Ella Fitzgerald
| Ella Fitzgerald | ||||
| Ella Fitzgerald in 1940. | ||||
| Achtergrondinformatie | ||||
| Volledige naam | Ella Jane Fitzgerald | |||
| Alias | First Lady of Song, Lady Ella | |||
| Geboren | Newport News, 25 april 1917 | |||
| Overleden | Beverly Hills, 15 juni 1996 | |||
| Land | Verenigde Staten | |||
| Jaren actief | 1934 - 1993 | |||
| Genre(s) | Swing, Traditional pop, Jazz | |||
| Beroep(en) | Zangeres | |||
| Instrument(en) | Piano | |||
| Label(s) | Capitol Records, Decca Records, Pablo Records, Reprise Records, Verve Records | |||
| Website | ||||
|
||||
Ella Fitzgerald (Newport News (Virginia), 25 april 1917 - Beverly Hills (Californië), 15 juni 1996) wordt beschouwd als één van de grootste jazz-zangeressen ooit.[1] Ze werd dan ook roemend 'The First Lady of Song' genoemd en won dertien Grammy Awards. Haar stem had een groot bereik van vier octaven, een duidelijke uitspraak en leende zich tevens prima voor scatzang. De enige kritiek die men weleens heeft is dat haar zang zich eigenlijk niet leende voor het wat minder opgewekte repertoire.[1]
Inhoud |
[bewerken] Biografie
Ella Fitzgerald had een moeilijke en arme jeugd. Ze was het jaar voor haar grote doorbraak zelfs dakloos. Ze werd ontdekt bij een amateurwedstrijd in het najaar van 1934 in het Apollo Theater in Harlem, New York. Vervolgens nam Chick Webb haar in zijn orkest op en zo vergaarde Fitzgerald haar roem. Met hem nam ze vanaf 1935 voor Decca platen op, waarvan haar bewerking van het kinderliedje "A-Tisket, A-Tasket" een hit opleverde. Toen Webb in 1939 overleed werd het orkest omgedoopt tot Ella Fitzgerald and her Famous Orchestra, met matig succes.
In 1941 besloot de zangeres, die vrij jong en onervaren was voor het leiden van een ouderwetse Bigband die langzaam uit de mode begon te raken, solo verder te gaan. Ze koos haar repertoire steeds minder uit swing en meer uit bebop, het laatste vooral doordat ze toerde met meesterbebopper Dizzy Gillespie en de bekende bandleider Duke Ellington.
Tijdens deze periode bleef ze platen opnemen voor Decca, die haar helaas een slecht en beperkt repertoire aanbood. Daardoor kon ze als zangeres nauwelijks groeien. Concertimpresario Norman Granz (tevens grondlegger van de platenlabels Clef en Norgran) startte in 1949 om haar uit het verstikkende regime van Decca te krijgen en haar voor zijn eigen labels te laten opnemen. Fitzgeralds contract liep echter tot 1956, maar vanaf 1949 trad ze wel op in de rondreizende concertserie van Norman Granz, Jazz at the Philharmonic.
In 1955 speelde ze in een film met Peggy Lee, Pete Kelly's Blues, en tekende vervolgens bij Granz's Verve Records, waar ze haar bekende songbooks met muziek van onder meer Cole Porter, George Gershwin, Ira Gershwin, Harold Arlen en Duke Ellington opnam. Alleen het laatste album van deze is strikt jazz te noemen. Haar carrière nam vanaf 1956 een vlucht en liet Fitzgerald werken met een keur van artiesten zoals Oscar Peterson, Roy Eldridge, Count Basie, Dave Brubeck, Nelson Riddle, Duke Ellington, Joe Williams en vele anderen.
In 1960 verkocht Norman Granz het label Verve, maar hij bleef Fitzgeralds persoonlijke manager. Fitzgerald bleef succesvolle opnames maken, hoewel ze inmiddels genoeg verdiende om met pensioen te gaan. Fitzgerald treedt wederom op in een film, Let No Man Write My Epitaph. Het werd geen succes.
In 1963, 1964 en 1965 werkt Fitzgerald met Roy Eldridge en het Tommy Flanagan Trio, daarna met het Duke Ellington Orkest, in de jaren 1965, 1966 en 1967. Ondertussen neemt ze veel singles op, waarvan Can't Buy Me Love een hit wordt. Andere singles, zoals I'm A Poached Egg en We Three, waarvan de laatste een duet met zichzelf is, worden een minder succes.
In 1966 loopt het contract met Verve af en gaat ze freelance. Dit resulteert in een aantal country- and western en spirituele opnamen, om het jongere publiek te trekken, iets waar veel jazzliefhebbers zich over verbazen. Ze maakte enkele -door de critici minder gewaardeerde- uitstapjes naar de popmuziek ('Sunny', 'I heard it through the grapevine').
