Georges Simenon

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Georges Simenon
Georges Simenon in 1963
Georges Simenon in 1963
Algemene informatie
Bijnaam G. Sim
Volledige naam Georges Joseph Christian Simenon
Geboren Luik, 13 februari 1903
Overleden Lausanne, 4 september 1989
Land België
Werk
Genre Romans
Bekende werken Reeks over commissaris Maigret
Portaal  Portaalicoon   Literatuur
Simenons geboortehuis in de rue Léopold in Luik.
De familie woonde op de tweede verdieping, in een flat zonder stromend water.
Jan Teulings (links) en Georges Simenon (1966)

Georges Joseph Christian Simenon (Luik, 13 februari 1903 - Lausanne, 4 september 1989) was een (Franstalige) Belgische schrijver. Hij schreef aanvankelijk ook onder de pseudoniemen Georges Sim, Christian Brulls, Gom Gut, Georges d'Isly, Jean du Perry, Jean Dorsage, Jacques Dorsonne, Luc Dorsan, Georges Martin, Georges en Gaston Vialis. Simenon werd bij het grote publiek vooral bekend als de schrijver van 75 detectiveromans en 28 korte verhalen over Maigret. Daarnaast schreef hij nog eens 136 psychologische romans en honderden andere verhalen.

De auteur[bewerken]

Volgens de overlevering[1] creëerde Simenon het personage Maigret in Delfzijl tijdens een van zijn bootreizen in 1929. In september 1929 arriveert Simenon, in het gezelschap van zijn vrouw Tigy, met zijn schip Ostrogoth in Delfzijl. Vanwege een lek in het schip brengt Simenon de boot voor reparatie naar een scheepswerf aan het Damsterdiep. Een vervallen schip in het Damsterdiep wordt daarna zijn werkkamer. Hier ontstaat zijn eerste boek in de Maigretreeks: Maigret en de onbekende wreker. Later verschijnt het in Delfzijl afspelende verhaal Maigret in Holland. Het verhaal gaat over de moord op Koenraad Poppinga, leraar aan de Zeevaartschool. Deze versie over de geboorte van het romanpersonage Maigret wordt echter weersproken door een interview dat Simenon gaf op 1 juli 1932 in La République.[2] Daarin vertelt hij dat het idee voor het scheppen van een Franse commissaris ontstond tijdens een bootreis naar Noorwegen.[3]

Uitgever Fayard liet zijn eerste Maigret Pietr-le-Letton eerst in 13 delen verschijnen (in de periode van 19 juli tot 11 oktober 1930) in zijn weekblad Ric Rac, voordat hij publicatie in boekvorm overwoog. Het boek verscheen ten slotte in het voorjaar van 1931. Simenons laatste 'Maigret' ("Maigret et monsieur Charles") werd in 1972 gepubliceerd. In totaal verschenen 103 titels, romans en korte verhalen.

André Gide, André Thérive en Robert Brasillach behoorden tot de eerste schrijvers die hem erkenden als groot auteur. André Gide was gefascineerd door de creativiteit van Georges Simenon en begon na hun ontmoeting met hem te corresponderen. Hij volgde Simenons ontwikkeling als schrijver nauwgezet vanaf het ogenblik dat deze succes oogstte met zijn politieromans. Hij bestudeerde zijn schrijfstijl en technieken en plaatste notities in de marges, tot hij ten slotte in 1941 verklaarde: "Simenon est un romancier de génie et le plus vraiment romancier que nous ayons dans notre littérature d'aujourd'hui." ("Simenon is een geniaal romanschrijver en de meest waarachtige romancier uit de hedendaagse literatuur.")

Sinds 2003, het jaar waarin Simenon 100 jaar zou zijn geworden, worden zijn boeken uitgegeven in de beroemde Pléiade-reeks. Naast de detectives over Maigret schreef Simenon een groot aantal andere romans. In totaal wordt zijn oeuvre op zo'n 500 boeken geschat. Simenon is tevens een van de meest gelezen auteurs van de twintigste eeuw en ook een van de meest verfilmde.

In 1951 werd Simenon verkozen tot lid van de Académie royale de langue et de littérature françaises de Belgique.

