Circus (attractie)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
(Doorverwezen vanaf Circus (cultuur))
Ga naar: navigatie, zoeken
Scènes circus rond 1891. Werk van schilder Arturo Michelena.
Advertentie uit 1900 voor het Barnum & Bailey Circus.

Met een circus wordt gewoonlijk een reizend gezelschap bedoeld dat optreedt in een grote tent en bestaat uit verschillende optredens van acrobaten, jongleurs, clowns, dierentemmers (van leeuwen, tijgers, olifanten) en soms ook goochelaars. Bij het traditionele circus mogen vooral paardennummers niet ontbreken, want het circus is oorspronkelijk begonnen als "paardenspel". Paarden in "vrijheidsdressuur", acrobatiek en clownerie te paard, en "de hoge school", zijn circusklassiekers.

Er zijn ook circussen die niet (meer) rondreizen en op een vaste plaats blijven en circussen zonder dieren.

In het laatste decennium van de 20e eeuw heeft een aantal circussen, onder invloed van onder andere het van oorsprong Canadese Cirque du Soleil, een ontwikkeling doorgemaakt naar circus-theater. Dit soort circusgroepen combineert circus, muziek, zang, dans en comedy in een voorstelling met een verhaal. Binnen het circus geldt een sterke divisie tussen 'geboren circus' (Circusdynastieën/ families) en 'aangenomen circus'. De internationale verbanden tussen circusfamilies zijn hecht, en generaties tellen even sterk als talent: 'Nieuwkomers' moeten wel zeer getalenteerd en gemotiveerd zijn, om ooit werkelijk opgenomen te worden.

Jugglers Circus Amok by David Shankbone.jpg

Circussen[bewerken]

Stilt Walkers at Circus Amok by David Shankbone.jpg

De bekendste circusartiesten in Nederland en België zijn waarschijnlijk wel Bassie en Adriaan. Zie lijst van circussen voor een uitgebreide lijst.

Campingcircus- en campingtournees zijn diverse kleine, 'samengestelde' circussen, die uitsluitend in het kampeerseizoen reizen, voornamelijk langs de grotere recreatiecentra en campings. Voor deze circussen zijn gemeenteplaatsen, met hoge staangelden en precario, zelden een optie meer. Deze circussen bestaan buiten het seizoen vooral van 'uitkopen' (ingekochte voorstellingen) en tentverhuur. Voorbeelden hiervan zijn onder meer het Brabantse Circus Harlekino van Peter Verberk, de Groninger Anton Werkman, het Amsterdams-Belgische Circus Bavaria van Bart de Vriend, Circus Benelux van Karin Range, Circus Malford van John Reynen/ Georg Sperlich, Circus Fantâsia Kitty Hagen en Circus Romano van de familie Mendes / Weisheit. De dwarsverbanden tussen deze circussen zijn groot, waarbij artiesten buiten het familieprogramma vaak tussen de circussen wisselen, terwijl de directies niet zelden in duchtige concurrentie over de plaatsen leven. Vaak worden activiteiten gecombineerd met openluchtvoorstellingen, jaarmarkten, evenementenverhuur en dergelijke.

Enkele circussen en artiesten zijn ons de laatste jaren ontvallen. Terwijl 9 van de 10 mensen die gevraagd wordt een bekend Nederland circus te noemen nog altijd 'Boltini' zal zeggen, bestaat dit circus al jaren niet meer. Kerst 2003 overleed grand signeur Toni Boltini (Akkerman). Zijn tweede vrouw Pammy zette het circusverhuurbedrijf dat zij reeds jaren runde voort. Bijvoorbeeld Circus Aladdin, van Ben Tertoole (Berdini), ging min of meer geruisloos op in de tentverhuur van Rob Ritman. In Brabant overleed een van de laatste telgen uit het roemruchte circusgeslacht Kinsbergen, de tragikomische meesterclown Peter van der Poll (Pietje).

