Alice's Adventures in Wonderland

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Zie artikel Disney gebruikte dit verhaal voor twee films, zie hiervoor: Alice in Wonderland (1951) en Alice in Wonderland (2010).
Alice in Wonderland
Alice par John Tenniel 25.png
Oorspronkelijke titel Alice's Adventures in Wonderland
Auteur(s) Lewis Carroll
Taal Engels
Uitgegeven 1865
Verfilming Alice in Wonderland (1903)
Alice in Wonderland (1951)
Alice in Wonderland (2010)
Vervolg 'Through the Looking-Glass (1871)
Portaal  Portaalicoon   Literatuur

Alice's Adventures in Wonderland (vaak afgekort tot Alice in Wonderland, wat ook de titel is in Nederlandse vertalingen) is een (kinder)boek uit 1865 van Lewis Carroll, pseudoniem van de Engelse wiskundige Charles Lutwidge Dodgson. Het verhaal wordt gezien als modern sprookje.

Inhoud[bewerken]

Samenvatting[bewerken]

Leeswaarschuwing: Onderstaande tekst bevat details over de inhoud en/of de afloop van het verhaal.

Alice zit aan de oever van een meertje samen met haar zus, die een erg saai boek aan het lezen is. Wanneer er een pratend wit konijn langs rent, volgt Alice het tot in een konijnenhol. Na een lange val blijkt ze zich in de vreemde wereld Wonderland te bevinden. Op haar tocht door Wonderland komt ze vele merkwaardige figuren tegen, zoals de Cheshire Cat, de Maartse Haas en de wrede Hartenkoningin, personages met wie ze verwarrende gesprekken heeft. Uiteindelijk wordt ze wakker en blijkt alles een droom geweest te zijn.

Gedicht[bewerken]

Het boek begint met een 42-regelig gedicht dat het ontstaan ervan beschrijft. De drie zusjes Liddell (zie later) – hier Prima, Secunda en Tertia genoemd – vragen hun metgezel tijdens een roeitocht op een zonnige dag een verhaal te vertellen.

Hoofdstuk 1 – Down the rabbit-hole[bewerken]

Down the rabbit-hole

Het verhaal begint als Alice met haar oudere zus op een warme zomerdag bij een meertje zit. Haar verveling verdwijnt als er plotseling een wit konijn langs haar rent. Het konijn zegt tegen zichzelf dat het veel te laat zal komen en kijkt op zijn horloge. Het konijn verdwijnt in een hol en Alice gaat erachteraan. Na een lange val komt ze uiteindelijk zonder zich te bezeren op de grond terecht. Achter een klein deurtje, dat ze opent met een sleutel, ziet ze een prachtige tuin liggen. Door uit een flesje met daarop de woorden "drink mij" te drinken, wordt ze klein genoeg om er door te kunnen, maar merkt dan dat de sleutel nog hoog boven haar op tafel ligt. In de hoop op een oplossing eet Alice een cake waar "eet mij" op staat.

Hoofdstuk 2 – The pool of tears[bewerken]

Alice wordt nu veel groter dan ze oorspronkelijk was. Dat ze nu het deurtje kan openen maar te groot is om er door te kunnen doet haar in huilen uitbarsten. Maar als ze even daarna weer kleiner wordt valt ze in een zee van haar eigen tranen, waar ze een Muis ontmoet en later een Eend, een Dodo en nog verschillende dieren. Onder leiding van Alice zwemmen allen naar de kant.

Hoofdstuk 3 – A caucus-race and a long tale[bewerken]

Figured poem

Om te zorgen dat iedereen weer droog wordt, draagt de Muis een droog verhaal voor over Willem de Veroveraar. Als dat niet helpt, wordt er op voorstel van de Dodo een race gehouden, die iedereen wint. Daarna vertelt de Muis zijn levensverhaal aan Alice, dat afgedrukt is in de vorm van een slingerende muizenstaart. (Dit is een zogeheten "figured poem" en mogelijk een gevolg van een bezoek van Carroll aan de dichter Tennyson.) Maar Alice luistert niet naar de Muis, en hij loopt boos weg. Alle dieren gaan weg wanneer Alice ze per ongeluk bang maakt door over haar kat Dinah te vertellen.

Hoofdstuk 4 – The rabbit sends in a little bill[bewerken]

Als Alice het Witte Konijn weer tegenkomt, ziet hij haar aan voor zijn dienstmeid en stuurt hij haar naar zijn huis om een paar handschoenen en een waaier voor hem te halen. In zijn huis drinkt ze uit een flesje, waardoor ze zo groot wordt dat ze vast komt te zitten in het huis, wat voor veel consternatie zorgt. Door van een cake te eten wordt ze weer kleiner. Alice ontmoet de waterpijprokende rups.