Bibliografie[bewerken]

Naast 103 romans en korte verhalen over Maigret (zie voor een overzicht de betreffende pagina) heeft Simenon ook de volgende romans (onvolledige opgave) geschreven:

  • Le Passager du Polarlys (1930)
  • Le Relais d’Alsace (juli 1931)
  • La Maison du canal (1933)
  • Les Fiançailles de M. Hire (1933)
  • Le Coup de lune (1933)
  • L’Assassin (1935)
  • Quartier nègre (1935)
  • Ceux de la Soif (1935)
  • 45° à l’ombre (1936)
  • Les demoiselles de Concarneau (1936)
  • Le Testament Donadieu (1937)
  • L’Homme qui regardait passer les trains (1938)
  • La Marie du port (1938)
  • Le Bourgmestre de Furnes (1938)
  • Les Sœurs Lacroix (1938)
  • La veuve Couderc (1940)
  • La Vérité sur Bébé Donge (1940)
  • Malempin (1940)
  • Les Rapports du gendarme (1941)
  • Le Voyageur de la Toussaint (1941)
  • Pedigree (1943)
  • L’Aîné des Ferchaux (1943)
  • La Révolte du Canari (1944)
  • Le Deuil de Fonsine (januari 1945)
  • Madame Quatre et ses enfants (januari 1945)
  • Le Cercle des Mahé (1945)
  • La maison des sept jeunes filles (1945)
  • Trois chambres à Manhattan (1946)
  • Un certain monsieur Berquin (augustus 1946)
  • L’Escale de Buenaventura (augustus 1946)
  • Le petit restaurant des Ternes (januari 1947)
  • Le petit tailleur et le chapelier (maart 1947)
  • La neige était sale (1948)
  • Les fantômes du chapelier (1949)
  • Le Temps d’Anaïs (1950)
  • Les Volets verts (1950)
  • Un nouveau dans la ville (1950)
  • Sept petits croix dans un carnet (september 1950)
  • La Mort de Belle (1951)
  • Antoine et Julie (1952)
  • Le grand lot (1953)
  • Le grand Bob (1954)
  • Le châle de Marie Dudon (1954)
  • Le Petit Homme d'Arkhangelsk (1956)
  • Les Gens d'en face (1957)
  • Le passage de la ligne (1958)
  • Dimanche (1958)
  • La vieille (1959)
  • Le roman de l'homme (1959)
  • Betty (1960)
  • Le Train (1961)
  • Les Anneaux de Bicêtre (1962)
  • Le Petit Saint (1964)
  • La Chambre bleue (1964)
  • Le Train de Venise (1965)
  • La mort d’Auguste (1966)
  • Lettre à mon juge (1967)
  • Le Riche Homme (1970)
  • Quand j’étais vieux (1970)
  • Lettre à ma mère (1974)
  • L’Homme de Londres (1976)

De psychologische romans van Simenon verschenen in de Zwarte Beertjes reeks[bewerken]

