fortman mr.dr.
W.F. (Wilhelm Friedrich) de Gaay Fortman

(1911–1997)
8 september 1977 –
19 december 1977
ARP
Minister Binnenlandse Zaken 11 mei 1973 –
19 december 1977
Minister Surinaamse en Nederlands-Antilliaanse Zaken 11 mei 1973 –
19 december 1977
M. (Max) van der Stoel mr.
M. (Max) van der Stoel

(1924–2011)
Minister Buitenlandse Zaken 11 mei 1973 –
19 december 1977
PvdA
W.F. (Wim) Duisenberg dr.
W.F. (Wim) Duisenberg

(1935–2005)
Minister Financiën 11 mei 1973 –
19 december 1977
PvdA
R.F.M. (Ruud) Lubbers drs.
R.F.M. (Ruud) Lubbers

(1939)
Minister Economische Zaken 11 mei 1973 –
19 december 1977
KVP
H. (Henk) Vredeling ir.
H. (Henk) Vredeling

(1924–2007)
Minister Defensie 11 mei 1973 –
1 januari 1977
(afgetreden na benoeming
tot eurocommissaris)
PvdA
A. (Bram) Stemerdink mr.
A. (Bram) Stemerdink

(1936)
1 januari 1977 –
19 december 1977
PvdA
I. (Irene) Vorrink mr.
I. (Irene) Vorrink

(1918–1996)
Minister Volksgezondheid en Milieuhygiëne 11 mei 1973 –
19 december 1977
PvdA
J.A. (Jos) van Kemenade dr.
J.A. (Jos) van Kemenade

(1937)
Minister Onderwijs en Wetenschappen 11 mei 1973 –
19 december 1977
PvdA
Th.E. (Tjerk) Westerterp drs.
Th.E. (Tjerk) Westerterp

(1930)
Minister Verkeer en Waterstaat 11 mei 1973 –
19 december 1977
KVP
T. (Tiemen) Brouwer mr.
T. (Tiemen) Brouwer

(1916–1977)
Minister Landbouw en Visserij 11 mei 1973 –
1 november 1973
(afgetreden)
KVP
A.P.J.M.M. (Fons) van der Stee mr.
A.P.J.M.M. (Fons) van der Stee

(1928–1999)
1 november 1973 –
5 maart 1980
KVP
J. (Jaap) Boersma drs.
J. (Jaap) Boersma

(1929–2012)
Minister Sociale Zaken 6 juli 1971 –
19 december 1977
ARP
J.P.A. (Hans) Gruijters drs.
J.P.A. (Hans) Gruijters

(1931–2005)
Minister Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening 11 mei 1973 –
19 december 1977
D66
H.W. (Harry) van Doorn mr.
H.W. (Harry) van Doorn

(1915–1992)
Minister Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk 11 mei 1973 –
19 december 1977
PPR
Ambtsbekleder Minister / Portefeuille / Ministerie Termijn Partij
J.P. (Jan) Pronk drs.
J.P. (Jan) Pronk

(1940)
Minister Ontwikkelingssamenwerking
(Buitenlandse Zaken)
11 mei 1973 –
19 december 1977
PvdA
F.H.P. (Boy) Trip F.H.P. (Boy) Trip
(1921–1990)
Minister Wetenschapsbeleid
(Onderwijs en Wetenschappen)
11 mei 1973 –
19 december 1977
PPR
Ambtsbekleders Staatssecretarissen / Portefeuille / Ministerie Termijn Partij
W. (Wim) Polak W. (Wim) Polak
(1924–1999)
Staatssecretaris Financiën Lagere Publiekrechtelijke Lichamen,
Spreidingsactiviteiten en Organisatie Rijksdienst
(Binnenlandse Zaken)
11 mei 1973 –
1 mei 1977
(afgetreden na benoeming tot
burgemeester van Amsterdam)
PvdA
L.J. (Laurens Jan) Brinkhorst mr.
L.J. (Laurens Jan) Brinkhorst

(1937)
Staatssecretaris Europese Zaken
(Buitenlandse Zaken)
11 mei 1973 –
8 september 1977
(afgetreden)
D66
P.H. (Pieter) Kooijmans mr.dr.
P.H. (Pieter) Kooijmans

(1933–2013)
Internationale Samenwerking
(Buitenlandse Zaken)
11 mei 1973 –
19 december 1977
ARP
A.P.J.M.M. (Fons) van der Stee mr.
A.P.J.M.M. (Fons) van der Stee

