Mahonia

Uit Wikipedia, de vrije encyclopedie
Naar navigatie springen Naar zoeken springen
Mahonia
Mahonia bealei
Mahonia bealei
Taxonomische indeling
Rijk:Plantae (Planten)
Stam:Embryophyta (Landplanten)
Klasse:Spermatopsida (Zaadplanten)
Clade:Bedektzadigen
Clade:'nieuwe' Tweezaadlobbigen
Orde:Ranunculales
Familie:Berberidaceae
Geslacht
Mahonia
Nutt. (1818)
Afbeeldingen op Wikimedia Commons Wikimedia Commons
Portaal  Portaalicoon   Biologie

Mahonia is een geslacht van struiken uit de berberisfamilie (Berberidaceae). Het geslacht Mahonia is genoemd naar Bernard M'Mahon of McMahon (1775-1816), een Amerikaanse botanicus. Het heeft dus niets te maken met de houtsoort mahonie. Er is geen overeenstemming of dit geslacht het verdient erkend te worden of dat het ingevoegd moet worden bij het geslacht Berberis. De 23e druk van de Heukels kiest voor dit laatste. Indien erkend telt het een 70-tal soorten.

De soorten in het geslacht Mahonia zijn groenblijvend. Het zijn langzame groeiers.

De bladeren zijn samengesteld. Ze onderscheiden ze zich van Berberis door hun grote geveerde bladeren. De geveerde bladeren zijn 10-50 cm lang en bestaan uit 5 tot 15 deelblaadjes, die aan de punten vaak voorzien zijn van scherpe stekels.

De bloemen staan aan 5-20 cm lange stelen.

Het geslacht komt van nature voor in Oost-Azië, de Himalaya, Noord-Amerika en Midden-Amerika.

In België en Nederland komt slechts één soort in het wild voor, namelijk de mahonie (Mahonia aquifolium, synoniem: Berberis aquifolium). Deze soort stamt oorspronkelijk uit het gebied langs de westkust van Noord-Amerika, maar is in Nederland en België uit tuinen en parken verwilderd.

Tuin[bewerken | brontekst bewerken]

Naast Mahonia aquifolium treffen we in tuinen en parken vaak M. japonica, of Japanse mahonie en M. bealei aan.

Voor gebruik in de tuin zijn een aantal rassen gekweekt. Cultivars zijn:

  • M. aquifolium 'Apollo' (ook wel druifstruik genoemd, hoewel ook andere soorten zo genoemd worden)
  • M. aquifolium 'Smaragd'

Gebruik[bewerken | brontekst bewerken]

De blauwzwarte bessen zijn eetbaar, rijk aan vitamine C, maar hebben een zeer scherpe smaak.[1] De bessen worden ook tot marmelade en vruchtensap verwerkt.

Taxonomie[bewerken | brontekst bewerken]

Een beperkte selectie uit de ongeveer 70 soorten:

Noord- en Midden-Amerika
Azië