Athyrium distentifolium

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Athyrium distentifolium
Athyrium distentifolium
Athyrium distentifolium
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Clade:Tracheophyta
Clade:Euphyllophyta
Clade:Monilophyta
Klasse:Polypodiopsida
Orde:Polypodiales
Familie:Athyriaceae (Wijfjesvarenfamilie)
Geslacht:Athyrium
Soort
Athyrium distentifolium
Tausch ex Opiz (1820)
Afbeeldingen Athyrium distentifolium op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Athyrium distentifolium op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Athyrium distentifolium is een varen uit de wijfjesvarenfamilie (Athyriaceae). Het is een typische soort van het hooggebergte op silicaatrijke bodems.

Naamgeving en etymologie[bewerken]

Synoniemen:

  • Athyrium alpestre (Hoppe) Clairv.
  • Aspidium alpestre Hoppe
  • Pseudathyrium alpestre (Hoppe) Newman
  • Athyrium alpestre subsp. americanum (Butters) Lellinger
  • Athyrium alpestre var. gaspense Fernald
  • Athyrium americanum (Butters) Maxon

In andere talen:

  • Engels: Alpine lady fern
  • Frans: Athyrium des Alpes, Athyrium alpestre

De botanische naam Athyrium is afkomstig van het Oudgriekse athyrium (kleine deur)[bron?], wat slaat op de dekvliesjes die als een deurtje aan een scharnier zijn opgehangen.

De soortaanduiding distentifolium is afkomstig van het Latijnse distentus (uitgerekt) en folium (blad), waarschijnlijk naar de langgerekte vorm van het blad.

Kenmerken[bewerken]

Athyrium distentifolium is een terrestrische varen met kruipende rizomen en in bundels geplaatste bladstelen met stevige, tot 1,5 m lange, lichtgroene, lancetvormige bladeren, aan de basis smal toelopend, tweevoudig gedeeld, de deelblaadjes van tweede orde met getande lobben. De bladsteel is veel korter dan het blad, dik en overvloedig voorzien van bruine schubben.

De sporendoosjes liggen in ronde hoopjes aan de onderzijde van het blad en zijn bedekt door zeer klein dekvliesjes met gewimperde rand, die snel afvallen. De sporen zijn rijp in juli/september.

Habitat en verspreiding[bewerken]

Athyrium distentifolium komt voor op vochtige, beschaduwde of half-beschaduwde plaatsen op min of meer zure en silicaatrijke klei-, zand- of rotsige bodem, tot op 2000 m hoogte, zoals in montane bossen (naaldbossen, beukenbossen), vochtige graslanden, bermen en op bemoste rotsen.

Verspreiding en voorkomen[bewerken]

Athyrium distentifolium komt voor in gebergtes in streken met een koud gematigd- of subarctisch klimaat van het noordelijk halfrond. Het is een vrij zeldzame plant in Europese gebergtes, maar kan gevonden worden in de Alpen, de Pyreneeën, het Centraal Massief, de Jura en de Vogezen, en verder in de bergen van Corsica, Schotland, Ierland, Scandinavië en Centraal- en Oost-Europa en Rusland.