Hoofdstuk 5 – Advice from a caterpillar[bewerken]

Alice heeft met de Rups een verwarrend gesprek. Door te eten van de paddenstoel waarop hij zit, verandert ze weer van grootte. Hiervan krijgt ze tijdelijk een te lange nek, waardoor een duif Alice aanziet voor een slang die haar eieren wil opeten. Maar uiteindelijk weet Alice haar eigen lengte terug te krijgen.

De Cheshire Cat

Hoofdstuk 6 – Pig and pepper[bewerken]

Alice komt bij het huis van de Hertogin, voor wie juist een uitnodiging van de Koningin voor een spelletje croquet wordt bezorgd. In de keuken vindt ze de Hertogin, een baby, de kokkin en de Cheshire Cat. De Hertogin laat Alice op de baby passen, die dan in een varkentje verandert. Alice maakt een praatje met de Cheshire Cat, een grijnzende kat die in het niets kan oplossen. (De naam verwijst naar de uitdrukking "to grin like a Cheshire cat".[bron?] Carroll zelf werd geboren in Cheshire.) Hij wijst haar de weg naar de Mad Hatter en naar de March Hare, en ze gaat op weg naar de laatste.

Hoofdstuk 7 – A mad tea-party[bewerken]

In de tuin van het huis van de March Hare (Maartse Haas) houdt deze een thee-feestje met de Mad Hatter (hoedenmaker) en de Dormouse (Slaapmuis of Zevenslaper). ("Mad as a March hare" en "Mad as a hatter" zijn beide Engelse uitdrukkingen.[bron?]) Omdat ze ruzie hebben gehad met Time (Tijd, niet Vadertje Tijd zoals wij hem kennen, maar een vrouw), is het er permanent theetijd, zes uur 's middags. De Dormouse vertelt een raar verhaal over drie zusjes die in een put vol met stroop wonen. Uiteindelijk gaat Alice maar weg, en komt weer terecht bij de toegang tot de prachtige tuin. Deze keer doet ze alles goed, en kan ze door het kleine deurtje.

De speelkaarten verven de witte rozen rood

Hoofdstuk 8 – The Queen's croquet-ground[bewerken]

In de tuin komt Alice drie tuinmannen tegen, die eruitzien als speelkaarten en die bezig zijn rozen rood te verven omdat ze per ongeluk witte rozen geplant hebben. Dan arriveert de Hartenkoningin met haar gasten, onder wie het Witte Konijn. Alice slaagt erin te voorkomen dat de tuinmannen in opdracht van de hyperautoritaire en licht ontvlambare Koningin onthoofd worden. Daarna spelen de aanwezigen croquet, met egels als ballen, flamingo's als sticks en de soldaten als poortjes. Hier duikt de Cheshire Cat weer op.

Hoofdstuk 9 – The mock turtle's story[bewerken]

Alice ontmoet de Hertogin weer. Daarna brengt de Koningin haar naar de Gryphon (Griffioen), die haar meeneemt naar de Mock Turtle, die half schildpad en half kalf is (mock turtle soup is 'schildpadsoep' die niet van schildpadden maar van kalfsvlees is gemaakt) en over zichzelf en over zijn schooltijd vertelt.

Hoofdstuk 10 – The lobster-quadrille[bewerken]

De Mock Turtle en de Gryphon doen een dans voor, waarna ze Alice vragen over haar avonturen te vertellen. Dan horen ze dat er een rechtszaak gaat beginnen en Alice en de Gryphon haasten zich naar de rechtszaal.

Hoofdstuk 11 – Who stole the tarts?[bewerken]

De Hartenboer wordt er van beschuldigd taarten, die door de Koningin waren gebakken, te hebben gestolen. De Koning fungeert als rechter en de Mad Hatter en de kokkin van de Hertogin zijn de eerste getuigen. Daarna wordt Alice opgeroepen.

Hoofdstuk 12 – Alice's evidence[bewerken]

Alice, die ondertussen langzaam groter wordt, verklaart dat zij niets van de zaak weet. Er wordt een brief met een gedicht voorgelezen dat door de verdachte geschreven zou zijn. Alice protesteert tegen de gang van zaken bij dit gerecht, waarop alle kaarten zich tegen haar keren. Alice wordt wakker naast haar zus. Alice vertelt haar zus alles over haar droom.

Ontstaan[bewerken]

Alice's Adventures in Wonderland ontstond gedeeltelijk uit het verhaal dat Lewis Carroll op 4 juli 1862 vertelde tijdens een roeitochtje met Robinson Duckworth en de drie zusjes Lorina, Alice (destijds tien) en Edith Liddell, dochters van de classicus Henry George Liddell, bekend om zijn monumentale Griekse woordenboek A Greek–English Lexicon. Hoeveel Carroll voor en na deze "golden afternoon" verzon, is niet precies duidelijk. Uit opmerkingen in hoofdstuk 6 en 7 blijkt dat het verhaal zich afspeelt op 4 mei, Alice Liddells verjaardag.

