Lijst van heren van Bocholt

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen

De lijst van de heren van Bocholt loopt vanaf omstreeks 1230 tot 1798. Voordien viel Bocholt rechtstreeks onder de graaf van Loon. Omstreeks 1230 gaf graaf Arnold IV van Loon een aantal dorpen, waaronder Bocholt, Grote-Brogel en Kessenich in leen aan de familie Van Born, die afkomstig was van de heerlijkheid Born.

Huis Born[bewerken | brontekst bewerken]

  • Gozewijn van Born, die ook heer van Elsloo en Kessenich was.
  • Otto I van Born, gehuwd met Catharina van Wildenberg. Catharina hertrouwde na Otto's dood in 1340 met Renier I van Schoonvorst.
  • Renier I van Schoonvorst. Deze Renier behield door list het heerlijke recht, ondanks het feit dat Otto II van Born, zoon van Otto en Catharina, en gehuwd met Joanna van Rreydenbempt, hier recht op had. In 1370 hertrouwde Renier I met Isabella van Hamel. Dit was tegen de wil van Renier's kinderen. Toen hij in 1371 in de Slag bij Baesweiler aan Brabantse zijde vocht en een nederlaag leed, werd hij door de Maastrichtenaren mishandeld en beledigd. Hij verliet het land in 1373 en stierf in 1376 op het eiland Rodos.
  • Otto II van Born stierf omstreeks 1374, waarna Joanna van Rreydenbempt het vruchtgebruik van Bocholt in handen kreeg. Zij trouwde in 1374 met Lodewijk van Reifferscheid.
  • Lodewijk van Reifferscheid.

Huis Horne[bewerken | brontekst bewerken]

  • Jan Hubert van Horne (of: Brunshorn). In 1402 waren zowel Joanna als Lodewijk gestorven en kwam de heerlijkheid in bezit van Jan Hubert, die neef was van Lodewijk en heer van Kessenich. Zo kwam de heerlijkheid in bezit van het Huis Horne.
  • Willem VII van Horne, broer van Jan Hubert, en na diens dood Heer van Bocholt. Sneuvelde in 1415 in de Slag bij Azincourt.
  • Jan van Bunde, zoon van Jan Hubert, deed verheffing in 1415. Hij was gehuwd met Filippine van Heinsberg, natuurlijke dochter van Jan van Heinsberg, die in 1419 prins-bisschop van Luik werd. Jan van Bunde stierf kinderloos. Er ontbrandde een strijd waarbij Jan de Wilde, neef van Jan van Bunde en Heer van Kessenich, met steun van de bevolking van Luik, een conflict aanging met de nieuwe prins-bisschop, Lodewijk van Bourbon. Ook Otto van Bunde eiste zijn recht op en kwam in conflict met Lodewijk. Uiteindelijk werden zowel Jan de Wilde als Otto van Bunde geëxcommuniceerd.
  • Otto van Bunde, broer van Jan, deed in 1458 afstand van zijn rechten ten voordele van Jacob I van Horne, en Jan de Wilde deed dat in 1464. Jan de Wilde stierf tijdens het beleg van Luik in 1468.
  • Jacob I van Horne
  • Jacob II van Horne
  • In 1502, bij het aantreden van Jacob III van Horne als graaf van Horn, kwam Bocholt als bruidsschat aan Everhard van der Marck en zijn gemalin Margaretha van Horne. Dit besloot het conflict tussen het Huis van der Mark en het Bourgondischgezinde Huis Horne. Everhard stierf in 1532 en Bocholt bleef in bezit van het huis Horne.
  • Jan van Horne, tot 1540.
  • Filips van Montmorency, welke onthoofd werd in 1568. Hierna was nog sprake van de echtgenote van Filips, Walburgis van Nieuwenaar, gravin van Meurs, die ook in Bocholt het protestantisme wilde invoeren. Zij wenste testamentair dat graaf George Everart van Solyns haar opvolger zou worden en waarbij Bocholt in der christelycke gereformeerde religie zou moeten worden gebracht. Dit leidde reeds onder Walburgis tot volksverzet en werd niet gerealiseerd.
  • Eleonora van Montmorency, zuster van Filips, huwde in 1560 met Antoon II van Lalaing, en kwam in 1575 in bezit van Bocholt.

Huis Lalaing[bewerken | brontekst bewerken]

Huis Bocholtz[bewerken | brontekst bewerken]

  • Arnold van Bocholtz, domproost te Hildesheim en aartsdiaken van Luik, vanaf 1601
  • Godart van Bocholtz, zoon van Willem van Lalaing (1522-1595) en Ode van Cortenbach. Hij was weduwnaar van Margriet van Boesberg en hertrouwde in 1604 met Margriet van Croesbeek.
  • Jan Willem van Bocholtz, zoon uit Godarts eerste huwelijk. Huwde met Anna van Hoensbroeck. Het echtpaar had acht kinderen. Eén daarvan was Agnes Odilia, die huwde met Otto Louis de Blanckaert, die Heer van Guigoven was. Na Jan Willems dood werden de bezittingen verdeeld onder de erfgenamen.
  • Joanna Theresia Clara van Bocholtz verkreeg Bocholt in 1683. Zij huwde met een graaf van Lannoy. In 1730 stierf zij kinderloos. Het echtpaar richtte in 1715 het poortgebouw van de Damburg op.
  • Na 1730 was het onduidelijk wie de rechten zou krijgen. Een zoon van baron De Blankaert werd aangewezen, mits deze met een dochter van baron van Fürstenberg zou huwen.
  • Gravin de Fresing, nicht van Joanna Theresia.

Huis Fürstenberg[bewerken | brontekst bewerken]

  • Maria Alexandrina van Fürstenberg.
  • Clemens Lotharius van Fürstenberg was heer van omstreeks 1760 tot 1791.
  • Francis Clemens van Fürstenberg was heer van 1791-1798. In dat jaar werd het feodalisme opgeheven en kwam een einde aan de heerlijkheid.

Externe link[bewerken | brontekst bewerken]