Staatsmijnen in Limburg

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Staatmijnen in Limburg

Bij Nederlandse wet van 24 juni 1901 werd beschikt dat van staatswege in Zuid-Limburg kolenmijnen zouden worden ontgonnen. De bij deze wet voor Staatsexploitatie aangewezen terreinen beslaan vrijwel geheel Zuid-Limburg waar steenkolen in de bodem voorkomen, voor zover niet reeds eerder aan particulieren concessie was verleend. De wetgeving is een reactie van de overheid op initiatieven van privékapitaalverschaffers, die in het laatste kwart van de negentiende eeuw al begonnen waren met de particuliere mijnbouw in Nederland.

De volgende Staatsmijnen zijn in Limburg in bedrijf geweest:


De Staatsmijn Beatrix (1954) bij Vlodrop is nooit in productie genomen.

Voor de afvoer van de kolen maakte de Staatsmijnen gebruik van een eigen dubbelsporige spoorlijn van de Staatsmijn Hendrik, via NS-station Nuth en Staatsmijn Maurits, naar de haven van Stein aan de Maas. Hierop reed men met eigen locomotieven en speciale goederenwagens. Voor personenvervoer had men een eigen Pullmanrijtuig beschikbaar.

De Staatsmijn Hendrik werd in 1963 geïntegreerd met de Staatsmijn Emma, waarna de combinatie Staatsmijn Emma-Hendrik genoemd werd. De Nederlandse Staatsmijnen zijn later overgegaan in Koninklijke DSM NV.

Er zijn ook 2 bladen uitgegeven over de Nederlandse mijnbouw.

  • Steenkool (1946-1955)
  • Nieuws van de Staatsmijnen (1952-1975)

Trivia [bewerken]

Zie ook [bewerken]

Externe link [bewerken]