Ella Fitzgerald

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Ella Fitzgerald
Ella Fitzgerald in 1940.
Ella Fitzgerald in 1940.
Algemene informatie
Volledige naam Ella Jane Fitzgerald
Alias First Lady of Song, Lady Ella
Geboren Newport News, 25 april 1917
Overleden Beverly Hills, 15 juni 1996
Land Verenigde Staten
Werk
Jaren actief 1934 - 1993
Genre(s) Swing, Traditional pop, Jazz
Beroep(en) Zangeres
Instrument(en) Piano
Label(s) Capitol Records, Decca Records, Pablo Records, Reprise Records, Verve Records
Portaal  Portaalicoon   Muziek

Ella Fitzgerald (Newport News (Virginia), 25 april 1917Beverly Hills (Californië), 15 juni 1996) was een Amerikaans jazzzangeres die wordt beschouwd als één van de grootste jazzvocalisten ooit.[1] Ze werd dan ook roemend 'The First Lady of Song' genoemd en won dertien Grammy Awards. Fitzgerald had een groot bereik van vier octaven, een duidelijke uitspraak en haar stem leende zich tevens prima voor scatzang. De enige kritiek was dat haar zang zich eigenlijk niet leende voor liedjes met veel diepgang, omdat ze alles zo vrolijk deed klinken.[1]

Biografie[bewerken]

Ella Fitzgerald had een moeilijke en arme jeugd. Ze was het jaar voor haar grote doorbraak zelfs dakloos.[bron?] Ze werd ontdekt bij een amateurwedstrijd in het najaar van 1934 in het Apollo Theater in Harlem, New York. Vervolgens nam Chick Webb haar in zijn orkest op, en zo vergaarde Fitzgerald haar roem. Met hem nam ze vanaf 1935 voor Decca Records platen op, waarvan haar bewerking van het kinderliedje A-Tisket, A-Tasket een hit opleverde. Toen Webb in 1939 overleed, werd het orkest omgedoopt tot Ella Fitzgerald and her Famous Orchestra, met matig succes.

In 1941 besloot Fitzgerald solo verder te gaan, omdat ze te jong en te onervaren was voor het leiden van de ouderwetse bigband die langzaam uit de mode begon te raken. Ze koos haar repertoire sindsdien steeds minder uit swing en meer uit bebop, het laatste vooral doordat ze toerde met meester-bebopper Dizzy Gillespie en de bekende bandleider Duke Ellington.

Tijdens deze periode bleef ze platen opnemen voor Decca, dat haar een slecht en beperkt repertoire aanbood.[bron?] Daardoor kon ze als zangeres nauwelijks groeien. Concertimpresario Norman Granz (tevens grondlegger van de labels Clef en Norgran) startte in 1949 om haar uit het verstikkende regime van Decca te krijgen en haar voor zijn eigen labels te laten opnemen. Fitzgeralds contract liep echter tot 1956, maar vanaf 1949 trad ze al wel op in de rondreizende concertserie van Norman Granz, Jazz at the Philharmonic.

In 1955 speelde ze in een film met Peggy Lee, Pete Kelly's Blues, en vervolgens tekende ze bij Granz' Verve Records, waar ze haar bekende songbooks met muziek van onder meer Cole Porter, George Gershwin, Ira Gershwin, Harold Arlen en Duke Ellington opnam. Van deze albums is strikt genomen alleen het laatste jazz te noemen. Haar carrière nam vanaf 1956 een vlucht en liet Fitzgerald werken met een keur aan artiesten zoals, Oscar Peterson, Roy Eldridge, Count Basie, Dave Brubeck, Nelson Riddle, Duke Ellington, Joe Williams, en vele anderen.

In 1960 verkocht Norman Granz het label Verve, maar hij bleef wel Fitzgeralds persoonlijke manager. Fitzgerald bleef succesvolle opnames maken, hoewel ze inmiddels genoeg verdiende om met pensioen te gaan. Zij trad wederom op in een film: Let No Man Write My Epitaph, maar die werd geen succes.

