Javaanse tijger

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Javaanse tijger
Status: Uitgestorven (1978)[1] (2008)
Javaanse tijger
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Mammalia (Zoogdieren)
Orde:Carnivora (Roofdieren)
Familie:Felidae (Katachtigen)
Geslacht:Panthera
Soort:Panthera tigris (Tijger)
Ondersoort
Panthera tigris sondaica
Temminck, 1844
Javaanse tijger
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Javaanse tijger op Wikispecies Wikispecies
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Zoogdieren

De Javaanse tijger (Panthera tigris sondaica) is een van de drie ondersoorten van de tijger die zijn uitgestorven. Pas in 2008 werd deze tijger als uitgestorven gezien op de rode lijst van IUCN.

Kenmerken[bewerken | brontekst bewerken]

De Javaanse tijger verschilt van andere ondersoorten in de grootte van enkele delen van de schedel. Deze verschillen zijn groot genoeg om enkele biologen ervan te overtuigen dat de de Javaanse tijger is kleiner dan de Aziatische vasteland tijgers maar groter dan de Balinese tijger. De Javaanse tijger is samen met de Sumatraanse tijger nauwelijks verschillende van grote, alleen heeft de Javaanse tijger dunnere strepen die talrijker zijn. De neus van een Javaanse tijger was ook smaller net zoals zijn hoofd. De poten van een Javaanse tijger zijn groter van een Bengaalse tijger van diameter en ook sterker. De poten van de Javaanse tijger kunnen de poten van paarden of waterbuffels zeker breken.

Mannetjes hadden een gemiddelde lichaamslengte van 250 cm en woog tussen 100 en 150 kg. Vrouwtjes waren kleiner dan mannen en wogen tussen.

Voorkomen[bewerken | brontekst bewerken]

Aan het begin van de 19de eeuw waren er overal op Java nog tijgers. Rond 1940 waren ze alleen nog maar te vinden in de meest afgelegen bossen en gebergten. in 1970 waren er naar de mens wetende allen nog maar in de regio Meru Betiri waar de hoogste berg van het zuid-oosten van Java ligt. Dit ruige gebied met glooiend terrein was nog niet beslecht. Een gebied van 500 km 2 werd in 1972 bekendgemaakt als natuurreservaat. De laatste tijgers werden daar in 1976 waargenomen. De soort geldt sinds 1978 als uitgestorven, maar een deel van de bevolking van Java denkt dat er nog een aantal exemplaren in leven zijn. Vaak beweren mensen dat ze een tijger of sporen van een tijger hebben gezien. Waarschijnlijk worden echter sporen van panters aangezien voor tijgersporen. Er werd gejaagd op de tijgers tot ze uitgestorven waren. En zijn natuurlijke habitat werd landbouw.

Uitroeiing[bewerken | brontekst bewerken]

Premies voor de jacht op de Javaanse tijger werden in de jaren 1830 uitgegeven. Rond 1850 beschouwden mensen op het platteland het als een plaag. Het doden van tijgers nam toe aan het begin van de 20e eeuw toen 28 miljoen mensen op Java woonden en de rijstproductie onvoldoende was om de groeiende menselijke bevolking adequaat te voorzien. Binnen 15 jaar werd 150% meer land vrijgemaakt voor rijstvelden. In 1938 bedekte natuurlijk bos 23% van het eiland. In 1975 was er nog maar 8% van het bos over en was de menselijke populatie toegenomen tot 85 miljoen mensen.  In dit door mensen gedomineerde landschap werd de uitroeiing van de Javaanse tijger versterkt door de samenloop van verschillende omstandigheden en gebeurtenissen:

  • Tijgers en hun prooi werden op veel plaatsen vergiftigd in de periode dat hun leefgebied snel werd ingekrompen.
  • Natuurlijke bossen werden na de Tweede Wereldoorlog steeds meer gefragmenteerd voor plantages van teak ( Tectona grandis ), koffie en rubber ( Hevea brasiliensis ), die ongeschikte leefgebieden waren voor dieren in het wild.
  • De Javaanse rusa, de belangrijkste prooisoort van de tijger, ging in de jaren zestig in verschillende reservaten en bossen verloren door ziekten.
  • Tijdens de periode van burgerlijke onrust na 1965 trokken gewapende groepen zich terug in reservaten, waar ze de resterende tijgers doodden.

