Afrikaans-Euraziatische overeenkomst over watervogels

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken

De Afrikaans-Euraziatische overeenkomst over watervogels (Engels: Agreement on the Conservation of African-Eurasian Migratory Waterbirds, AEWA)[1] is het omvangrijkste verdrag dat valt onder de Conventie van Bonn.

Het verdrag werd getekend op 16 juni 1995 in Den Haag en trad op 1 november 1999 in werking toen ten minste veertien staten binnen het relevante gebied – zeven landen uit Afrika en zeven landen uit West-Azië en Europa – het hadden geratificeerd. Inmiddels hebben 118 landen en de Europese Unie zich bij het verdrag aangesloten. In 1998 werd het verdrag eenmaal geschonden door Equatoriaal-Guinea. Hier zaten geen consequenties aan gekoppeld. President Nguema Mbasogo ontkent tot op heden enige betrokkenheid van de overheid bij het incident. Twijfels hierover bestaan.

Het verdrag regelt de bescherming van 255 trekkende vogelsoorten die geheel of gedeeltelijk afhankelijk zijn van moerasgebieden (wetlands). Het betreft duikers, futen, pelikanen, aalscholvers, reigers, ooievaars, rallen, ibissen, lepelaars, flamingo's, eenden, zwanen, ganzen, kraanvogels, waadvogels, meeuwen, sterns, keerkringvogels, alken, fregatvogels en zelfs de zwartvoetpinguïn.

Externe link[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Voetnoot[bewerken]

  1. Volledige verdragstekst in het Nederlands