Hr. Ms. Gelderland (1900)

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Vlag
Hr. Ms. Gelderland
Vlag
Hr. Ms. Gelderland als doelschip tijdens een schietoefening
Hr. Ms. Gelderland als doelschip tijdens een schietoefening
Algemene gegevens
Kiellegging 1897[1]
Tewaterlating 1898[1]
In dienst gesteld 15 juli 1900[1]
Uit dienst gesteld 17 mei 1940[1]
Waterverplaatsing 4.033 ton [1]
Afmetingen 94,7 x 14,8 x 5,4 m[1]
Techniek en uitrusting
Machinevermogen 10.067 pk[1]
Snelheid 20 knopen[1]
Bemanning 325 koppen[1]
Bewapening 2 x 15 cm kanon[1]
6 x 12 cm kanon[1]
4 x 7,5 cm kanon[1]
8 x 3,7 cm kanon[1]
2 x 7,5 cm luchtafweergeschut[1]
2 x torpedobuis[1]
2 x torpedokanon[1]
Portaal  Portaalicoon   Marine

Hr. Ms. Gelderland was een Nederlands pantserdekschip van de Hollandklasse, gebouwd door de scheepswerf Fijenoord in Rotterdam. Het schip is vernoemd naar de Nederlandse provincie Gelderland. De Gelderland is voornamelijk bekend omdat het Paul Kruger, de president van de Zuid-Afrikaanse Republiek, naar Europa bracht.[1]

Dienst historie[bewerken]

Op 15 juli 1900 werd het schip onder commando van kapitein-ter-zee J.H.L.J. baron Sweerts de Landas Wyborgh in dienst genomen bij de Nederlandse marine.

Eind 1900 bracht de Gelderland president Kruger van Zuid-Afrika van Lourenço Marques naar Marseille. Daarna ging het schip via Algiers en Port Said naar Oost-Indië. Op 10 december 1901 als het schip op weg is naar Nederlands-Indië wordt het schip bij Port Said aan bakboord aangevaren door een Engels stoomschip, beladen met kolen. De schade was beperkt, er was schade aan de brug en het gat aan bakboordzijde werd voldoende gestopt om naar Suez te kunnen varen, waar de Gelderland gedokt werd. Er waren geen slachtoffers. Op 6 januari 1901 hervat men de reis en op 9 januari komt men aan in Soerabaja.[2]

Op 6 juni 1904 loopt het schip samen met haar zusterschip de Utrecht aan de grond bij Aroes Lampoejang, Zuid-Sumatra doordat dit niet op de kaart stond. Voor reparatie wijkt men vervolgens uit naar respectievelijk Soerabaja en Singapore.[3]

Op 17 juni 1905 na een tijd te hebben gediend in Nederlands-Indië keerde de Gelderland samen met de Utrecht en de Noord-Brabant terug naar Nederland. De reis, van Tandjong Priok naar Den Helder, ging via Mahé, Perim, Port Said, Algiers en Tanger. De schepen arriveerden op 30 augustus 1905 in Den Helder.[4]

Tijdens de tweede Castrocrisis in 1908 patrouilleert het schip samen met de Jacob van Heemskerck en de Friesland voor de Venezolaanse kust.[5]

Op 17 juni 1911 vertrekt het schip uit Rotterdam met prins Hendrik aan boord. De prins is aan boord om de inhuldiging van George V van het Verenigd Koninkrijk bij te wonnen. Het laatste deel van de reis wordt de Gelderland begeleid door vier Britse torpedoboten.[6]

16 oktober 1912 vertrekt het schip met adelborsten naar de Middellandse Zee. Op 11 november krijgt ze opdracht om naar Constantinopel te varen vanwege opgelopen politieke spanningen en de direct naderende oorlogsdreiging in verband met de oorlog op de Balkan. Op 18 november ontscheept het schip een landingsdetachement van 100 man voor de bescherming van de wijk voor gezantschappen aldaar in samenwerking met andere aanwezige mogendheden. Op 30 mei 1913 lost de Kortenaer het schip af in Constantinopel. Men keert op 19 juni 1913 terug in Den Helder.[7]

Op 14 maart 1917 vindt er aan boord van de Gelderland explosie plaats tijdens een patrouille langs de Nederlandse kust. Hierbij komt één man om het leven en negen anderen raken zwaargewond. Bij terugkomst in Den Helder wordt ze uit dienst genomen en vindt er onderhoud plaats.[8] In 1920 wordt het schip omgebouwd tot trainingschip.[9]

De Gelderland tijdens de Tweede Wereldoorlog[bewerken]

Bij het uitbreken van de Tweede Wereldoorlog was het schip nog in dienst bij de Nederlandse marine als kustverdedigingsschip. Het schip, liggend op de Rijkswerf te Den Helder, viel ontwapend in de handen van de Duitse strijdkrachten. De Duitse strijdkrachten lieten het schip bij N.V. C. v.d. Giessen en Zonen verbouwen tot luchtdoelbatterij. Nadat de verbouwing was afgerond, werd het schip hernoemd tot Niobe en werd het ingezet in de Oostzee. Daar werd het schip op 16 juli 1944 door Russische vliegtuigen in de Finse Golf tot zinken gebracht.[1] Na de Tweede Wereldoorlog werd het schip door de Finnen gelicht en verschroot.[1]

Zie ook[bewerken]

Bronnen, noten en/of referenties
  1. a b c d e f g h i j k l m n o p q r s Chris Mark; Schepen van de Koninklijke Marine in W.O. II Alkmaar: De Alk bv, 1997.
  2. Maritieme kalender 1900. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  3. scheepvaartmuseum.nl :: Maritieme kalender 1904. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  4. Maritieme kalender 1905. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  5. Maritieme kalender 1908. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  6. scheepvaartmuseum.nl :: Maritieme kalender 1911. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  7. scheepvaartmuseum.nl :: Maritieme kalender 1912. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  8. scheepvaartmuseum.nl :: Maritieme kalender 1917. Geraadpleegd op 2012-09-09.
  9. steelnavy.com. Geraadpleegd op 2012-09-09.