Apollo 14

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Apollo 14
Missie-insigne
Missie-insigne
Missiestatistieken
Missienaam Apollo 14
Call Sign (CSM) Kitty Hawk
Call Sign (LM) Antares
Lancering 31 januari 1971
21:03:02 UTC
Kennedy Space Center
LC 39a
Maanlanding 5 februari 1971
09:18:11 UTC
3° 38' 43.08" S
17° 28' 16.90" W
Fra Mauro
Landing 9 februari 1971
21:05:00 UTC
27° 1' S - 172° 39' W
Verblijf op maan 33 u 30 m 29 s
Duur maanwandeling 1e. 4 u 47 m 50 s
2e. 4 u 34 m 41 s
Totaal: 9 u 22 m 31 s
In een baan om de maan 34
Totale missieduur 216 u 1 m 58 s
Bemanning Apollo 14 (v.l.n.r.: Roosa, Shepard, en Mitchell)
Bemanning Apollo 14 (v.l.n.r.: Roosa, Shepard, en Mitchell)
Portaal  Portaalicoon   Ruimtevaart

Apollo 14 was de derde missie van het Project Apollo waarbij op de maan werd geland. De landingsplaats lag ten noorden van de sterk verweerde walvlakte Fra Mauro, nabij een kleine komvormige krater die de naam Cone crater kreeg, een locatie die eerst gepland stond voor de Apollo 13. De bemanning van deze Apollo-missie bestond uit Alan Shepard (gezagvoerder), Edgar Mitchell (maanlanderpiloot) en Stuart Roosa (commandomodulepiloot).

Enkele losse feiten[bewerken]

Rode strepen op het maanpak van CDR Alan Shepard[bewerken]

De commandant van Apollo 14 (Alan Shepard) droeg duidelijk zichtbare rode strepen op zijn maanpak. De bedoeling daarvan was, dat de astronauten van Apollo 11 en Apollo 12 op de televisiebeelden en op de foto's niet uit elkaar konden gehouden worden. De commandant van Apollo 13 (James Lovell) had ook rode strepen op zijn maanpak, alsook een donkerblauwe sticker van de zeemacht vanboven op zijn helm, maar door een bijna rampzalige ontploffing in de Service Module van CSM Odyssey ging de maanlanding niet door.

Probleem tijdens de koppeling van CSM Kitty Hawk en LM Antares[bewerken]

De missie werd geplaagd door een aantal technische problemen. Zo hadden de astronauten grote moeite om de maanlander te koppelen aan de commandomodule. De maanlander bevindt zich tijdens de lancering onder de commando/servicemodule in de Saturnus V-raket, en wordt aan de capsule gekoppeld nadat deze in de baan naar de maan is gebracht.

Verkeerd signaal[bewerken]

Een ander probleem deed zich voor in de voorbereiding van de daadwerkelijke maanlanding. Een losgeraakt stukje soldeertin in de paniekschakelaar (abort switch) veroorzaakte een vals signaal waardoor de computer van de maanlander op het punt stond de landing af te breken. Gelukkig werd dit door het vluchtleidingscentrum opgemerkt voordat de daadwerkelijke landing werd ingezet. Door snel een aangepast computerprogramma te laden in de computer van de maanlander kon men dit probleem omzeilen. De maanlander Antares maakte een geslaagde landing ten noorden van de walvlakte Fra Mauro.

Luide knal in de maanlander[bewerken]

Gedurende hun verblijf op de maan hoorden de astronauten een luide knal in de maanlander. De oorzaak daarvan is nooit opgehelderd.

Modularized Equipment Transporter (MET)[bewerken]

Om de oogst van hun maanwandelingen (de maanstenen) op een efficiente manier te verplaatsen tot aan de maanlander, hadden beide astronauten een soort kruiwagen op twee wielen ter beschikking (de Modularized Equipment Transporter / MET). Daarmee waren de eerste twee Amerikaanse wielen op een ander hemellichaam een feit.

Moeilijke tocht naar de Cone crater[bewerken]

Het eigenlijke doel van zowel de missie van Apollo 13 als van Apollo 14, de relatief kleine komvormige Cone crater, werd nooit bereikt. Dit kwam omdat het traject vanaf de landingsplaats van LM Antares tot aan de Cone crater bezaaid was met rotsblokken van verschillende grootte. Bovendien werden beide astronauten geplaagd door de MET (Modularized Equipment Transporter) die ze eerder als een last dan een zegen ervaarden. De rand van de Cone crater was misschien wel dichtbij, maar die kregen ze nooit te zien te wijten aan orientatieproblemen. De live televisiebeelden die toenertijd werden uitgezonden toonden twee verre witte bewegende puntjes nabij een grijze onregelmatige horizon. De televisiecamera kon tijdens de missie van Apollo 14 nog niet mee met de astronauten. Bij de volgende missies (Apollo 15, 16, en 17) zou de televisiecamera op de LRV (Lunar Roving Vehicle) gemonteerd worden.

