Grigori Potjomkin

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Grigori Potjomkin
Prins Potjomkin van Tauride
Prins Potjomkin van Tauride
Geboren 24 september (OS: 13 september) 1739
Chivozo, Keizerrijk Rusland
Overleden 16 oktober (OS: 5 oktober) 1791
Jassy, Moldavië
Rustplaats Sint Catherine's kathedraal, Cherson, Oekraïne
Religie Russisch-orthodoxe
Land/zijde Flag of Russia.svg Keizerrijk Rusland
Dienstjaren 1761 - 1791
Rang Veldmaarschalk
Eenheid Cavalerie
Bevel Opperbevelhebber van het Keizerlijk Russisch Leger
Slagen/oorlogen Russisch-Turkse Oorlog (1768-1774)
Ander werk Militaire adviseur
Diplomaat[1]
Zijn graf in Cherson

Grigori Aleksandrovitsj Potjomkin (ook: Potemkin, Russisch: Григорий Александрович Потёмкин) (24 september (OS: 13 september) 1739) – 16 oktober (OS: 5 oktober) 1791) was een Russische prins, maarschalk, staatsman en favoriet van Catherina II de Grote. Hij is vooral bekend om zijn pogingen de steppen van de Zuid-Oekraïne te koloniseren, die na het Verdrag van Küçük Kaynarca (1774) naar Rusland waren overgegaan. Steden gesticht door Potjomkin zijn onder andere Cherson, Mikolajev, Sebastopol, en Jekaterinoslav (nu Dnipro).

Biografie[bewerken]

Grigori Potjomkin was een verre verwant van de Moskovitische diplomaat Pjotr Potjomkin. Hij werd geboren als de zoon van de oorlogsveteraan Alexander Potjomkin en zijn vrouw Daria in een dorp nabij Smolensk. In 1746 overleed Alexander Potjomkin en daarop nam Daria de leiding op zich over de familie. Voor de carrière van haar zoon verhuisde de familie naar Moskou. Aldaar ging Grigori Potjomkin naar het gymnasium en vervolgens naar de Universiteit van Moskou. Op elfjarige leeftijd, in 1750, nam hij ook dienst in het leger. Op de universiteit blonk hij uit in Grieks en theologie en in 1757 maakte hij deel uit van een studentendelegatie dat Sint-Petersburg dat jaar bezocht, maar doordat hij te weinig studeerde werd van de universiteit gestuurd en nam hij opnieuw dienst in het leger.

Op 28 juni 1762 leidde Catharina de Grote een paleiscoup tegen haar echtgenoot Peter III van Rusland. Toen ze op het op het punt stond om de keizerlijke garde te leiden in de coup bleek ze haar dragonne, een riem om haar zwaard aan het zadel vast te maken, te zijn vergeten. Potjomkin snelde vervolgens op haar toe en droeg aan haar de zijne over. Nadat de coup was geslaagd beloonde de tsarina Potjomkin. Hij werd bevorderd tot luitenant en kreeg 600 horigen en 18.000 roebel.[2]

Na een aantal maanden keerde Potjomkin terug naar het keizerlijk hof en op aandringen van zijn vrienden imiteerde hij Catharina de grote in haar bijzijn. De keizerin moest hierom lachen en weldra zou Potjomkin uitgroeien tot haar kamerheer en adviseur en later tot haar geliefde. Hij vocht vervolgens aan het front van de Russisch Turkse Oorlog en de Poegatsjov-opstand.[3]

In 1776 kwam het tot een scheiding tussen Potjomkin en Catharina de Grote. Hij behield zijn politieke functies en werd ruimhartig afgekocht. In totaal kreeg hij naar schatting van Catharina in heel zijn leven een bedrag van 53 miljoen roebel. Vanaf 1782 verbleef hij aan de Zwarte Zee waar hij een grote oorlogsvloot liet bouwen en een jaar later lijfde hij ook de Krim in. Hier liet hier het gebied koloniseren en stichtte diverse steden en dorpen.[4]

Door het voortdurend heen en weerreizen verslechterde de gezondheid van Potjomkin. In 1791 overleed hij tijdens een van zijn tochten nabij Jassy. Na het nieuws van zijn overlijden stortte ook Catharina de Grote in en zij bleef tot haar dood, vijf jaar later, treuren om zijn dood.[5]

Hij ligt begraven in de Catharinakathedraal in Cherson.

Potemkindorpen[bewerken]

In 1787 kwam Catharina de Grote een bezoek brengen aan de zuidelijke gebieden waar Potjomkin de baas was. In goud en paars geschilderde galeien zakte hij met haar de Dnjepr af en toonde haar prachtige versierde dorpen. Na haar terugkeer beweerde de Duitse diplomaat Georg von Helbig, die niet was mee geweest op de reis, dat Potjomkin aan de tsarina "Potemkin-dorpen" had laten zien: nepplaatsen die alleen bestonden uit houten façades. Hij schreef hier een artikel over in een Duits tijdschrift dat in de negentiende eeuw ook in het Engels en Frans vertaald werd.[6] Façades als deze heten sindsdien Potemkingevels, het begrip Potjomkindorpen (of Potemkindorpen) staat voor een dunne façade die inhoudsloosheid moet verbloemen.

Militaire loopbaan[bewerken]

Onderscheidingen[bewerken]