Boris Godoenov (opera)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Schilderij van Shishkov voor de scene van het Paleis van de Gezichten (1874).

Boris Godoenov (Russisch: Борис Годунов, oorspronkelijke schrijfwijze: Борисъ Годуновъ) is een opera van Modest Moessorgski, gebaseerd op het gelijknamige drama van Aleksandr Poesjkin. Het ging in première op 27 januari 1874 in het Mariinskitheater van Sint-Petersburg. De opera vertelt enkele gedeelten van de geschiedenis van tsaar Boris Godoenov en de strijd tussen het Russische en het Poolse volk.

Ontstaansgeschiedenis[bewerken]

Moessorgski schreef een eerste versie in 1869, verdeeld in vier delen (zeven tonelen), maar werd afgewezen door de leiding van de keizerlijke schouwburg. Daar het synthetischer en veel intenser was dan de Italiaanse opera die in zwang was in die tijd, beschuldigde de schouwburg het werk van gebrek aan de basiselementen van het drama van een opera seria, zoals een vrouwelijk karakter en daardoor het ontbreken van amoureuze intriges. Het is merkwaardig dat de opera niet werd gecensureerd om politieke redenen, aangezien in het werk niemand over iets anders spreekt dan over politiek. In die tijd was het echter niet langer mogelijk Poesjkin te censureren.

De componist herzag de opera, en maakte een nieuwe versie in 1872, verdeeld in een proloog en vier bedrijven (negen tonelen). Met de hulp van Nikolaj Rubinstein en van de orkestdirigent Eduard Nápravník, die uitvoeringen van tonelen van het werk in concertvorm aanbood, kon de tweede versie van het werk op het toneel worden uitgevoerd op 21 januari 1874. Beide versies bieden een nogal verschillende portret van Godoenov.

Boris Godoenov werd "gereorganiseerd" en georkestreerd, tweemaal door Nikolaj Rimski-Korsakov (1896 en 1908) en eenmaal door Dmitri Sjostakovitsj. De versies van Rimski-Korsakov worden het meest uitgevoerd in Rusland, terwijl de oorspronkelijke van Moessorgski, veel donkerder en volgens critici veel meer recht doend aan de geschiedenis, het vaakst worden uitgevoerd in Europa en Amerika. In 1997 maakte het gezelschap van het Mariinskitheater een opname van beide versies onder leiding van Valeri Gergiev.

De tekst van de opera stamt in hoofdzaak van Poesjkin, maar Moessorgski bracht er ingrijpende wijzigingen in aan.

Scènes[bewerken]

  • proloog:
Na een fascinerend voorspel waarin Moessorgski het volkslied Slawa verwerkt brengt hij als proloog het biddende en juichende volk op het plein voor het Kremlin. Tsaar Fjodor is gestorven, en zijn enige broer is ook dood; de edelman Boris Godoenov wordt tot opvolger gekroond.
  • 1e bedrijf:
1e scène: De monnik Pimeen, historicus, heeft vastgesteld dat de jongere broer van wijlen Tsaar Fjodor, Dmitri, door Boris uit de weg geruimd moet zijn. Hij vertelt het aan de jonge monnik Grigori, die het in het klooster niet kan uithouden en vlucht.

2e scène: In een herberg aan de Litause grens zingen bedelmonniken een liedje. Grigori is bij hen. Hij verneemt van de waardin dat hij door de dienaren van de Tsaar wordt gezocht en hij weet nog net bijtijds over de grens te vluchten.
  • 2e bedrijf:
Boris is bij zijn kinderen. Hij kan zijn misdaad geen ogenblik vergeten en smeekt God om vergeving. Een Bojaar bericht hem dat Grigori, vermomd als de vermoorde Tsarewitsj aan het hoofd van een leger het land binnentrekt. Boris vraagt zich af of Dmitri werkelijk dood is en geeft zich opnieuw aan angst en wroeging over.
  • 3e Bedrijf:
Marina, de geliefde van de valse Dmitri, zet haar minnaar tot daden aan. Ze heeft er haar zinnen op gezet om Tsarina van Rusland te worden. De Jezuiet Rangoni spoort haar hierbij aan met zijn invloed. Rangoni hoopt op invloed in de Russische staatsgodsdienst.
  • 4e bedrijf:
1e scène: Revolutie en ordeloosheid. Volgelingen van Boris, Dmitri en van Rangoni lopen door elkaar in paniek en losbandigheid. Dmitri heeft zichzelf tot Tsaar uitgeroepen. Een idioot zingt een droef en onsamenhangend lied over de ellende van Rusland.