Nederlandse circusgeschiedenis[bewerken]

Circus Het Hoefke, voltigenummer, rond 1950

Begin 20e eeuw waren de bekendste reizende circussen in Nederland de circussen van Leon Kinsbergen (paarden) en Maurits Blanes. Daarnaast zien we in de jaren twintig al namen die we heden ten dage nog in het circus tegenkomen, namelijk Mullens, Renz, Teuteberg en Mikkenie. De bekendste naoorlogse circussen in Nederland waren Circus Van Bever (met de beroemde rijdster Illonka Karoly), Boltini, Mikkenie en Circus Strassburger. De tevens joodse familie Strassburger vluchtte vlak voor de oorlog naar Nederland en zou deze hier overleven met behulp van Frans Mikkenie als zogenaamde 'interim'. De rol van Toni Boltini in de oorlogsjaren was typisch en schimmig. Terwijl sommigen hem altijd als een collaborateur bleven zien -hij trad de hele oorlog gewoon op- bleek dat de eigenzinnige individualist met groot gevaar heel wat niet-arische artiesten in zijn circus verborgen had weten te houden, onder wie de muzikantenfamilie Weiss (Tata Mirando) en clown Miech Teitelbaum. Elly Strassburger zou met haar man Harry Belli tot 1965 'circus maken' in Nederland. Haar man, dompteur, was vooral bekend van zijn nummer 'tijger te paard'.

In de jaren zestig en zeventig kregen de circussen het, in concurrentie met de televisie, moeilijk. Veel circussen trachtten te overleven door te 'veramerikaansen' en 'verglitteren'. Kleine acts werden opgevoerd met veel visueel geweld en pogingen tot 'glamour'. Circus Boltini bleef vasthouden aan klassiek circus met toevoeging van nieuwe elementen, zoals het uitnodigen van populaire artiesten uit andere disciplines (Rob de Nijs en Johnny Lion). Hoewel er talloze Nederlandse circussen reisden, behield Boltini eigenlijk een monopolie op de top. De huidige reizende circussen zijn bijna allemaal op een of andere wijze aan Toni Boltini verwant. Of het is familie (zoals Hans Martens, Alberto Althoff) of het zijn oud-werknemers (echtpaar Diks). Uitzondering zijn enkele autonome circusfamilies, zoals van Circus Royal en enige circusbedrijven die zich combineren met facilitair verhuur (Mikkenie, Ritman). De Nederlandse circusfamilies kennen vele kruisverbanden met Duitse, Belgische en Franse circusfamilies.

Circusdirecteur[bewerken]

Bekende Nederlandse circusdirecteuren waren en zijn:

Er zijn ook enkele Nederlandse directeuren die buitenlandse circussen in Nederland onder hun hoede hebben bijvoorbeeld:

Circusmuziek[bewerken]

Accordeonspeler van Circus Amok

Een internationaal werkend Nederlands circusorkest is de 7-koppige formatie van Coty Teuteberg. Dit orkest heeft 30 jaar (tot 2009) Wintercircus Martin Hanson begeleid. Een ander circusorkest dat in Nederland te zien is (bij Herman Renz), is het orkest van Robert Rzeznik. Veel kleiner is het familiecombo onder leiding van Ralf Huberti dat jarenlang bij Circus Harlekino de livemuziek verzorgde, met Hammondorgel, twee trompetten en drums, tevens muzikale clowns. Typische circusnummers zijn 'Einlass', 'Caravan' (van Ellington,'fakirmuziek', en ook vaak ter begeleiding van (roof)diernummers, maar ook een circusbegrafenisklassieker), 'De Springende Kikker', de Waldenburger galop, Tico Tico (ook van Abreu) en Cinnamon and Spice (trapeze) en 'Oh mein Papa' als finalemuziek. Op wereldschaal was de bekendste orkestleider in het circus Merle Evans. Hij bewerkte veel klassieke muziek voor de circuspiste, zoals Rimsky-Korsakovs 'Vlucht van de hommel' voor de onvergetelijke luchtacrobate Lillian Leitzl. Naast Merle Evans zijn andere bekende circusdirigenten:

  • Reto Parolari (Zwitserland): hij dirigeerde de orkesten van o.a. het Wereldkerstcircus, Circus Knie, Circus Krone-Bau en is nog steeds de vaste dirigent van het beroemde Circusfestival van Monte Carlo.
  • Carmino d'Angelo (Frankrijk): dirigent van diverse circusfestivals in Frankrijk.
  • Tony Bario (Frankrijk): de inmiddels overleden telg uit de beroemde clownsdynastie de Bario's dirigeerde jarenlang het grote orkest van het Cirque d'Hiver-Bouglione.
  • Robert Rzeznik (Polen): hij dirigeert momenteel het orkest van het Nederlands Nationaal Circus Herman Renz. Naast het leiden van het orkest speelt hij trompet en keyboard tijdens de voorstelling. Ook schrijft hij arrangementen voor het circus.

