Liaoceratops

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Ga naar: navigatie, zoeken
Liaoceratops
Status: Uitgestorven, als fossiel bekend
Liaoceratops yanzigouensis
Liaoceratops yanzigouensis
Taxonomische indeling
Rijk:Animalia (Dieren)
Stam:Chordata (Chordadieren)
Klasse:Reptilia (Reptielen)
Superorde:Dinosauria (Dinosauriërs)
Orde:Ornithischia
Onderorde:Cerapoda
Infraorde:Ceratopia
Geslacht
Liaoceratops
Xu, 2002
Typesoort
Liaoceratops yanzigouensis
Afbeeldingen Liaoceratops op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie
Herpetologie

Liaoceratops is een geslacht van plantenetende ornithischische dinosauriërs, behorend tot de groep van de Ceratopia, dat tijdens het vroege Krijt leefde in het gebied van het huidige China.

Naamgeving en vondst[bewerken]

De typesoort Liaoceratops yanzigouensis werd in 2002 benoemd en beschreven door Xu Xing, Peter Makovicky, Wang Xiaolin, Mark Norell en You Hailu. De geslachtsnaam is afgeleid van de provincie Liaoning en het Klassiek Griekse keras, "hoorn" en oops, "gezicht". De soortaanduiding is afgeleid van de plaats Yanzigou.

Het holotype, IVPP V12738, is gevonden in de Yixianformatie, Jehol-groep, die dateert uit het vroege Barremien, ongeveer 125 miljoen jaar oud. Het bestaat uit een vrij volledige schedel. Daarnaast werd in 2002 een tweede specimen als paratype toegewezen, IVPP V12633, de schedel van een jong dier. In 2007 werd nog een derde schedel, van een nog jonger exemplaar, aan de soort toegewezen, specimen CAGS-IG-VD-002. Hiervan ontbreekt het schedeldak wat verklaard is door het verwijderen van het brein door een roofdier.

In 2015 werd nog een exemplaar toegewezen. Daarbij werden voor het eerst de postcrania beschreven. In 2018 werden de tanden beschreven, bestudeerd door middel van een CAT-scan.

Beschrijving[bewerken]

Liaoceratops is een kleine tweevoetige planteneter met een geschatte lengte van ongeveer een à anderhalve meter en een gewicht van een kilo of drie. De schedel van het holotype is 154 millimeter lang, van het paratype 111 millimeter. De lijn van de korte en bolle snuit loopt in een vrijwel ononderbroken kromming over in het korte nekschild op het achterhoofd dat verbreed wordt door grote openingen in de wandbeenderen die dienden als aanhechting voor de kaakspieren. De onderkaken zijn kort en hoog; de kop heeft vooraan een snavel die vooral op de onderkaken duidelijk gekromd is. De oogkassen staan iets naar boven gericht. Ieder jukbeen draagt een grote naar bezijden uitstekende hoorn, die wellicht diende om mee te pronken of vechten. Een epijugale ontbreekt echter. Liaoceratops had mogelijkerwijs een vacht van borstelharen.

Unieke afgeleide kenmerken, autapomorfieën, van de soort zijn: de beennaden tussen de maxilla, praemaxilla, de neusbeenderen en de prefrontalia raken elkaar op een enkel punt hoog op de zijkant van de snuit; het angulare van de onderkaak heeft aan de onderzijde een zijrichel met verschillende langwerpige knobbels; er bevindt zich een opening aan de achterzijde van het quadratum bij het raakpunt met het quadratojugale; aan de bovenkant van het foramen magnum bevindt zich een kleine knobbel; de achterrand van de schedelkam is sterk verdikt.

In 2015 werd gemeld dat de snuit voorop een scherpe kam draagt die naar achteren breed uitloopt.

De praemaxilla draagt drie tanden. De fenestra antorbitalis is groot en driehoekig. Het predentarium vormt een haaksnavel.

Het dentarium draagt twee tanden meer dan het bovenkaaksbeen. De tanden hebben aan de voorrand lichte groeven. De tanden staan in tandbatterijen. Sommige posities in de tandrij tonen twee generaties van vervangingstanden. Bij de vervanging werd de oude tand sterk geresorbeerd, vermoedelijk samenhangend met de groei van de kaak op zich, maar deze bleef tot zijn verlies functioneel. De vervanging vond van voor naar achter in golven plaats; het Zahnreihen-getal voor de golf, de gemiddelde afstand tussen de vervangen tanden, is 2,58. Het lijkt erop dat de vervanging symmetrisch verliep tussen beide onderkaken.

Fylogenie[bewerken]

Volgens een cladistische analyse door de beschrijvers was Liaoceratops het meest basale bekende lid van de Neoceratopia, stond dus helemaal onder in de stamboom van die groep.