Eerste tekeningen op het maanoppervlak[bewerken]

Om bepaalde rotsblokken aan te duiden die eventueel interessant konden zijn om mee te nemen trok Alan Shepard er relatief grote cirkelvormige groeven rond. Daarmee werd hij de eerste tekenaar op de maan. Zie Hasselblad foto AS14-67-9388 (Magazine JJ-67).

Golf op de maan[bewerken]

Shepard had een golfclub en enkele ballen "meegesmokkeld" en had de primeur om als eerste mens een balletje te slaan op de maan. Hoewel hij beweerde dat de bal kilometers ver ging, werd later de afstand op 200 tot 400 meter geschat.

Buitenzintuiglijke waarneming[bewerken]

Maanlanderpiloot Edgar Mitchell voerde tijdens de missie van Apollo 14 een experiment uit betreffende E.S.P. (Extra Sensory Perception / Buitenzintuiglijke waarneming), hetgeen vanuit exact wetenschappelijke kringen grondig werd afgekeurd. Edgar Mitchell werkte zich achteraf nog meer in een probleemhoekje door openlijk te verkondigen dat hij het bestaan van buitenaardse interventies aannam.

Orbitale waarnemingen van roestkleurige gebiedjes op de maan[bewerken]

Tijdens Apollo 14 werden er op de binnenhellingen van de geprononceerde inslagkrater Langrenus roestkleurige vlekken ontdekt, alsook omstreeks het kleine kratertje beaumont L in Mare Nectaris. Ook gedurende de missie van Apollo 17 werden zulke roestkleurige gebiedjes ontdekt, vooral in de buurt van het Haemus gebergte aan de zuidwestelijke rand van Mare Serenitatis.

Terugkeer[bewerken]

Na de landing van de capsule Kitty Hawk in de Stille Oceaan werden de bemanning en hun capsule opgepikt door de USS New Orleans. De capsule wordt tegenwoordig tentoongesteld in het Astronaut Hall of Fame te Titusville, Florida. De stijgtrap van maanlander Antares sloeg op 7 februari 1971 in op het maanoppervlak, deels om een kunstmatige maanbeving te veroorzaken die door de achtergelaten seismometers werd geregistreerd.

Resultaten[bewerken]

Tijdens deze missie werd ongeveer 43 kilo aan maansteenmonsters gewonnen en hebben de astronauten seismisch onderzoek uitgevoerd en een seismometer geplaatst om maanbevingen te registreren.

De maanbomen van Stuart Roosa[bewerken]

De Command Module Pilot (CMP) van Apollo 14, Stuart Roosa, had tijdens de maanmissie een verzameling boomzaadjes aan boord van de capsule. Deze boomzaadjes werden na de missie op verschillende plaatsen in de Verenigde Staten geplant. Tegenwoordig groeien deze bomen nog steeds, maar vergt het enig zoekwerk om alle locaties ervan te vinden.

Literatuur[bewerken]

  • National Geographic: The Climb Up Cone Crater, photos by Edgar D. Mitchell and Alan B. Shepard (Alice J. Hall, July 1971).
  • To a Rocky Moon, A Geologist's History of Lunar Exploration (Don E. Wilhelms, 1993).
  • Exploring the Moon - The Apollo Expeditions (David M. Harland).
  • A Man on the Moon (Andrew Chaikin).
  • Atlas of the Moon (Antonin Rukl) (kaart 42 met de landingsplaats van Apollo 14 ten noorden van Fra Mauro).
  • The Clementine Atlas of the Moon, revised and updated edition (Ben Bussey / Paul Spudis, 2012) (LAC kaart 76 met de landingsplaats van Apollo 14 ten noorden van Fra Mauro).

Zie ook[bewerken]

Externe links[bewerken]

Varia[bewerken]

Het lied Vluchten kan niet meer van Annie M.G. Schmidt, gezongen door Jenny Arean en Frans Halsema, bevat de volgende zin: Zelfs de maan staat vol met kruiwagentjes. Een duidelijke verwijzing naar het kruiwagentje van Apollo 14 (de Modularized Equipment Transporter, MET), alsook naar de achtwielige maanrobot Lunokhod 1 en de maanjeep van Apollo 15 (de Lunar Roving Vehicle, LRV).