In 1972 wordt er aan Fitzgeralds comeback gewerkt in de jazzscene. Dit wordt de plaat Jazz at the Santa Monica Civic, met Count Basie en Tommy Flanagan. Hierna tekent ze bij Norman Granz' nieuwe label Pablo. Ze brengt daar van 1973 tot 1989 platen uit, waarvan de vier met Joe Pass, de twee met Basie en een aantal liveoptredens op het Montreux Jazz Festival het beste zijn.
Fitzgerald begon vanaf 1970 te kampen met de gevolgen van diabetes, die eerst resulteerden in blindheid. Haar stem bleef tot begin jaren '80 vitaal, maar vanaf 1984 is het een aflopende zaak. Haar laatste plaat, met de saxofonist die haar ontdekte in 1934, Benny Carter, geeft hier blijk van. In 1987 maakte France Gall nog een lied over haar: "Ella Elle L'a" waar Kate Ryan onlangs een vernieuwde versie van heeft uitgebracht. Later, in 1989 of 1990, zou Fitzgerald nog een plaat opnemen, die niet werd uitgebracht.
Haar allerlaatste opname stamt uit 1991, toen ze voor de Japanse film Setting Sun de soundtrack in zong. In laat 1992 had ze haar laatste publieke optredens. Hoewel ze in 1993 gevraagd werd voor een duet op een album van Frank Sinatra, bleef ze hierna thuis wonen in Beverly Hills. Als gevolg van suikerziekte moesten in 1993 beide onderbenen worden geamputeerd en ze ondervond gedurende de jaren negentig meer gevolgen van diabetes, waaraan ze zou overlijden in 1996.
Fitzgerald trouwde twee keer, waaronder met bassist Ray Brown (1948-1952).
[bewerken] Discografie
[bewerken] Albums
| Album(s) met eventuele hitnoteringen in de Nederlandse Album Top 20/50/75/100 |
Datum van verschijnen |
Datum van binnenkomst |
Hoogste positie |
Aantal weken |
Opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Lullaby of birdland | 1945 | - | |||
| Ella and Louis | 1956 | - | met Louis Armstrong | ||
| Ella Fitzgerald at the Opera House | 1957 | - | Livealbum | ||
| Ella in Berlin | 1960 | - | |||
| Ella and Basie! On the sunny side of the street | 1963 | - | |||
| Ella at Duke's place | 1965 | - | |||
| Newport Jazz Festival: Live at Carnegie Hall | 1973 | - | Livealbum | ||
| Ella in London | 1974 | - | |||
| Fine and mellow | 1974 | - | |||
| Montreux 1977 | 1977 | - | |||
| The best is yet to come | 1982 | - | |||
| All that jazz | 1989 | - |
[bewerken] Singles
| Single(s) met eventuele hitnoteringen in de Nederlandse Top 40 |
Datum van verschijnen |
Datum van binnenkomst |
Hoogste positie |
Aantal weken |
Opmerkingen |
|---|---|---|---|---|---|
| Sleigh ride | 2011 | - | met René Froger / Nr. 15 in de Single Top 100 |
[bewerken] Radio 2 Top 2000
| Nummer(s) met noteringen in de Radio 2 Top 2000 |
1999 | 2000 | 2001 | 2002 | 2003 | 2004 | 2005 | 2006 | 2007 | 2008 | 2009 | 2010 | 2011 |
|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|---|
| Ev'ry time we say goodbye | - | - | - | - | - | - | - | 1715 | 1911 | - | - | - | - |
| Summertime (met Louis Armstrong) |
- | - | - | - | - | - | - | 978 | 900 | 1660 | 1311 | 1152 | 1139 |
[bewerken] Songbooks
- Cole Porter (1956)
- Duke Ellington (1957)
- Rodgers en Hart (1956)
- George and Ira Gershwin (1959)
- Harold Arlen (1961)
- Ella abraca Jobim - Ella sings the Antônio Carlos Jobim songbook. (1981) - niet geheel op CD.
- Jerome Kern
[bewerken] Trivia
- Er is een asteroïde naar Fitzgerald vernoemd, de 3665 Fitzgerald.
- France Gall, later gecovered door onder andere Alizee en Kate Ryan, zong een lied over Fitzgerald, genaamd Ella Elle L'a.
[bewerken] Externe link
Bronnen, noten en/of referenties
|
| Jazz |
|---|
|
Jazzmusici · Jazzband · Jazzalbum · Jazznummer · Jazzstijl · Jazzmuziektheorie |
| Zie de categorie Ella Fitzgerald van Wikimedia Commons voor meer mediabestanden. |