Canadese fijnstraal

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Esculaap Neem het voorbehoud bij medische informatie in acht.
Raadpleeg bij gezondheidsklachten een arts.
Canadese fijnstraal
Canadese fijnstraal
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Clade:Campanuliden
Orde:Asterales
Familie:Asteraceae (Composietenfamilie)
Onderfamilie:Asteroideae
Geslachtengroep:Astereae
Geslacht:Conyza (Asterfijnstraal)
Soort
Conyza canadensis
(L.) Cronquist (1943)
Canadese fijnstraal
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Canadese fijnstraal op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie

De Canadese fijnstraal (Conyza canadensis; synoniem: Erigeron canadensis) is een tot 1 m hoge, maar op voedselrijke grond tot 1,5 m hoge, eenjarige plant uit de composietenfamilie (Asteraceae). De soortaanduiding canadensis verwijst naar het gebied van herkomst.

Botanische beschrijving[bewerken | brontekst bewerken]

Deze op open, zandige, ruige standplaatsen algemeen voorkomende plant heeft vele kleine 3-5 mm brede en 6 mm lange hoofdjes. Deze hoofdjes bestaan uit korte witte (een enkele maal rode) lintbloemen en gele buisbloemen.

Elk bloemhoofdje brengt duizenden zaden voort, de plant kan zich dan ook gemakkelijk voortplanten. De 1-1,5 mm lange zaadjes met vruchtpluis zijn zeer licht en worden door de wind ver verspreid. De bloei loopt van juni tot de herfst.

De rechtopstaande, dun behaarde stengel is niet of alleen aan de voet vertakt. De langgerekte, lancetvormige, grijsgroene bladeren zijn smal.

Verspreiding[bewerken | brontekst bewerken]

De plant is afkomstig uit Noord-Amerika. Reeds in 1665 werd de soort in Europa ingevoerd. De plant is sindsdien, door haar grote verspreidingskracht, over heel Europa uitgezaaid.

De plant groeit gemakkelijk op zand- en andere weinig vruchtbare grond. Door het grote aantal geproduceerde zaadjes is het een plant die gemakkelijk wortel schiet op ruderaal (verstoord) terrein.

Verwante soorten[bewerken | brontekst bewerken]

Sinds kort kunnen in de steden en dorpen van Nederland en België enkele andere soorten uit het geslacht Conyza worden gevonden, namelijk hoge fijnstraal (Conyza sumatrensis) en gevlamde fijnstraal (Conyza bonariensis). In enkele Europese steden is bovendien ruige fijnstraal (Conyza bilbaoana) ingeburgerd.

Tuin[bewerken | brontekst bewerken]

De plant wordt in veel tuinen eerder bestreden dan gekweekt. Bestrijden kan het best gebeuren door de plant net boven het maaiveld af te knippen, of voorzichtig met de hand uit te trekken, ook dan wordt de grond verstoord. Ondanks het verstoren van de grond is schoffelen vaak de beste methode, zeker bij grotere oppervlakken.

Toepassingen[bewerken | brontekst bewerken]

In Noord-Amerika werd de plant door de Navajo-indianen gebruikt tegen puisten en tegen slangengif. De Chippewa gebruikten het tegen menstruatiepijn. In de kruidengeneeskunde wordt een extract gebruikt tegen aambeien.

In de huisapotheek kan men een aftreksel maken van twee theelepels van delen van de bloeiende plant per kop water tegen menstruatiepijn, baarmoederbloeding en diarree.

Externe links[bewerken | brontekst bewerken]

Mediabestanden die bij dit onderwerp horen, zijn te vinden op de pagina Conyza canadensis op Wikimedia Commons.