In 1963, 1964 en 1965 werkte Fitzgerald met Roy Eldridge en het Tommy Flanagan Trio, daarna met het Duke Ellington Orkest, meer bepaald in 1965, 1966 en 1967. Ondertussen nam ze veel singles op, waarvan Can't Buy Me Love een hit werd. Andere singles, zoals I'm A Poached Egg en We Three, waarvan de laatste eigenlijk een duet met zichzelf is, waren niet zo een groot succes.

In 1966 liep het contract met Verve af, en ging Fitzgerald freelance werken. Dit resulteerde in een aantal opnames van country-and-westernmuziek en spitituals, dit om het jongere publiek te trekken, iets waar veel jazzliefhebbers zich over verbaasden. Ze maakte enkele - door de critici minder gewaardeerde - uitstapjes naar de popmuziek (Sunny en I Heard It Through the Grapevine).

In 1972 werd aan Fitzgeralds comeback in de jazzscene gewerkt. Dit werd de plaat Jazz at the Santa Monica Civic, met Count Basie en Tommy Flanagan. Hierna tekende ze bij Norman Granz' nieuwe label Pablo. Ze bracht daar van 1973 tot 1989 platen uit. De beste hiervan zijn de vier albums met Joe Pass, twee met Basie en een aantal liveoptredens op het Montreux Jazz Festival.

Fitzgerald kreeg vanaf 1970 te kampen met de gevolgen van diabetes, die eerst resulteerden in blindheid. Haar stem bleef tot begin jaren tachtig vitaal, maar ging vanaf 1984 sterk achteruit. Haar laatste plaat, met saxofonist Benny Carter, die haar in 1934 had ontdekt, geeft hier blijk van. In 1987 maakte France Gall nog een lied over haar: Ella, elle l'a, waar Kate Ryan in 2008 een vernieuwde versie van heeft uitgebracht. In 1989 of 1990 zou Fitzgerald nog een plaat opnemen, die niet werd uitgebracht.

Haar allerlaatste opname stamt uit 1991, toen ze voor de Japanse film Setting Sun de soundtrack inzong. Eind 1992 had ze haar laatste publieke optredens. Hoewel ze in 1993 gevraagd werd voor een duet op een album van Frank Sinatra, bleef ze hierna thuis wonen in Beverly Hills. Als gevolg van diabetes moesten in 1993 haar beide onderbenen worden geamputeerd. Gedurende de jaren 90 ondervond ze meer gevolgen van diabetes, waaraan ze in 1996 uiteindelijk ook zou overlijden op 79-jarige leeftijd.

Fitzgerald was twee keer gehuwd, waaronder met bassist Ray Brown (1948-1952).

Discografie[bewerken]

Albums[bewerken]

Album(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Album Top 100
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Lullabies of Birdland 1945 -
Ella and Louis 1956 - met Louis Armstrong
Ella Fitzgerald at the Opera House 1957 - Livealbum
Ella in Berlin 1960 -
Ella and Basie! 1963 -
Ella at Duke's Place 1965 -
Newport Jazz Festival: Live at Carnegie Hall 1973 - Livealbum
Ella in London 1974 -
Fine and Mellow 1974 -
Montreux 1977 1977 -
The Best Is Yet to Come 1982 -
All That Jazz 1989 -

Singles[bewerken]

Single(s) met eventuele hitnoteringen in
de Nederlandse Top 40
Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Sleigh Ride 2011 - met René Froger /
Nr. 15 in de Single Top 100

Radio 2 Top 2000[bewerken]

Nummer(s) met noteringen
in de Radio 2 Top 2000
'99 '00 '01 '02 '03 '04 '05 '06 '07 '08 '09 '10 '11 '12 '13
Ev'ry Time We Say Goodbye - - - - - - - 1715 1911 - - - - - -
Summertime
(met Louis Armstrong)
- - - - - - - 978 900 1660 1311 1152 1139 1146 1012

Songbooks[bewerken]

Trivia[bewerken]

Externe link[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b Yanow, Scott. Biografie van Ella Fitzgerald. Allmusic. Geraadpleegd op 5 april 2011.