Lijst van prins-bisschoppen van Luik
Dit is een lijst met, voor zover bekend, de vroege bisschoppen van Tongeren, Maastricht en Luik tot 972, de rijks- en prins-bisschoppen van het prinsbisdom Luik van 972 tot 1792 en de bisschoppen van het bisdom Luik sinds 1803. Het prinsbisdom Luik heeft bestaan vanaf de aanstelling van Notger in 972 tot aan de Franse overheersing 1792. Na deze datum verloor het zijn wereldlijke rechten en werd het een gewoon bisdom. Het bisdom Luik valt sinds 1967 samen met de provincie Luik.
Alternatieve spellingen van de naam staan tussen haakjes vermeld:
Inhoud |
Zetel te Tongeren (tot 380) [bewerken]
Vermeldingen van bisschoppen voor de vierde eeuw dienen als legendarisch te worden beschouwd.
- Maternus ongeveer 4e eeuw
- Navitus
- Marcellus
- Metropolus
- Severinus
- Florentius
- Martinus
- Maximinus
- Valentinus
- Servatius (die de zetel overbracht van Tongeren naar Maastricht)
Zetel te Maastricht (380-706) [bewerken]
De zetel te Maastricht is slechts geloofwaardig vanaf bisschop Domitianus. De jaartallen vóór de zesde eeuw zijn in alle gevallen apocrief en worden niet ondersteund door eigentijdse bronnen.
Zetel te Luik (vanaf 706) [bewerken]
| Naam | Periode | Opmerkingen | |
| Hubertus | cit. 13 mei 706-727 | Ook Chuchobertus gespeld. Heilige. Feestdag 3 november | |
| Floribertus I | cit. 1 december 735 | Heilige. Feestdag 27 april | |
| Fulcharius | cit. 737-769 | Ook Fulcricus genoemd | |
| Agilfridus | cit. 769-787 | ||
| Gerbaldus | cit. 787-810 | ||
| Waltcaudus | 810-832 | ||
| Pirard | 836-840 | ||
| Hirchar | 841-855 | ||
| Franco | 856-903 | ||
| Stephanus | 903-920 | ||
| Richard | 920-945 | ||
| Hugo I | 945-947 | ||
| Florebert II | 947-953 | ||
| Rather | 954-956 | ||
| Balderik I | 956-959 | ||
| Heraclius | 959-972 |
Rijksbisschoppen van Luik [bewerken]
Prins-bisschoppen van Luik [bewerken]
Bisschoppen van Luik [bewerken]
Bisschop van Luik, na het concordaat van 15 juli 1801 niet meer regerend over een wereldlijk gebied
| Naam | Periode | Opmerkingen | |
| 83 | Jean-Évangéliste Zäpfel | 1802-1808 | |
| Sedesvacatie | |||
| 84 | Corneille Richard Antoine van Bommel | 1829-1852 | |
| 85 | Théodore Alexis Joseph de Montpellier | 1852-1879 | |
| 86 | Victor-Joseph Doutreloux | 1879-1901 | |
| 87 | Martin-Hubert Rutten | 1902-1927 | |
| 88 | Louis-Joseph Kerkhofs | 1927-1961 | |
| 89 | Guillaume-Marie van Zuylen | 1961-1986 | |
| 90 | Albert Houssiau | 1986-2001 | |
| 91 | Aloys Jousten | 2001-heden |
Suffragaanbisschoppen van Luik [bewerken]
Omdat prins-bisschoppen niet altijd de geestelijke wijdingen hadden ontvangen, werd naast de titelvoerende bisschop ook een suffragaanbisschop aangeduid. De suffragaan stond in voor de ceremoniële handelingen zoals wijdingen van kerken en priesters, voorgaan in de kerkdiensten, etc. Veelal werd aan deze bisschoppen een episcopaat toegewezen buiten het bisdom waar zij als suffragaan optraden:
- Jacques de Vitry (1216-1219)
- Arnulfus (ca. 1250)
- Herman van Keulen, bisschop van Henna (1315-1332), benedictijnermonnik van Sint-Martinus te Keulen
- Peter van den Eynde (ca.1524)
- Gedeon van der Gracht (ca.1544)
- Joannes Antonius Blavier (ca. 1685), bisschop van Dionysië
- Lietbertus (1472-1474), franciscaan, bisschop van Beiroet
- Hubert Leonard (1474-1496), theoloog, inquisiteur, karmeliet, bisschop van Darie (in Mesopotanië)
- Gerard van Groesbeek (1562-1565), aansluitend prins-bisschop van Luik
- Andreas Stregnart (ca. 1614)
- Steven Strechius (ca. 1619)
- Lodewijk Franciscus Rossius de Liboy (ca. 1704), bisschop van Thermopolis
- Jan-Baptist Gillis (1729-1736)
- Pierre-Louis Jacquet (1737-1763), bisschop van Hippone
- Charles-Antoine de Grady (1762-1767), kanunnik
- Charles-Alexander van Arberg (1767-1786)
- Franciscus Antonius de Méan de Beaurieux (1786-1792), hulpbisschop van Luik en titulair bisschop van Hippone, aansluitend prins-bisschop van Luik