  • 103: De horlogemaker van Everton (L’horloge d’Everton)
  • 115: De man van Oebangi/Het einde van een gentleman (L’aine des ferchaux)
  • 147: De zoon (Le fils)
  • 148: De neger (Le negre)
  • 168: In geval van nood (En cas de malheur)
  • 188: Striptease (Strip-tease)
  • 206: De president (Le president)
  • 250: Zondag (Dimanche)
  • 251: En de miljoenenerfenis (Temoins Recalcitrants)
  • 278: De merel in de tuin (Le petit homme d’Archangelsk)
  • 281: De begrafenis van meneer Bouvet (L’enterrement de monsieur Bouvet)
  • 297: De oude dame (La vieille)
  • 344: De weduwnaar (Le veuf)
  • 399: De roman van de mens (Le roman de l'homme)
  • 404: Het zwarte balletje (La boule noir)
  • 410: De teddybeer (L’ours en peluce)
  • 455: Tante Jeanne (Tante Jeanne)
  • 456: Brief aan mijn rechter (Lettre a mon juge)
  • 499: Betty (Betty)
  • 517: De trein (Le train)
  • 545: De gebroeders Rico (Les freres Rico)
  • 546: Het bloedspoor in de sneeuw (La neige etait sale)
  • 569: Drie kamers op Manhattan (Trois chambres a Manhattan)
  • 570: De deur (La porte)
  • 619: Over de scheidslijn (Le passage de la ligne)
  • 620: Schele Marie (Marie qui louche)
  • 650: De spoken van de hoedemaker (Les fantomes du chapelier)
  • 681: De anderen (Les autres)
  • 682: Antoine en Julie (Antoine et Julie)
  • 699: De klokken van Bicetre (Les anneaux de Bicetre)
  • 715: Vier fatale dagen (Les quatre jours du pauvre homme)
  • 738: De groene luiken (Les volets verts)
  • 791: De blauwe kamer (La chambre bleue)
  • 792: Stoplicht (Feux rouges)
  • 812: De man met het hondje (L’homme au petit chien)
  • 853: De ijzeren trap (L’escalier de fer)
  • 854: Leven met Anais (Le temps d’Anais)
  • 883: Als een nieuw begin (Un vie comme neuve)
  • 884: De zaak Louis Bert (Cours d’assises)
  • 956: Voortvluchtig (L’evade)
  • 957: 45 graden in de schaduw (45 a l’hombre)
  • 982: De bananen toerist (Touriste de bananes)
  • 999: Negerwijk (Quartier negre)
  • 1000: Het kasteel van Roodezand / Maigret en de zaak Nahour
  • 1001: De trein uit Venetië (Le train de Venise)
  • 1057: De dood van Auguste (La morte d’Auguste)
  • 1078: De moordenaar (L’assassin)
  • 1103: De schipbreukelingen (Les rescapes de Telemaque)
  • 1104: De man die de treinen voorbij zag gaan (L’homme qui regardait passer les trains)
  • 1124: De verdwijning van meneer Monde (La fuite de M. Monde)
  • 1143: De verhuizing (Le demenagement)
  • 1202: Doodlopende weg (Chemin sans issue)
  • 1203: De meisjes van Concarneau (Les demoiselles de Concarneau)
  • 1226: De schokgolf (Le coup de vague)
  • 1227: De hand (La main)
  • 1251: De medeplichtigen (Les complices)
  • 1252: De weduwe Couderc (La veuve Couderc)
  • 1299: De rode ezel (L’ane rouge)
  • 1300: Grote Bob (Le grand Bob)
  • 1325: Ongestrafte misdaad (Crime impuni)
  • 1362: November (Novembre)
  • 1363: De man uit Londen (L’homme de Londres)
  • 1390: De dood van Belle (La mort de Belle)
  • 1403: De rijkaard (Le riche homme)
  • 1442: De verdwijning van Odile (La disparition d’Odile)
  • 1443: Een nieuweling in de stad (Un nouveau dans la ville)
  • 1466: Uitgeput (Au bout de roulea)
  • 1477: De glazen kooi (Le cage de verre)
  • 1478: Donkere regen (Il pleut bergere)
  • 1498: De waarheid over Bebe Donge (La verite sur Bebe Donge)
  • 1499: De poes (Le chat)
  • 1509: De schuldelozen (Les innocents)
  • 1543: Het huis aan de overkant (La fenetre des Rouet)
  • 1544: De vogelvrije (L’outlaw)
  • 2105: De burgemeester van Veurne (Le bourgmestre de Furnes)

Trivia[bewerken]