(1928–1999)
Staatssecretaris Fiscale Zaken
(Financiën)
11 mei 1973 –
1 november 1973
(afgetreden na benoeming
tot minister van Landbouw
en Visserij)
KVP
M.J. (Martin) van Rooijen drs.
M.J. (Martin) van Rooijen

(1942)
21 december 1973 –
14 oktober 1977
(afgetreden)
KVP
A. (Aar) de Goede A. (Aar) de Goede
(1928–2016)
Financiën Lagere Overheden en
Begrotingsaangelegenheden
(Financiën)
11 mei 1973 –
19 december 1977
D66
J.F. (Jan) Glastra van Loon mr.dr.
J.F. (Jan) Glastra van Loon

(1920–2001)
Staatssecretaris Vreemdelingenzaken, Immigratie, Integratie, Asiel,
Jeugdbescherming, Privaatrecht, Kansspelen,
Rechtshulp en Grondwetsherziening
(Justitie)
13 juni 1973 –
27 mei 1975
(afgetreden)
D66
H.J. (Henk) Zeevalking mr.
H.J. (Henk) Zeevalking

(1922–2005)
6 juni 1975 –
8 september 1977
(afgetreden)
D66
Th.M. (Ted) Hazekamp Th.M. (Ted) Hazekamp
(1926–1987)
Staatssecretaris Midden- en Kleinbedrijf en Toerisme
(Economische Zaken)
11 mei 1973 –
8 september 1977
(afgetreden)
KVP
A. (Bram) Stemerdink mr.
A. (Bram) Stemerdink

(1936)
Staatssecretaris Materieelvoorzieningen, Herziening Militaire
Straf- en Tuchtrecht en Ruimtelijke Ordening
(Defensie)
11 mei 1973 –
1 januari 1977
(afgetreden na benoeming
tot minister van Defensie)
PvdA
J.A. (Joep) Mommersteeg mr.
J.A. (Joep) Mommersteeg

(1917–1991)
Personeelsbeleid
(Defensie)
11 mei 1973 –
1 maart 1974
(afgetreden)
KVP
C.L.J. (Cees) van Lent C.L.J. (Cees) van Lent
(1922–2000)
11 maart 1974 –
19 december 1977
KVP
J.P.M. (Jo) Hendriks J.P.M. (Jo) Hendriks
(1923–2001)
Staatssecretaris Volksgezondheid
(Volksgezondheid en Milieuhygiëne)
11 mei 1973 –
19 december 1977
KVP
G. (Ger) Klein dr.
G. (Ger) Klein

(1925–1998)
Staatssecretaris Hoger- en Wetenschappelijk Onderwijs
(Onderwijs en Wetenschappen)
11 mei 1973 –
8 september 1977
(afgetreden)
PvdA
A. (Antoon) Veerman mr.dr.
A. (Antoon) Veerman

(1916–1993)
Algemeen Voortgezet-, Voorbereidend-,
Technisch en Beroepsgericht Onderwijs
(Onderwijs en Wetenschappen)
11 mei 1973 –
1 september 1975
(afgetreden)
ARP
K. (Klaas) de Jong Ozn. drs.
K. (Klaas) de Jong Ozn.

(1926–2011)
1 september 1975 –
19 december 1977
ARP
M.H.M. (Michel) van Hulten dr.
M.H.M. (Michel) van Hulten

(1930)
Staatssecretaris PTT en Vervoerszaken
(Verkeer en Waterstaat)
11 mei 1973 –
19 december 1977
PPR
P.J.J. (Jan) Mertens P.J.J. (Jan) Mertens
(1916–2000)
Staatssecretaris Sociale Zekerheid
(Sociale Zaken)
11 mei 1973 –
19 december 1977
KVP
M.P.A. (Marcel) van Dam drs.
M.P.A. (Marcel) van Dam

(1938)
Staatssecretaris Planning- en Huisvesting voor Bijzondere Woonbehoeftes
en Bescherming Huurders en Kopers
(Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening)
11 mei 1973 –
8 september 1977
(afgetreden)
PvdA
J.L.N. (Jan) Schaefer J.L.N. (Jan) Schaefer
(1940–1994)
Stadsvernieuwing
(Volkshuisvesting en Ruimtelijke Ordening)
11 mei 1973 –
8 september 1977
(afgetreden)
PvdA
W. (Wim) Meijer W. (Wim) Meijer
(1939)
Staatssecretaris Jeugdzaken, Volksontwikkeling, Natuurbehoud,
Openluchtrecreatie, Samenlevingsopbouw,
Bijstand en Buitengewone Pensioenen
(Cultuur, Recreatie en Maatschappelijk Werk)
11 mei 1973 –
8 september 1977
(afgetreden)
PvdA
Bron: Kabinet-Den Uyl Rijksoverheid.nl