Op aandringen van Alice begon Carroll het verhaal op te schrijven, waarmee hij volgens zijn dagboek op 10 februari 1863 klaar was. Dit was echter pas een eerste ruwe versie, Alice's Adventures Underground geheten, slechts half zo lang als het uiteindelijk gepubliceerde boek. Degenen die het manuscript lazen, waren er enthousiast over, waarna Carroll het begon uit te breiden. Omdat hij ontevreden was over zijn eigen illustraties, vroeg hij de destijds al bekende John Tenniel illustraties voor het boek te maken. In november 1865 bracht uitgever Alexander Macmillan Alice in Wonderland voor het eerst uit. De kritieken waren overwegend positief en al snel volgden herdrukken. Al in 1867 was Carroll betrokken bij Franse en Duitse vertalingen.

Analyse[bewerken]

Drink me, illustratie John Tenniel

Hoewel bedoeld als kinderboek verschilt het boek in veel opzichten van andere voor kinderen bedoelde verhalen. Ten eerste komt er relatief weinig "actie" in voor: het boek draait om de dialogen en dan vooral om de taal, etiquette, identiteit en logica: het verschil tussen "zin" en "onzin", waaruit de voorliefde van de wiskundige Dodgson voor wiskundige en logische puzzels blijkt. Hoewel er wel onverklaarbare dingen gebeuren, is het bovennatuurlijke afwezig in het boek; het wordt voornamelijk bevolkt door dieren en normaal levenloze objecten als speelkaarten.

Koning, Cheshire cat en koningin (een deel van het Lewis Carroll raam in All Saints Church, Daresbury, Cheshire)
Illustratie John John Tenniel (1865)

Nonsense (onzin) is een centraal thema in het boek. Zoals de Cheshire Cat tegen Alice zegt in hoofdstuk 6: "We're all mad here. I'm mad. You're mad." Op de vraag van Alice hoe de Cheshire Cat dit weet, antwoordt deze: "You must be or you wouldn't have come here". Alice is van mening dat dit nog niets bewijst en vraagt: "And how do you know that you're mad?". Vervolgens komt de Cheshire Cat met een logisch beredeneerde verklaring. De Cheshire Cat stelt namelijk dat honden niet gek zijn. Alice beaamt dit. De Cheshire Cat vervolgt door erop te wijzen dat een hond gromt wanneer hij boos is en met zijn staart zwaait als hij blij is. Een kat gromt wanneer zij blij is en zwaait met zijn staart als zij boos is. "Therefore I'm mad", concludeert de Cheshire Cat.

Wanneer de March Hare haar meer thee aanbiedt, antwoordt ze dat ze niet meer thee kan nemen, omdat ze nog niets gehad heeft. De Mad Hatter merkt echter op dat ze niet minder maar wel meer dan niets kan nemen. In zijn verhaal over de drie zusjes in de stroopput vertelt de Dormouse dat ze tekeningen maakten van dingen die met een M beginnen. Wanneer Alice vraagt waarom deze letter, reageert de March Hare met "Waarom niet?". Een groot deel van het boek bestaat uit dit soort verwarrende gesprekken, die nog verwarrender worden door de vele woordspelingen. Over zijn schooltijd vertelt de Mock Turtle bijvoorbeeld dat hij Ambition, Distraction, Uglification en Derision leerde, verbasteringen van Addition, Subtraction, Multiplication en Division (optellen, aftrekken, vermenigvuldigen en delen).

In Carrolls eigen tijd waren veel kinderboeken moralistisch, waar hij in dit boek sterk de draak mee steekt. In hoofdstuk 6 parodieert Carroll David Bates' pedagogisch verantwoorde maar sentimentele gedicht Speak Gently, gepubliceerd in 1849, waarvan het begin luidt:

Speak gently! It is better far
To rule by love than fear;
Speak gently; let no harsh words mar
The good we might do here

Spreek vriendelijk! Het is veel beter
Te heersen door liefde dan door angst;
Spreek vriendelijk; laat geen harde woorden schaden
Wat we hier voor goeds kunnen doen

Carroll laat de Hertogin als wiegelied zingen:

Speak roughly to your little boy,
And beat him when he sneezes:
He only does it to annoy,
Because he knows it teases.

Spreek ruw met je kleine jongen,
En sla hem als hij niest:
Hij doet het alleen om te hinderen,
Omdat hij weet dat het ergert.