Circusartiest als beroep[bewerken]

In Nederland was Circusschool De Hoogte in Leeuwarden lange tijd de enige vakopleiding tot professioneel circusartiest. In september 2006 is de HBO opleiding Circus Arts gestart bij Codarts (hogeschool voor de kunsten) in Rotterdam. In 2007 is ook het Fontys gestart met een HBO opleiding. Daarnaast zijn op verschillende plaatsen interne vooropleidingen te volgen die de basis geven voor een opleiding tot professioneel circusartiest, zoals bij Circus Poehaa in Arnhem. Buiten Nederland zijn er opleidingsinstituten in onder meer Brussel (BE). Behalve opleidingen tot specifieke circusdisciplines als acrobatiek en anderen wordt hierbij ook aandacht geschonken aan de circusmuziek.

Dieren in het circus[bewerken]

Dressuurshow

De laatste decennia is er in het westen meer weerstand ontstaan tegen circusacts met levende dieren. Het gebruik van wilde (niet gedomesticeerde) dieren in circussen ondervindt kritiek van dierenbeschermingsorganisaties die het vanuit dierenwelzijnsoogpunt niet verantwoord vinden. Uit onderzoeken in Engeland, Duitsland en Nederland blijkt dat het welzijn van circusdieren wel gewaarborgd kan worden.[bron?]

In Nederland bestaat er momenteel geen wetgeving voor het houden van dieren in het circus en er is geen specifiek onafhankelijk toezicht. Er is dus geen sprake van wettelijke minimum welzijnsnormen, zoals dat bijvoorbeeld wel geldt voor landbouwdieren. De brancheorganisatie VNCO heeft richtlijnen opgesteld waar leden aan moeten voldoen. Deze richtlijnen zijn gebaseerd op de Leitlinien van het Deutsche Tierlehrerverband die tevens model waren voor de Duitse wetgeving.

De Nederlandse regering heeft wel onderzoek laten verrichten naar het welzijn van circusdieren. Uitkomst van het onderzoek was dat er verder onderzoek verricht moet worden naar het welzijn van olifanten in het circus en dat het welzijn van andere diersoorten wel gewaarborgd kan worden in een circusomgeving. De minister heeft aangekondigd aan de hand hiervan wetgeving op te stellen.

In België en diverse Europese landen is er wel een specifieke wetgeving rond circusdieren, met voor iedere diersoort minimumnormen. Steeds meer landen (onder andere Oostenrijk, Kroatië, Bulgarije, Israël, Singapore, Costa Rica) verbieden circussen met wilde dieren. Ook enkele gemeenten in Nederland probeerden circussen met wilde dieren de toegang te ontzeggen, omdat zij van mening zijn dat het welzijn van de dieren niet kan worden gewaarborgd. Een rechtszaak die vervolgens door de circuswereld werd aangespannen en ook het hoger beroep bij de Raad van State (in dit geval tegen de gemeente Winschoten) toonde aan dat gemeenten niet gerechtigd zijn om een eigen beleid te voeren op het gebied van het welzijn van circusdieren. Zowel de rechtbank als de Raad van State bepaalde dat dit een verantwoordelijkheid van het Ministerie van Landbouw en Visserij. Gemeenten mogen een circus dus niet weren op grond van het dierenwelzijn.

Ook door de Europese Commissie wordt het Oostenrijkse verbod op bepaalde dierensoorten in het circus opnieuw getoetst aan de Europese Grondwet. Ook deze wetgeving lijkt onrechtmatig te zijn. Een verbod kan enkel worden ingevoerd als er geen andere maatregelen mogelijk zijn. De regelgeving in landen als België en Duitsland toont aan dat er wel alternatieven zijn.

Kerstcircus[bewerken]

Een kerstcircus is een circusvoorstelling rond kerstmis. Een kerstcircus is veelal een familiegebeurtenis, vaak bezocht door families met (jonge) kinderen. Er worden verschillende kerstcircussen in Nederland gehouden. Enkele bekende kerstcircussen worden gehouden, zoals het Internationale Circusfestival in Enschede, Internationaal Kerstwintercircus in het Parktheater in Eindhoven, Ahoy Rotterdam in Rotterdam, het Cirque d'Hiver in Roermond, het Koninklijk Theater Carré in Amsterdam en het Groot Kerstcircus in Den Haag. Ook het Circus Herman Renz kent een kerst-/wintercircus. Dit vindt jaarlijks plaats in Haarlem

Een van de weinige circussen die in de wintermaanden op tournee is, is Wintercircus Martin Hanson. Dit circus is een van de oudste kerst- en wintercircussen van Nederland en reist niet met een tent. De circuspiste van dit circus ligt op het toneel, want het geeft enkel voorstellingen in de Nederlandse theaters en schouwburgen.

Lijsten[bewerken]

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]