In 1960 werd de tijgerpopulatie in Ujung Kulon National Park geschat op 10-12 exemplaren. Tot het midden van de jaren zestig overleefden tijgers in drie beschermde gebieden die in de jaren twintig tot dertig waren aangelegd: Leuweng Sancang Nature Reserve, Ujung Kulon en Baluran National Parks. Na de periode van burgerlijke onrust werden daar geen tijgers waargenomen. In 1971 werd een oudere vrouw doodgeschoten in een plantage bij de berg Meru Betiri in het zuidoosten van Java. Het gebied werd in 1972 opgewaardeerd tot een natuurreservaat, er werd een kleine bewakingsmacht opgericht en er werden vier projecten voor habitatbeheer gestart. Het reservaat werd ernstig verstoord door twee grote plantages in de grote rivierdalen, die de meest geschikte habitat voor de tijger en zijn prooi bezetten. In 1976 werden sporen gevonden in het oostelijke deel van het reservaat, wat wijst op de aanwezigheid van drie tot vijf tijgers. Slechts een paar bantengs overleefden dicht bij de plantages, maar sporen van Javaanse rusa werden niet waargenomen. Een tijger gedood samen met zeven Javaanse luipaarden tijdens Rampokan in Kediri, Oost-Java, circa 1900

Na 1979 werden geen waarnemingen meer van tijgers in Meru Betiri National Park bevestigd. In 1980 werd aanbevolen om het natuurreservaat uit te breiden en de verstorende invloed van de mens op het kwetsbare ecosysteem te elimineren. De Indonesische natuurbeschermingsautoriteit voerde deze aanbevelingen in 1982 uit door het reservaat als nationaal park aan te merken. Deze maatregelen waren te laat om de weinige overgebleven tijgers in de regio te redden.  In 1987 voerde een groep van 30 studenten van de Bogor Agricultural University ( Institut Pertanian Bogor ) een expeditie uit naar Meru Betiri. Ze doorzochten het gebied in groepen van vijf en vonden tijgeruitwerpselen en sporen.

In het westen van Java ligt het Halimun-reservaat, tegenwoordig geïntegreerd in het Mount Halimun Salak National Park . Daar werd in 1984 een tijger gedood en in 1989 gevonden pugmarks waren zo groot als die van een tijger. Een expeditie van zes biologen die in 1990 werd uitgevoerd, leverde echter geen definitief, direct bewijs op voor de aanwezigheid van een tijger.  Een volgend onderzoek werd gepland in het Meru Betiri National Park in de herfst van 1992 met de steun van WWF Indonesië, waarbij voor het eerst cameravallen werden ingezet. Van maart 1993 tot maart 1994 werden op 19 locaties camera's ingezet, maar deze leverden geen foto op van een tijger. Gedurende deze periode zijn er geen sporen ontdekt die wijzen op de aanwezigheid van tijgers. Nadat het eindrapport van dit onderzoek was gepubliceerd, werd de Javaanse tijger uitgestorven verklaard.

Javaanse Tijger

Geruchten en aanwijzingen over de mogelijke aanwezigheid van tijgers in Meru Betiri National Park waren voor Indra Arinal, hoofddirecteur van het park, aanleiding om een nieuwe zoektocht te starten. Met steun van het Sumatraanse Tijgerproject werden in het najaar van 1999 12 parkmedewerkers opgeleid om cameravallen op te zetten en hun waarnemingen in kaart te brengen. Het Canadese The Tiger Foundation leverde infraroodcamera 's.  Ondanks een jaar werk fotografeerden ze geen tijger, maar weinig prooien en veel stropers. Toch zijn er altijd nog inwoners van het Indonesische eiland geweest die claimen een tijger of tijger sporen te hebben gezien. Vrijwel vaak werden deze verward met luipaard sporen, die nog op het eiland voorkomen. De kans is er zeker nog steeds dat er Javaanse tijgers nog in leven zijn op Java en dat de stropers en jagers van vroeger de berg bossen van het eiland nog niet zo goed geïnspecteerd hebben. Dan is er sowieso nog plek voor ruim zeventien tijgers op het eiland.[bron?]

Voedsel[bewerken | brontekst bewerken]

De Javaanse tijger jaagde op de Javaanse Rusa, banteng ( Bos javanicus ) en wilde zwijnen ( Sus scrofa ); en minder vaak op watervogels en reptielen. Er is niets bekend over de draagtijd of levensduur in het wild of in gevangenschap. Tot aan de Tweede Wereldoorlog werden enkele Javaanse tijgers gehouden in enkele Indonesische dierentuinen die tijdens de oorlog gesloten waren. Na de oorlog was het gemakkelijker om Sumatraanse tijgers te krijgen.

Afbeeldingen[bewerken | brontekst bewerken]