Net als Alice Liddell en Carroll zelf, zijn de meeste personages in Alice in Wonderland afkomstig uit de betere klassen en spreken zij grammaticaal correct Engels. Niettegenstaande de vreemde gebeurtenissen en dialogen is het in wezen toch een afspiegeling van Victoriaans Engeland.

Hoofdstuk 2 en 3 verwijzen naar een bootreisje naar Nuneham op 17 juni 1862, toen Carroll en zijn metgezellen doorweekt raakten, net als Alice en de dieren in het verhaal. De Eend (Duck) is Duckworth, terwijl de Dodo Carroll zelf is: omdat hij stotterde, sprak hij zijn echte achternaam Dodgson vaak uit als "Do-do-Dodgson".

Nederlandse vertalingen[bewerken]

De bekendste vertaling in het Nederlands is die van Alfred Kossmann uit 1947. Onder de titel Alice In Wonderland verschenen zowel het eerste boek als ook het vervolg Through the Looking-Glass. In 1994 verscheen een vertaling van Nicolaas Matsier. Sofia Engelsman vertaalde het werk in 1999. Van Ed Franck verscheen in 2011 een bewerking van een Franse vertaling van Alice met illustraties van de Franse illustrator Rebecca Dautremer. In 2014 zijn de twee boeken gebundeld en opnieuw uitgebracht, met illustraties van Floor Rieder.

De Nederlandse vertaling is uitgegeven als luisterboek van 151 minuten (2 cd's) voorgelezen door Jeroen Kramer.

Adaptaties[bewerken]

De Engelse auteur Jeff Noon schreef een surrealistische sciencefictionvariant op het verhaal: Automated Alice (1996).

Verfilmingen[bewerken]

Verwijzingen[bewerken]

  • Zowel de tekst als de tekeningen bevatten, nog afgezien van de parodieën, talloze verwijzingen naar andere literatuur en kunst. De afbeelding van de Hertogin is gebaseerd op een schilderij van (vermoedelijk) Quinten Massijs (I). Het door de Hartenkoningin om de haverklap geuite "Off with his head" verwijst naar William Shakespeares toneelstuk Henry the Sixth.
  • Verwijzingen naar Alice in Wonderland zelf zijn onder andere te vinden in de jaren 60-hit White Rabbit van Jefferson Airplane, Alice in Blunderland van Captain Beefheart. De cd Alice van Tom Waits is er geheel aan gewijd. "Off with his head, man!! Off with his head!!" komt ook voor in de song parananoid android van Radiohead.
  • In de film The Matrix, de animatiefilm Spirited Away en in de film Tideland van Terry Gilliam (naar het boek Tideland) zijn eveneens verwijzingen te vinden.
  • In de animatieserie Ouran High school host club is een hele aflevering waar het hoofdpersonage droomt dat ze in Wonderland terechtkomt en alle vreemde wezens worden vertolkt door vrienden van het hoofdpersonage. Deze aflevering verschilt wel sterk van het Alice-hoofdstuk in de manga waar deze serie op gebaseerd is.
  • In de animatie- en mangaserie Pandora Hearts wordt ook constant verwezen naar Alice in Wonderland door het gebruik van namen (Alice, The Mad Hatter, The Cheshire Cat etc.). De personages zijn grotendeels gebaseerd op personages uit het boek en delen ook karaktertrekken met hen. Veel hoofdstukken hebben dezelfde titels als hoofdstukken uit Alice In Wonderland. De Abyss is dan weer gebaseerd op de horror-versie van Wonderland. Zelfs de verhaallijn werd beïnvloed door het boek.[bron?]
  • De animatieserie Kuroshitsuji/Black Butler heeft twee speciale afleveringen gewijd aan Alice in Wonderland, maar dan met hun eigen belevenissen erdoorheen verweven.

Verder is er in 2000 een computerspel gemaakt: American McGee's Alice. Dit spel laat het verhaal van Alice in Wonderland in een door McGee bedachte duistere vertelling zien. In 2010 is er een vervolg aangekondigd: Alice: Madness Returns.

Ook zijn er verwijzingen te vinden in Sucker Punch.

Bronvermelding[bewerken]

Alice in Wonderland

Bovenstaande is grotendeels gebaseerd op de uitgave van het boek (gebundeld met vervolg Through the Looking-Glass) in de serie Penguin Classics. Deze versie is voorzien van een uitgebreide introductie en veel voetnoten.

Wellicht de belangrijkste analyse is Martin Gardners werk The Annotated Alice.

Syndroom[bewerken]

Het syndroom van Alice in Wonderland (AIWS) is naar het boek genoemd.

Externe links[bewerken]


  1. Simon Brown, Alice in Wonderland (1903). BFI Screenonline. Geraadpleegd op 21 december 2017
  2. Michael Brooke, Alice in Wonderland (1966). BFI Screenonline. Geraadpleegd op 21 december 2017