George Soros

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
George Soros

George Soros, geboren als György Schwartz (Boedapest, 12 augustus 1930), is een Amerikaans zakenman, filantroop en publicist van Joods-Hongaarse afkomst.

Hij verwierf een enorm vermogen met beursspeculaties, geld dat hij is gaan gebruiken voor het realiseren van zijn filosofische en politieke idealen. Aanvankelijk door het ondersteunen van democratische ontwikkelingen in Oost-Europa, afgelopen jaren ook door het subsidiëren van oppositie tegen oud-president Bush jr. Soros is goed voor zo'n 22 miljard dollar. Op de lijst van Forbes van rijkste mensen ter wereld bezet hij de 46e plek sinds september 2011.

Levensloop[bewerken]

Jeugd[bewerken]

Soros werd geboren als zoon van de Esperanto-auteur Tivadar Soros. Hij groeide op met de kunsttaal, zodat gezegd kan worden dat hij een van de weinige Esperanto-moedertaalsprekers is. De familienaam Schwartz werd door zijn vader in 1936 verhongaarst. Soros overleefde de bezetting van Hongarije door nazi-Duitsland, maar week na de inval door de Sovjetrussen in 1946 uit naar Groot-Brittannië. Hij studeerde daar in 1952 af aan de London School of Economics. Grote invloed op Soros’ politieke opvattingen hadden de colleges van de filosoof Karl Popper. In navolging van Popper wil Soros strijden tegen ideologieën en politieke systemen die zich afsluiten voor rationele kritiek, de vijanden van de ‘open society’.

Zaken[bewerken]

In 1956 vestigde Soros zich in de Verenigde Staten, waar hij werk vond als beleggingsanalist en arbitrage-handelaar. Vanaf 1967 leidde hij offshore funds voor Arnhold & S. Bleichroeder, na 1973 beheerde hij eigen fondsen. Bekend is zijn Quantum Fund, formeel gevestigd op Curaçao. De financier kwam in het nieuws toen hij in 1992 op ongekende schaal speculeerde tegen het overgewaardeerde Britse pond. Op Zwarte Woensdag (16 september 1992) werd de Engelse regering gedwongen de munt te devalueren, Soros maakte meer dan 1 miljard dollar winst op de affaire.

Speculanten als Soros worden vaak beschouwd als onzichtbare financiële grootheden met een gevaarlijk grote macht. Ten tijde van de Aziëcrisis van 1997 werd hij persoonlijk door de Maleisische premier Mohammed Mahathir voor de problemen in de regio verantwoordelijk gesteld. In hoeverre dat terecht was is onduidelijk, maar Soros heeft zelf ook gewezen op het gevaar dat ontwikkelingslanden gedestabiliseerd worden door grootschalige speculatie.

Soros maakt van zijn manier van zakendoen geen geheim, maar is van mening dat zijn handelen als financier niet altijd in overeenstemming hoeft te zijn met zijn politieke opvattingen. Hij lijkt ook wel eens de grens van het wettelijk toelaatbare te zoeken. In 2005 werd hij in Frankrijk veroordeeld tot een boete van 2,8 miljoen dollar wegens handel met voorkennis in aandelen van de bank Société Générale.

Kredietcrisis[bewerken]

In november 2008 moesten Soros en enkele andere hedgefund-managers verschijnen voor het Amerikaanse Congres om vragen te beantwoorden over hun rol in de kredietcrisis. Soros gaf toe dat hedgefunds mede verantwoordelijk waren voor de bubble in de financiële markten. Maar instanties als de Federal Reserve en regulators lieten het gebeuren, aldus Soros. Hij pleitte voor meer regulering. Het ongebreidelde vrijemarkt-kapitalisme ligt aan de wortels van de crisis, meent Soros. In 2007 verdiende hij 2,9 miljard dollar.[1]

Filantropie[bewerken]

Soros gebruikt zijn vele miljarden dollars voor het ondersteunen van goede doelen die vaak een politieke keuze inhouden. Dat begon in 1979 met beurzen voor zwarte demonstranten die wilden studeren aan de Universiteit van Kaapstad. In de nadagen van het Sovjetcommunisme steunde hij organisaties als Solidarność en Charta 77, de latere bemoeienissen met de Oranje Revolutie in Oekraïne en de Rozenrevolutie in Georgië liggen in het verlengde daarvan.

Na de val van het communisme bleef hij via zijn Open Society Institute (opgericht in 1993) de ontwikkeling van de democratie in Oost-Europa, Zuid-Afrika en elders stimuleren. Tot zijn initiatieven behoren een programma om bibliothecarissen op te leiden en de oprichting van de Central European University in Boedapest. Hij ondersteunt verder Transparency International, dat zich inzet voor de bestrijding van corruptie, en Millennium Promise dat probeert de armoede in Afrika te verminderen.

Hoewel Soros zich eerder niet wilde mengen in de Amerikaanse politiek heeft hij in 2004 de presidentskandidatuur van John Kerry gesteund en sindsdien verschillende andere projecten die ingaan tegen het Republikeins beleid. Zo subsidieert hij initiatieven om de wapenwetgeving te verscherpen en het drugsprobleem op een alternatieve manier aan te pakken. Hij pleit ook voor maatregelen om de invloed van geldschieters (zoals hijzelf) op de politiek te verminderen.

Soros is een tegenstander van wat hij marktfundamentalisme noemt, en waarschuwt tegen aspecten van globalisering. Hij gelooft in een gemengde economie, wat in Amerika, anders dan in Europa, geldt als een links standpunt. In Amerika is hij vaak het object van kritiek. Het Republikeinse kopstuk Dennis Hastert ging zelfs zover te suggereren dat Soros’ geld wel eens afkomstig zou kunnen zijn van drugshandel.

Soros is tweemaal getrouwd en gescheiden, hij heeft vijf kinderen.

Publicaties[bewerken]

  • De crisis van het mondiale kapitalisme, 1998
  • Globalisering, 2002
  • De zeepbel van de Amerikaanse macht, 2004
  • De illusie van onfeilbaarheid, 2006
  • De internationale kredietcrisis, 2008
  • Succes in tijden van crisis, 2010

Literatuur[bewerken]

  • M.T. Kaufman, Soros: The Life and Times of a Messianic Billionaire, 2002

Referenties[bewerken]

  1. Soros faces Congress over hedge funds' role in meltdown, Telegraph, 17 november 2008

Externe link[bewerken]