Frans Floris

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
De val van Adam

Frans Floris, Frans Floris de Vriendt of Frans Floris de oudere (Antwerpen, 1519 of 1520 – aldaar, 1 oktober 1570) was een Vlaams kunstschilder vooral bekend om zijn historiestukken en portretten. Hij was een leidende figuur in de beweging in noordelijke renaissance schilderkunst die men Romanisme noemt. De kunstenaars die tot deze stroming gerekend worden hadden meestal Italië bezocht waar ze de werken van toonaangevende Italiaanse Renaissance kunstenaars zoals Michelangelo, Rafaël en hun volgelingen hadden bestudeerd. Hun kunst assimileerde deze Italiaanse invloeden met de Noordelijke schildertraditie.

Leven[bewerken]

Frans Floris werd geboren in Antwerpen. Hij was de telg van een vooraanstaande kunstenaarsfamilie die oorspronkelijk bekend stond onder de naam 'de Vriendt'. De voorouders Floris de Vriendt, toen nog alleen 'de Vriendt' genaamd, waren inwoners van Brussel, waar ze het ambacht van steenhouwer en steenhouwer beoefenden. Eén van de voorouders van Frans werd in 1406 meester van het Brusselse steenhouwersgilde. Een familielid, Jan Florisz. de Vriendt, verliet zijn geboortestad Brussel en vestigde zich in Antwerpen in het midden van de 15de eeuw. Zijn patroniem 'Floris' werd de familienaam in de volgende generaties. De oorspronkelijke vorm 'de Vriendt' is echter nog steeds te vinden in officiële documenten tot in de late 16e eeuw.

Frans' broers waren prominente kunstenaars. De meest bekende is Cornelis, die een architect en beeldhouwer was en een van de ontwerpers van het Stadhuis van Antwerpen. Jacob Floris was een schilder van glas-in-loodramen en Jan Floris was een pottenbakker. Jan reisde naar Spanje om zijn kunst uit te oefenen en stierf er jong.

Frans Floris werd mogelijk eerst door zijn vader, Cornelis I Floris De Vriendt, tot steenhouwer opgeleid. Later ging hij in de leer bij Lambert Lombard te Luik en in 1540 werd hij ingeschreven als meester-schilder in het gilde te Antwerpen. Hij verbleef vervolgens echter enkele jaren samen met broer Cornelis in Italië, waar zij de antieke beeldhouwkunst en de werken van Michelangelo bestudeerden. Van 1547 tot zijn dood woonde hij in Antwerpen, waar hij een groot atelier met vele leerlingen leidde. Hij was de broer van Cornelis Floris (eigenlijk Cornelis II Floris De Vriendt).

Werk[bewerken]

In de werkplaats van Frans Floris ontstonden altaarstukken met bijbelse taferelen voor kerken en kloosters in onder meer Antwerpen, Brussel, Gent en Delft. Daarnaast werkte hij voor rijke burgers, die hem opdrachten gaven voor schilderijen met mythologische en allegorische onderwerpen met een licht erotische lading. Ook schilderde hij enkele aantrekkelijke portretten. Zijn stijl is sterk doortrokken van het werk van Michelangelo en het Italiaanse maniërisme uit het midden van de zestiende eeuw.

Ten gevolge van de talrijke medewerkers in zijn werkplaats zijn er maar weinig eigenhandige schilderijen van Frans Floris overgeleverd. Wel zijn er enkele panelen met studiekoppen van hem bekend die zijn helpers vervolgens op schilderijen moesten overdragen.

Voorbeelden van zijn studiowerk bevinden zich in het Koninklijk Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen, waar zich ook zijn bekendste werk bevindt, ‘’De val van de opstandige engelen’’ uit 1554, waarin de voorstelling van de hel nog aanleunt tegen de middeleeuwse traditie. Dit werk wendt Jan Fabre in 2006 aan in een installatie, genoemd "Boodschappers van de dood onthoofd", 2006. Het bestaat uit zeven oogstrelende, listig kijkende uilenkoppen op een grote witte tafel geëtaleerd.

Portret van een gildejongen

Zijn laatste grote werk, een drieluik met ‘’Het laatste Oordeel’’ uit 1566 in de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten in Brussel, is sterk beïnvloed door het voorbeeld van Michelangelo in de Sixtijnse Kapel. Een bekend portret is dat van een oude vrouw in het museum van Caen, geschilderd in 1558.

Invloed[bewerken]

Doordat een groot aantal kunstenaars in zijn atelier werkzaam of in de leer was, heeft Frans Floris veel invloed gehad op schilders van zijn generatie, een invloed die uiteindelijk tot Rubens reikte. De bekendste graveurs van zijn tijd, zoals Cornelis Cort, Filips Galle en Balthasar Sylvius, hebben prenten naar zijn werken vervaardigd en zodoende bijgedragen aan de verspreiding van zijn vroeg-maniëristische composities.

Toch ligt het grootste belang van Frans Floris wellicht in zijn hervorming van de Noord-Europese atelierpraktijken naar Italiaans voorbeeld. Zijn vernieuwingen op dit gebied werden door zijn leerlingen elders in de Lage Landen doorgevoerd. Hoewel hij als schilder hoog geprezen werd door zijn tijdgenoten, heeft hij in latere eeuwen veel van zijn roem ingeboet.

Tot de leerlingen van Frans Floris behoren Lucas d'Heere, Frans Pourbus de Oudere, Anthonie van Blocklandt en Joos de Beer.