Kabinetsformatie[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Kabinetsformatie Nederland 1972-'73 voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

De formatie van het kabinet verliep moeizaam. De verstandhouding tussen de PvdA en de confessionele partijen ARP, KVP en CHU was beladen. Dat kwam door een aantal gebeurtenissen uit het verleden, zoals de Nacht van Schmelzer en de opstelling van de PvdA. Uiteindelijk kwam het kabinet er doordat de PvdA-formateur Jaap Burger een aantal ARP- en KVP-politici wist te overreden om in het kabinet zitting te nemen. Het kabinet rustte daardoor niet op een regeerakkoord maar werd gedoogd door de KVP en ARP. Het kan daarom een extraparlementair kabinet genoemd worden. De CHU, die samen met ARP en KVP samenwerkte om het toekomstige Christen-Democratisch Appèl (CDA) tot stand te brengen, kwam hierbij buitenspel te staan. De demissionaire minister-president Barend Biesheuvel (ARP) was totaal verrast door de totstandkoming van het kabinet.

Reden ontslagaanvraag[bewerken]

1rightarrow blue.svg Zie Kabinetscrisis over de grondpolitiek voor het hoofdartikel over dit onderwerp.

In de maanden voor de crisis waren de verhoudingen tussen de progressieve drie en de christelijke partijen verslechterd. PvdA-fractievoorzitter Ed van Thijn achtte totstandkoming van de maatschappij-hervormende wetsvoorstellen een voorwaarde voor samenwerking in een volgend kabinet. De christendemocraten beschouwden dat echter als ongewenste exameneisen.

KVP en ARP hadden inmiddels besloten om samen met oppositiepartij CHU te fuseren tot een nieuwe partij, het CDA. Lijsttrekker daarvan zou vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt (KVP) worden. Van Agt verklaarde bij zijn benoeming tot lijsttrekker op 10 december 1976 dat het CDA niet naar links en niet naar rechts zou buigen.[7]

De positie van vicepremier en minister van Justitie Dries van Agt in het kabinet was inmiddels omstreden geraakt. In de zomer van 1976 had hij lang geworsteld met de vraag of hij wel kon aanblijven. Als minister van Justitie zou hij namelijk mogelijk een door hem ongewenste initiatiefwet van VVD en PvdA over abortus moeten ondertekenen. In november van dat jaar vluchtte bovendien de van oorlogsmisdaden verdachte zakenman Pieter Menten naar Zwitserland. Minister Dries van Agt werd daarover door vrijwel de gehele Tweede Kamer zwaar bekritiseerd.

Er bestond verschil van mening in de ministerraad over de nieuwe onteigeningswet, op dat moment in behandeling in de Tweede Kamer. Het ging daarbij om de onteigening van bouwgrond in agrarische gebieden ten behoeve van woningbouw. Om grondspeculatie tegen te gaan, wilde de progressieve meerderheid in het kabinet de agrarische gebruikswaarde van de grond nemen als basis voor vergoeding bij onteigening. De verantwoordelijke ministers van landbouw en justitie echter hielden vast aan vergoeding van de marktwaarde. In het klimaat van de naderende verkiezingen lukte het niet dit meningsverschil op te lossen.

De bewindslieden van KVP en ARP boden op 22 maart 1977 hun ontslag aan en de bewindslieden van PvdA, PPR en D'66 stelden hun portefeuilles ter beschikking. Op 28 maart 1977 besloot het kabinet in zijn geheel in demissionaire status aan te blijven tot aan de verkiezingen van 25 mei 1977, het eind van de parlementaire periode.

Noemenswaardigheden[bewerken]

  • Maar liefst acht ambtsbekleders van het kabinet zouden later internationale topfuncties vervullen; Van Agt, Duisenberg, Vredeling en Brinkhorst bij de Europese Unie, Van der Stoel, Lubbers, Pronk en Van Hulten bij de Verenigde Naties.
  • Vier bewindslieden van het kabinet (Van der Stoel, Lubbers, Van Kemenade en Kooijmans) werden later benoemd tot minister van staat.

Levende bewindslieden[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Verbeelding aan de macht – het Kabinet-Den Uyl 1973-1977, Peter Bootsma en Willem Breedveld, 343 pagina's, Sdu Uitgevers, november 2000
  • Ministerraad op vrijdag – persoonlijke herinneringen aan het kabinet-Den Uyl 1973-1977, Boy Trip en Adinda Akkermans, 160 pagina's, Stichting Autres Directions, februari 2014