2e scène: De Bojaren vergaderen over wie schuldig is: Boris of Dmitri? Men had Boris bespied toen hij meende de schim van de vermoorde te zien, maar thans verschijnt hijzelf, geheel verbijsterd. Hij meent nu dat Dmitri nog leeft. Dan komt de oude monnik Pimeen een wonder vertellen dat op het graf van de dode Tsarewitsj plaatsvond. De pseudo-Dmitri is hiermee ontmaskerd. Maar ook Boris kan niet verder leven. Hij geeft zijn zoontje de laatste instructies: het kind moet hem opvolgen. Terwijl van verre boetgezang weerklinkt, sterft Boris Godoenov met een gebed op de lippen.

Discografie[bewerken]

De volgende lijst bevat relevante audio- en video-opnamen van de opera.

Jaar Medium Versie Dirigent Orkest Boris Pretendant Marina
1948 Audio RK 1908 Golovanov koor en orkest van het Bolsjojtheater Reyzen Nelepp Maksakova
1949 Audio RK 1908 Golovanov Koor en orkest van het Bolsjojtheater Pirogov Nelepp Maksakova
1952 Audio RK 1908 Dobrowen Orchestre National de la Radiodiffusion Française Christoff Gedda Zareska
1954 Audio RK 1908 Baranovich Nationaal Theater van Belgrado Changalovich Branjnik Bugarinovich
1956 Video RK 1908 Nebolsin Koor en orkest van het Bolsjojtheater Pirogov Nelepp Avdeyeva
1962 Audio RK 1908 Cluytens Orchestre de la Société des Concerts du Conservatoire Christoff Uzunov Lear
1962 Audio RK 1908 Melik-Pashayev Koor en orkest van het Bolsjojtheater Petrov Ivanovsky Arkhipova
1963 Audio RK 1908 Melik-Pashayev Koor en orkest van het Bolsjojtheater London Ivanovsky Arkhipova
1970 Audio RK 1908 Karajan Wiener Philharmoniker Ghiaurov Spiess Vishnevskaya
1973 Audio RK 1908 Naidenov koor en orkest van de Nationale Opera Sofia Ghiuselev Damiano Milcheva
1976 Audio M 1872 Semkov Nationaal Symfonieorkest van de Poolse Radio, Pools Radiokoor van Krakow Talvela Gedda Kinasz
1978 Video RK 1908 Khaykin Koor en orkest van het Bolsjojtheater Nesterenko Piavko Arkhipova
1983 Audio M 1872 Fedoseyev USSR Staats- Radio en Televisie-symfonieorkest en -koor Vedernikov Piavko Arkhipova
1985 Audio RK 1908 Ermler Koor en orkest van het Bolsjojtheater Nesterenko Atlantov Obraztsova
1986 Audio M 1872 Kitayenko Deens Radiosymfonieorkest en -Koor Haugland Andersen
1986 Audio M 1872 Chakarov Sofia Festivalorkest, Sofia Nationaal Operakoor Ghiaurov Svetlev Mineva
1987 Video RK 1908 Lazarev Koor en orkest van het Bolsjojtheater Nesterenko Piavko Sinyavskaya
1987 Audio M 1872 Rostropovitsj National Symphony Orchestra, Choral Arts Society en Oratorio Society of Washington D.C. Raimondi Polozov Vishnevskaya
1990 Video M 1872 Gergiev Mariinskitheater Lloyd Steblianko Borodina
1993 Audio M 1872 Abbado Berliner Philharmoniker, Slowaaks Filharmonisch Koor, Rundfunkchor Berlin Kotscherga Larin Lipovsek
1997 Audio M 1869 Gergiev Kirov Operakoor en -Orkest Putilin Lutsyuk
1997 Audio M 1872 Gergiev Kirov Operakoor en -Orkest Vaneyev Galusin Borodina
2004 Video M 1869 Weigle Gran Teatre del Liceu Salminen Lindskog

Bronnen:

Externe links[bewerken]