  • Simenon is geboren op vrijdag de 13e, maar zijn bijgelovige moeder heeft de 12e februari laten aangeven (beschreven in zijn autobiografische roman Pedrigee).
Het standbeeld van Maigret in Delfzijl
  • Op 2 maart 1922 werd de 24-jarige Joseph Jean Klein gevonden, met een strop opgehangen aan de deurklink van de Saint Pholienkerk. Deze Klein maakte met Simenon deel uit van een kunstenaarsgroep "La Caque". Deze groep van bohémiens experimenteerde met verdovende middelen en grensoverschrijdend gedrag. Klein was daarbij vaak het slachtoffer van psychologische drukmiddelen. Simenon was degene die Klein de voorgaande avond voor het laatst had gezien, toen hij hem naar zijn schamele behuizing had gesjouwd. Klein was door drank en verdovende middelen onmachtig geweest. De jonge Simenon schreef reeds diezelfde ochtend een artikel in de "Gazette" over de zelfmoord. Later verwerkte hij deze gebeurtenissen in de Maigret-roman Le pendu de Saint-Pholien (Nederlandse titel: Maigret en het lijk aan de kerkdeur).
  • Op 3 september 1966 onthulde Simenon in Delfzijl een standbeeld van 'commissaris Maigret', gemaakt door de Hilversumse beeldhouwer Pieter d'Hont. Bij de onthulling van het beeld waren Maigretvertolkers uit vier landen aanwezig, waaronder de Nederlander Jan Teulings.
  • Simenon heeft langs moederskant nog banden met Limburg. Zo heeft hij een aantal dagen in een huis in Elen gelogeerd, wat hem geïnspireerd heeft tot de roman La Maison du canal (Het huis aan het kanaal). In dit boek situeert hij het huis foutief in Neeroeteren (het ligt wel vlakbij de gemeentegrens).
  • Dat zijn voorouders langs vaderszijde tevens lang in de streek van het Belgisch Limburgse Riemst (voornamelijk hier in de dorpen Riemst, Herderen, Vlijtingen en Lafelt) hebben gewoond, was voor hem een verrassing. In Riemst leefden de Simenons geconcentreerd in Vlijtingen, waar ze tweehonderd jaar lang Nederlands spraken, Vlaamse namen droegen en trouwden met plaatselijke meisjes. In een van zijn honderden romans vermeldt Georges Simenon wel dat zijn familie voor haar vestiging in Luik afkomstig was van Vlijtingen maar volgens hem was zijn verste voorvader hier een Franse soldaat uit Bretagne of Normandië, die tijdens krijgsverrichtingen in de Napoleonse periode zijn hart zou hebben verloren aan een Vlijtingse schone. Dit blijkt evenwel niet kloppen. Omstreeks 1875 emigreerden zijn grootvader Christiaan (in Luik verfranste Christiaan zijn naam in Chrétien; geboren in 1841 te Vlijtingen), samen met zijn broer Lambertus naar het Luikse. Onder impuls van zijn vrouw Marie Catherine Moors (tevens geboren in Vlijtingen) werkt Chrétien zich in enkele jaren tijd op van ongeletterde dagloner tot gebrevetteerd hoedenmaker, een handelaar met enig aanzien in Outre-Meuse.
  • De Luiks-Limburgse afstammingshaard van de Simenons bevindt zich in een regio die zich uitstrekt van de stad Luik en zo verder in noordelijke richting, over Herstal en Rocourt, de Jekervallei tussen Glons en Eben-Emael, tot in de Limburgse streek met de driehoek van de dorpen Riemst-Herderen-Vlijtingen.
  • In 2005 werd Simenon genomineerd voor de titel van De Grootste Belg. In de Vlaamse versie eindigde hij op nr. 77, in de Waalse op nr. 10.
  • Op 18 april 2007 bracht de veiling van de collectie Menguy € 121 000 op. Menguy was een kenner van Simenons werk. De geveilde collectie omvatte fotomateriaal, autogrammen, 75 romans en persoonlijke zaken van de auteur.[4]
  • Het boek Les Dossiers de l'Agence "O" (1943) van Simenon werd bij Bruna uitgebracht als Georges Simenon Omnibus in 1968 met op de band de titel Het Agentschap O, Veertien Maigretverhalen. Maigret komt echter in deze verhalen in het geheel niet voor: de directeur van agentschap O is de ex-inspecteur van de Parijse recherche Joseph Torrence.
  • Ooit beweerde Simenon tegenover de filmer Fellini dat hij een vrouwenliefhebber was en met meer dan tienduizend vrouwen het bed had gedeeld.

Externe link[bewerken]

Literatuur[bewerken]

  • Pierre Aussoline: Simenon, een biografie. Uitgeverij De Prom, Baarn, 1992. ISBN 90 6801 339 4
Bronnen, noten en/of referenties
  1. Alain Bertrand: Georges Simenon: de Maigret aux romans de la destinée. Simenon et le commissaire Maigret, p. 9 (online)
  2. (fr) Les vrais débuts du commissaire Maigret, Stephen Trussel, 1989 (Engelse vertaling)
  3. J'étais tourmenté par le désir de créer un policier français, bien français. J'était allé chercher la tranquillité en Norvège, à bord de mon bateau, de même que les belles madames vont accoucher dans leur château du Loir-et-Cher... Et là, tout en cassant la glace, je mettais Maigret au monde, avec joie, avec amour...
  4. [Veiling collectie Menguy], De Morgen.